dinsdag 6 juli 2010

Voetbalvogels



De blik van die man, likkend aan een ijsje, líjkt die nu zo dwars of is het verbeelding? 'Kijk mij hier nu, ik ben een man, ik loop op straat en lik aan een ijsje, kijk maar goed, jaja, ik ben een zeldzaam exemplaar.'

Naast hem bevolken alleen vogels nog het park. De kroeg waar ik heen wil is gehuld in oranje en de televisie staat er op straat. Het andere café is dicht. Er zit niks anders op dan me te verschansen in het verlaten plantsoen.

Daar zien meeuwen hun kans schoon en pikken pizzaresten uit de dozen die overbleven na een studentenpicknick, een paar uur eerder, toen het park nog vol was. Ganzen dobberen in de vijver, de straten zijn verlaten. Ik vraag me af of de vogels zo hard zingen omdat ze de voetbaltoeters willen overstemmen of omdat ze eindelijk eens het rijk alleen hebben. Op mij en de ijslikker na dan.

Geen opmerkingen: