donderdag 10 oktober 2013

Koppensnellen, Turken, eenzaamheid

'Niemand is eenzamer dan Nederlandse Turk'

Dat is waarmee ik dinsdag mijn dag begon. Want daarmee kopte mijn ochtendblad op de voorpagina. Trouw wordt die elke morgen rond zeven uur met een brommertje bij mij bezorgd. Waarom ik weer een abonnement nam weet ik niet. Ook niet of men mij hiervoor op straat, via internet of per telefoon had gestrikt. Wel kreeg ik twee welkomstkadootjes. Het tablet ging na een vergeefse aanzwengelpoging weer keurig terug in het doosje. De 'Verzamelde gedichten' bleven ook ongelezen en kunnen beter door naar de kringloop. Hoewel de in pastelkeuren gehulde ruggetjes van Judith Herzberg, Ida Gerhardt en Eva Gerlach nu wel mooi gezusterlijk in mijn kast staan.

Dinsdag was het. Acht oktober. Staat op de krant die ik net uit de auto viste. Mijn vijftienjarige Berlijns bezoek sliep na nachtelijke bakbezigheden een gat in de dag en de, eveneens vijftienjarige, stagiair was nog niet gearriveerd.
Even tijd voor mezelf.
Koppensnellen:
'Malala, haar boek is uit en haar school staat er goed bij', 
'Groots eerbetoon overleden rabbijn' 
en dus ook een artikel over de eenzame Turkse medelanders.

Bij de rabbijn en Malala staan foto's. Ranke vingers van heren onder brede hoeden en daartussen de suggestie van een wit keppeltje. Meisje Malala (dat Pakistaanse meisje dat met zuur werd aangevallen, of was het een bom die haar bijna het leven ontnam? Omdat ze opkwam voor het recht op onderwijs voor meisjes) heeft geen keppeltje maar een hoofddoek. Met haar mooie asymmetrische gezicht, door Londens plastisch chirurgen prachtig gerepareerd, kijkt ze als een volwassen vrouw in de camera. Naar de toekomst.
Dat doet de vrouw op de tekening er onder niet. Om haar nek hangt een sierlijke ketting, de tekenaar heeft hiermee vast haar Turks-zijn, of haar eenzaamheid willen benadrukken. Met neergeslagen ogen zit ze in kleermakerszit onder een glazen stolp. Zo eentje die bij mijn oma over de koperen klok op het theekastje stond. Boven de stolp een maantje en een sterretje. Het haar hangt los over haar schouders.

'In de beeldvorming doen ze het altijd heel goed, maar die blijkt volgens RIVM onjuist', is de ondertitel. Verder wat cijfers en vergelijkingen. Ene Achmet noemt het 'schokkende cijfers' (wat moet ie anders zeggen?).

Maar kan 'beeldvorming' wel onjuist zijn? Het gaat toch om een 'beeld'?
En is 'het goed doen' eigenlijk wel in tegenspraak met 'eenzaamheid'. Alsof depressie is voorbehouden aan werkloze, niet geïntegreerde, kinderrijke en/of op straat zwervende immigranten.

Op de radio hoorde ik eens over een onderzoek in Duitsland waarbij de beeldvorming over Turken werd gepolst. Veel Duitsers vonden Turken crimineel. 'Schokkende cijfers' zal er ook toen vast zijn gezegd. Depressieve Turk, criminele Turk, allemaal even schokkend.

Maar ook daar: hoe kom je zulks nu te weten? 'Hoe crimineel vind u Turken? Antwoorden op een schaal van 1 tot 10.' Misschien hoef je om te antwoorden geen Turk te kennen. Of er zelf één te zijn. Als mij wordt gevraagd of ik Turken eenzaam vind, zal ik dat nu ook beamen.

Is eenzaamheid' een gemis? Van iets of van iemand? Of is het een naar gevoel waarvan de oorzaak wordt gezocht in dat gemis. En het idee dat dat iets of die iemand er wel zou moeten of kunnen zijn. Of de overtuiging dat anderen dat wel hebben. Die dus niet eenzaam zijn.

Op de buis kwam Turkije ook voorbij. Jonge Turken die remigreren. Of dat komt omdat Nederland xenofober wordt weet ik niet. Dat was wel zoals die Turken het voelden. Maar een economische groei van zes procent, zoals in Turkije, is natuurlijk ook een mooie worst om achterna te lopen. Wat me vooral bijbleef, was een jong stel dat de 'hulp' van ouders, schoonouders en buren was ontwend. Ze ervoeren het soms als gebrek aan privacy, als bemoeizucht. Hun kind van een jaar of tien chatte dagelijks met zijn Amsterdamse voetbalvriendjes.

In Istanbul (volgens veel Turken het Sodom en Gomorra van hun land), is tegenwoordig zelfs een heuse Hollandse friettent. In de hippe winkelstraat Istiklal Cadesi. Deze weg, waar op elke avond naar hartenlust wordt geflaneerd, komt uit op het Taksimplein. Hetzelfde plein dat kort geleden nog het toneel was van wekenlange sit-ins en demonstraties. Voor meer vrijheid, of tegen het inperken daarvan.

Diezelfde vrijheid drukt soms zwaar op schouders van immigranten. Ook op de niet-Turkse. Trouwens ook op die van autochtonen. Maar als je nooit elders hebt gewoond, kun je emigratie ook niet als oorzaak van je eenzaamheid aanmerken.
Misschien maakt verlangen wel eenzaam.
Naar elders, naar vroeger.  
'Daar was alles beter' of 'Vroeger was alles beter'.

We rijden richting werk.
De stagiair ziet de krant op het dashbord liggen.
Lees je de krant?, vraagt hij.
'Mijn opa leest ook altijd de krant.'

3 opmerkingen:

bentenge zei

Sjonge. Nu lees ik dit logje net nadat ike r eentje schreef omtrent "freedom!". Veel luchtiger dan ik het oorspronkelijk bedoelde. Want ik wou in eerste instantie het logje eindigen met een directe vraag: wat is "freedom" voor jou? Maar het draaide dus anders uit. Dat is het fijne aan schrijven. Dank je wel voor bovenstaande post Lehti.

LEHTI zei

dank je bentenge.
Mij verging het net zo. Ik wilde schrijven over 'kijken'. Waarom zijn vingers van Joodse kolonisten zo dun, waarom kijkt Malala wel en de Turkse dame niet in de camera. Zien we wat we zien of wat we willen zien en waarom is dat zo? Dat veel nieuws tegenwoordig wordt ontdaan van alle nuance, het moet kort, snel, (v)luchtig. Maar zo is het kennelijk ook goed. :-)

Olive zei

weer eens danig genoten van deze post. Wat is wat en waarom is dat zo?
En vooral.... nou ja... we lachen eens graag.... "mijn opa leest ook altijd de krant" :-) :-) :-)