woensdag 11 maart 2015

Bij een huwelijk horen veters

Ik ben dol op tweedehands. Zit en loop graag daar waar andere mensen op zaten of liepen. Kijk naar wat anderen hebben bewonderd en hebben aangeraakt. Op jacht naar dingen die ik niet zoek of nodig heb maar wel fijn zijn. Zoals in een consumptiemaatschappij gebruikelijk is.

Dat de crisis toeslaat is te merken aan de inbreng. Ook in de kleding. Waar voorheen twintig procent van de afdankertjes kon worden hergebruikt, is dat nu nog maar tien procent. Wat dan de vraag met zich meebrengt: als de criteria aan de achterdeur naar beneden worden bijgesteld ("Deze broek kan nog best een jaartje mee"), zou dat aan de voordeur dan ook gelden? Is voorheen onverkoopbare kleding nu opeens weer acceptabel? Einsteins relativiteitstheorie kan ik niet navertellen, maar als het om kleding gaat, snap ik 'm best. En voor geld geldt de theorie ook. En smartphones. Eigenlijk alles.

Mannen zouden hun kleding afdragen, vrouwen zijn eerder -heel eufemistisch- 'aan iets nieuws toe'. Vorm ik de uitzondering op die regel? Onder mijn oude vesten draag ik weliswaar een heuse werkbroek met knielappen, maar tweede Hans merkte onlangs terecht op dat die zwarte broek er na een witte schilderklus, niet bijster professioneel meer uitziet. Wellicht is het iets met tering en nering. Zocht ik werk dat een alibi verleent aan mijn voorliefde voor afdankertjes. Maar aan dat alibi zit kennelijk ook een limiet.

Een schoenenfetisj is me ook vreemd. Wat meestal aan mijn voeten prijkt, kreeg ik in handen doordat de buurvrouw zo enorm geilde op mijn nieuwe tahin, dat ze voorstelde haar schoenen te ruilen voor deze Afrikaanse pan. Intussen stooft zij hierin al jaren mals lamsvees en banjer ik gelukkig door de dagen op haar onverwoestbare bergschoenen.

Onlangs nam ik bij een wandeling zelfs even mijn jongens op mijn rug ter voorkoming van natte pootjes. Toen ik een week later hetzelfde rondje met mijn ouders maakte, liepen zij met opgerolde broekspijpen om de plassen heen. Al wachtend friemelde ik behaaglijk met mijn warme, droge tenen. Zo lekker, zo als gegoten.

De strakheid van de veters is wel essentieel. Als die te strak zitten, voelen mijn enkels na verloop van tijd koud aan. Maar te slap is ook niet goed. De wrijving die dat geeft leidt weer tot ander ongemak. De veter, bedacht ik, terwijl ik bij tweede Hans, met zijn tweedehands schoensmeer mijn bijna tot op de draad versleten schoenen poetste, dat is een geniale, tijdloze uitvinding. Zoiets zou men moeten bedenken voor relaties. Die soms ook knellen, of juist zwabberen. De boel loshalen en opnieuw rijgen is dan het devies. Zo dacht ik, terwijl ik twee nietjes aan de uiteindes van het schoensnoer deed. Want anders kreeg ik de veters niet meer door de koperen lusjes.

Maar ja, dacht ik ook.
Een veterdiploma heb ik niet.


6 opmerkingen:

  1. Ik kan geen deftige schoenenzaak passeren zonder binnen te willen gaan, maar veterspecialist maakt me dat nog niet.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Je verhaal heb ik 2 keer gelezen en me vermaakt. Meerdere keren je verhaal geopend en me afgevraagd wat ik zou zeggen.
    Pas vanmorgen vond ik de titel het meest pakkend.
    Dat ze zoiets niet standaard bij de gelofte vertellen, dat ene zinnetje van jou: bij een huwelijk horen veter.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. @ bentenge, dat maakt u vast een gentleman als echtgenoot, jij gaat voor charme, goed voor de dag komen. Groet van uw schoenveter relatietherapeute ;-)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. @appelvrouw, "Niet de steun in voor en tegenspoed vraag ik u, alvorens het jawoord te geven, maar de bereidheid bij wrijvingen uw eigen schoen eens te checken, wat is hierop uw antwoord?"
    Ik heb al nooit veel opgevat met het boterbriefje... maar met zo'n gelofte ren ik nog sneller de kerk uit (op blote voeten uiteraard).

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ja mooi!
      Ik ben ook wel voorstander van je in te leven hoe de schoen van je gewenste partner voelt. En misschien is het beter elkaars schoenen te veteren in plaats van de kussen.
      Op blote voeten zouden veel huwelijke het langer volhouden veronderstel ik.

      Verwijderen
  5. Ja bergschoenen strikken is een vak apart. Daar moet eigenlijk een apart veterdiploma voor worden ingevoerd. Ik koop vooral goede kleding die langere tijd meegaan, dus niet goedkoop maar liever wat duurder zodat er na een jaartje nog geen gaten in vallen.

    BeantwoordenVerwijderen

Leuk dat je hier komt lezen! Nog leuker als je laat horen wat je er van vindt.