Posts tonen met het label vrij. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vrij. Alle posts tonen

maandag 21 mei 2018

Over slakken, parkeren en de pinksterbedoeling

Bij generatiegenoten zal op een mooie Pinksterdag als deze ongewild het gelijknamige liedje van Annie M.G. Schmidt omhoog ploppen. Het plukken van madeliefjes en het voeren van eendjes spreekt nu eenmaal meer tot de verbeelding dan 'Het uitstorten van de Heilige Geest'. Misschien moet ik mijn gelovige zoon toch eens vragen wat daar precies mee wordt bedoeld. Hoewel hij gister na zijn gebruikelijke kerkuitje minder vrolijk terugkwam dan gewoonlijk. Hij zei meer met God dan met Jezus te hebben en plofte neer op mijn troon in de tuin.

Mij verging het vanmorgen vroeg, na een rondgang door de tuin, net zo. Ik trof er sporen aan van voorbijtrekkende wezens, die zelf in geen velden of wegen te bekennen waren. Dat kon ik De Heilige Geest vast niet aanrekenen. Maar er moest toch iets zijn.

Wat daar verder ook van zij, het is een vrije dag. Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik me daar met Hemelvaart weinig van aantrok. Voordeel van vrije dagen is dat je dan ook vrij kunt parkeren.

Het toeval wil dat ik de laatste weken in de straat klus waar ik zelf twaalf jaar woonde. Die vertrouwdheid maakte dat ik me niet afvroeg waarom er opeens zo veel ruimte was om mijn klusbus te stallen, en het er nu eens niet volstond met vehikels van forenzen die er 's morgens hun vouwfietsje uit de achterbak halen om vanaf daar hun weg te vervolgen naar Rug of Umcg. Ik verbaasde me wel  over zaken die gelijk waren bleven.

De hoeveelheid studentenfietsen bijvoorbeeld, een afgetrapte buitenspiegel en natuurlijk 'Mevrouw Helderder'. Een bijnaam ontleend aan 'Pluk van de Petteflet'. Zoals M.G. Schmidt's personage altijd een spuitbus bij zich had, zo was mijn voormalige buurvrouw vergroeid met haar bezem. Elke dag, ook met Kerst, Hemelvaart en Pinksteren stond ze haar stoepje te vegen. Hopend op een postbode of buur om een praatje mee te maken. Ook nu zag ik hoe ze de man staande hield die ons huis had gekocht. Zij leunde al babbelend op haar bezem, en hield in beide handen een volle vuilniszak. De dag na Hemelvaart was zijn vrouw de klos. Die had een jengelend kind dat aan haar arm trok. Maar, net als toen ik in het huis woonde waar het kind heen wilde, was het nu nog steeds onmogelijk om je los te rukken van Mevrouw Helderder. Mijn vrolijkheid over de verlossing van deze buurvrouw was van korte duur want toen ik de straat uitreed ontwaarde ik een  papiertje op mijn voorruit. Veegvrouwtjes veranderen niet, gemeentelijke parkeerverordeningen wel. 


In mijn huidige tuin maken tegels steeds meer plaats voor groen. Of eigenlijk meer 'groente' dan 'groen'. Het is altijd weer een verrassing of dat lukt. Vorig jaar was ik dolblij dat de boontjes ondanks de slakkenplaag anderhalve meter hoog waren geklommen. Maar ze stonden te dicht bij de heg en daar, in heggen, schijnen mussen graag te vertoeven. Die zijn ook dol op bonen. Op het eten van slakken heb ik helaas nog geen vogel betrapt. Het zou me een hoop werk schelen.


Dit jaar plantte ik de bonenstekjes dus ver weg van de heg en schattige mussen. Maar anderhalve meter gaan ze nu niet halen want in mei vieren slakken feest. Met heerlijke verse radijsjes die net boven de grond uitsteken, malse courgettebladeren en net ontkiemde wortelzaadjes. En, zoals dat gaat op feestjes, het meest gewild is natuurlijk dat wat het verst is, in dit geval de top uit de plant. Verder groeien is dan lastig.

Bij sommige planten groeien er na zo'n onthoofding vrolijk nieuwe scheuten naar alle kanten. Zo geeft basilicum veel meer opbrengst als je het stelselmatig topt. Maar dan moet het plantje wel eerst tot wasdom kunnen komen. Naast bonen en basilicum werd ook de zelf opgekweekte courgette met de grond gelijk gemaakt. Letterlijk. Waarop ik, in een halsstarrige poging de strijd met de slak te winnen, de bodem uit een emmer sneed, deze om een nieuwe courgette heenzette en er zout omheen strooide. Wie weet werkt het.

Tijdens het schrijven van dit logje belde mijn huidige buurvrouw. Met een van pijn vertrokken gezicht gaf ze me haar huissleutel. Of ik haar hondje even wilde uitlaten. Misschien is Pinksteren daar wel voor bedoeld. Met een hond uit wandelen gaan. Samen met mijn zeventienjarige zoon. Die dan madeliefjes plukt en ze vervolgens uitstrooit over de aarde.

dinsdag 5 januari 2016

Frozen

Als je na het douchen je haar in een knoet draait, er een strakke muts overheen trekt en dan op vijf januari 2016 in Groningen de straat op gaat, ziet je haar er bij thuiskomst uit als dat van de hoofdpersoon uit bovengenoemde film.

Die film zag ik niet. Maar ik kan me voorstellen dat die lijkt op het Groningen van vandaag, maar dan met iets meer verhaallijn er in. Dat verhaal moet de lezer er vandaag zelf maar bij bedenken, van mij krijgt u alleen de plaatjes. Die ik op advies van mijn nicht uit Hoorn maakte. Met wie ik eigenlijk naar Amsterdam zou.

Haar tweede tip: 'Ga chocomel drinken in de stad', had ik ook best willen opvolgen, maar de grote vraag is hoe daar te komen. In de stad. Nu er geen bussen rijden en fietsen schier onmogelijk is.

Straatschaatsen is mijn enige uitweg. Dan maak ik een zelfbedachte tocht: 'De F-rozen route'. Langs de monsterfiets, kattensneeuw, spookpegels, een sleestalling, ijsknijpers, een frozen strawberry, verstopte en vergeten groente en niet te vergeten een ijsroos.





















Sprookjes bestaan.








dinsdag 30 december 2014

Vrije worsten en donuts (2)

Een toenmalige vijand van de DDR, die uit zijn gevangenschap werd vrijgekocht en daarna anderen hielp om naar het vrije westen te vluchten, zegt in de documentaire dat hij drie aanslagen overleefde.  Zijn vriend en zijn vrouw verlinkten hem, er was een Ghanese rivaal in de liefde in Boekarest, giftig eten in Londen en hij noemde zelfs de Zuid-Afrikaanse Swapo. James Bond is er niks bij.

Frau Tunker droeg een munt met Kennedy's beeltenis tijdens haar vlucht. Riekt naar heiligenverering. Ze kan nu, vijftig jaar later, op zoek naar de Tsjech die haar destijds hielp. Ook de Ossie die mensen hielp vluchten en de Wessie die informatie naar de DDR doorspeelde kunnen hun verhalen navertellen. Kennedy zelf werd vijf maanden na zijn speech vermoord. 'Freedom has many difficulties'. 

Toch ben ik blij in vrijheid te leven.

Om te kunnen kiezen of je de feestdagen met anderen viert. Of liever alleen.
Vrijheid om naar Curaçao te vliegen en het risico te nemen te worden geprikt door een Aziatische tijgermug. Of niet.
Vrij om kunnen lezen dat bewoners van Damascus een fietstocht houden om geld in te zamelen tegen kinderkanker. Ja, in Syrië. Omdat dat daar kennelijk ook kan.
Om kinderen op de wereld te willen schoppen, of juist niet.
Vrij om bij de buren aan te bellen om samen een kop thee of koffie te drinken
Vrij om kennis te vergaren, te dromen, om te geloven wat je wilt en te gaan waar je wilt.
Of om jezelf zo vreselijk vol te vreten met worst en donuts, dat je eigen lijf je die vrijheid weer ontneemt. En de roep klinkt om van overheidswege het vrije aanbod van de vrije markt in te perken. Vrijheid is nu eenmaal niet vrij van moeilijkheden.

Sommigen menen dat deze vrijheid fake is. Omdat onze muisklikken worden geteld en onze digitale vrienden digitaal zouden worden gefouilleerd. Dat we aan de ketting van het Kapitaal liggen. Maar dat heeft dacht ik al eens eerder iemand beweerd.

Ik voel me vrij. Of, anders gezegd:

”Ik hoop niets. Ik vrees niets. Ik ben vrij.” *










*Δεν ελπίζω τίποτα. Δε φοβούμαι τίποτα. Είμαι λέφθερος. Opschrift op het graf van Nikos Kazanthakis. Hem werd een kerkelijke begraafplaats ontzegd. Kazanthakis overleed, zes jaar voor Kennedy's toespraak, in -what's in a name-:
Freiburg.

maandag 29 december 2014

Vrije worsten en donuts



De VPRO serie 'Speeches' ging zondag over die beroemde van J. F. Kennedy in Berlijn.
-ik hoor het u met de steekwoorden Speech-Kennedy-Berlijn al bijna mompelen- 
"Ich bin ein wurst."
Want dat is wat de Amerikaanse president geloof ik zei. Maar misschien was Kennedy toch geen zoute, maar meer een zoete man, met een zachte, romige binnenkant. Een soort van Duitse donut dus.

Althans, dat is wat google van Ein Berliner maakt.

Worsten of donuts, mijn buikje is inmiddels rond. Met soep. Gemaakt van de zeewier uit de bedeling van appelvrouw, een pakje uit een van mijn twee kerstpakketten (toch knap, als zelfstandige), de laatste wortels uit de inmiddels bevroren tuin en, om het af te maken, geraspte kaas uit het restant van het kerstschranzen in 'Klein Zwitserland', zoals het daar in Holstein heet. Waar ik net was met mijn ouders uit Amsterdam. En mijn Berlijnse nichtjes. Met wie ik deze zomer langs de plek slenterende waar ruim een halve eeuw eerder Kennedy tot de wereldpers sprak. Ook deze zomer stonden er tribunes klaar. Aan de vrouw die ons crêpes verkocht vroeg ik wat er loos was. Men hoopte daar een dag later 'die Mannschaft' te inaugureren.

Toen Kennedy er sprak, zo hoorde ik gister, liep daar een andere vrouw. Ene Brigita Tunker. Ze wilde te graag de speech van Kennedy horen en belandde daarvoor in de cel. Toen besloot ze om -Diese Wut bleibt einfach da- een vlucht naar het Westen te wagen.

Op dat podium zei Kennedy om zelf naar Berlijn te komen. Om te kijken. Om met eigen ogen te kunnen zien. Hij was zich bewust van de wereldpers die hem omringde. De Brandenburger Tor was bedekt met rode lappen om Oost-Berlijn aan zijn zicht te onttrekken, en om Tunker en andere Ossies te beletten Kennedy te horen.
'Freedom has many difficulties' en 'Democracy is not perfect' zei hij. (Kom daar tegenwoordig nog eens om. Relativering is al lang uit de mode). Wat Kennedy niet wist, was dat de Stasi niet alleen achter de muur was, maar ook naast hem op het podium stond. Kennedy keek. Maar kon niet zien.

Ene William Borm, zo werd pas vier jaar na zijn dood in 1991 bekend, was niet alleen lid van de West-Duitse bondsdag, maar ook spion van de Oost-Duitse geheime dienst. En hij was niet de enige. Zo zei de man die destijds voor Borm werkte en ook een dubbelleven leidde. 'Doordat in West-Duitsland niemand wist van zijn werk voor de Stasi, 'voelden zijn vrienden in Oost voor hem als familie'. Wie ben je nog als je niet kan zeggen, niet kan zijn wie je bent?

(Vervolg)