vrijdag 16 mei 2014

P & W en de ontwrichting van het groene gras

Christine Otten heeft een boek geschreven over Winny, Nizar en hun liefdesbaby Rafael maar vooral over hun moeilijke weg om samen te kunnen zijn. En zo zagen we bij Pauw en Witteman het gezicht achter de onheilstijding van Opstelten. Die het had over een enorme toename van vreemdelingen.

Er werd geopperd om het boek aan alle Tweede Kamerleden cadeau te doen. Een nobel streven, maar ik heb niet de illusie dat er enig kruid is gewassen tegen termen als 'ontwrichting van de maatschappij' die Frans Timmermans bezigde. 'Iedereen wil wel een van negen tot vijf baan' voegde hij er aan toe. Ik kon de zestien miljoen onderbuiken bijna horen. Zelfs Otten kon niet op tegen dergelijke retoriek en gaf de minister in een onbewaakt moment gelijk: 'Ja, dat is natuurlijk zo, maar...'

Aan tafel bij Pauw en Witteman wilde Timmermans zich ook niet van zijn slechtste kant tonen (hij heeft vast meer mediatraining gehad dan Otten). Hij beaamde op zijn beurt dat er achter de cijfers, afzonderlijke verhalen van mensen schuilgaan. Het was dan ook niet zijn bedoeling om de arme vluchtelingen, maar juist de slechteriken aan te pakken, de mensensmokkelaars. Kijk, daar kunnen we wat mee: een onderverdeling maken tussen de good en de bad guy. Arme vluchtelingen versus op geld beluste gemenerds. Hoeft de kijker tenminste niet met zijn geweten in de knoei te komen.

Maar het echte nieuws kwam van de Brabanste kapster Winny zelf. Ze vertelde over haar Tunesische schoonmoeder. Die kwam op familiebezoek in Nederland en hoewel ze een toeristenvisum voor drie maanden had, was ze na een maand alweer liever naar huis gegaan.

Ik ken veel schoonmoeders als die van Winny. Wie zelf ervaart hoe het leven hier is, ziet het groene gras al gauw verdorren. Maar als je tienduizend dollar hebt betaald, waar de rest van de familie wellicht ook nog krom voor heeft gelegen, keer je iets minder makkelijk op je schreden terug. Al was het alleen maar om je gezicht te redden.  

Mijn Iraanse vriendin G. probeerde vorig jaar haar zwager ervan te weerhouden naar Europa te komen. Hij had er jaren voor gewerkt en gespaard. Zijn tocht naar het beloofde land was een obsessie. G. had gepraat als Brugman, niet alleen om hem de gevaarlijke tocht te besparen, maar vooral omdat ze wist wat hem hier te wachten stond. Maar ze snapten het niet, werden zelf een beetje boos, want waarom bleef zij zelf dan eigenlijk in Nederland? Wilde zij soms, als enige familielid dat Europa in mocht, al die rijkdom voor zichzelf houden?

De smeekbede van G. hielp niet. Maar haar zus en zwager veranderden wel van gedachten na een vakantieweekend in Istanbul. Het was er vreselijk, nog erger dan in Iran. Bij thuiskomst besloten ze hun tienduizend dollar anders te investeren.

Voor velen die buiten 'fort Europa' wonen is het onbegrijpelijk dat er hier geen goud uit de kraan stroomt. Hoe groter de slotgracht, hoe begerenswaardiger het fort. Maar andersom gaat die vlieger ook op. Politici als Timmermans en Teeven werken er zelf hard aan mee. Landen waar vluchtelingen vandaan komen zijn onderontwikkeld en arm. Rechts hanteert het beeld van gelukszoeker, links houdt het meer op arme stakkerds. Van Marokko tot Egypte. Van Syrie tot India.

Daarom was ik zo blij dat er uit Syrië eindelijk ook weer eens beelden van een school, een markt, dansende jongeren en een kinderklerenkast te zien waren. Jazeker, de mortieren in de verte kon je horen, maar intussen vonden de olijven op de markt gretig aftrek. Net zo min als hier goud uit de kraan komt, woont daar iedereen in een tent.

Het voordeel van Rafael is dat hij straks het Tunesische en het Nederlandse gras kent.
Kan hij zelf ruiken aan zowel de jasmijn als de tulp (je weet wel, die bloem uit Perzië)

4 opmerkingen:

bentenge zei

Ik vind het een heel moeilijk thema. Het menselijke in het geheel van onze zorg(het stromende goud zeg maar)maatschappij. Maar dat het systeem op zijn limieten botst is wel duidelijk. Mooi stukje Lehti. Doorvoeld, doorleefd. Jezelf op je best.

LEHTI zei

'het' systeem' botst op welke limieten bentenge? Een limiet is een grens. Daar kun je overheen. In Europa denkt men dat je een grens dicht, dichter, dichtst. Dat we mensen kunnen tegenhouden. Willen tegenhouden. Ik twijfel aan het laatste maar ook al zou je het willen, het kan niet. Dat is een illusie. Sinds het bestaan van de mensheid zijn mensen daarheen getrokken waar ze meenden het beter te hebben. Daar doe je niks aan. Hoe hoger de muur, hoe dichter de grens, hoe meer de gedachte dat het hier beter is wordt gevoed. Wij geloven het zelf ook. Maar het werkt averechts.

bentenge zei

Nee, je kunt geen mensen echt tegenhouden, waar een wil is is een weg. Maar wat je zelf aanhaalde in je stukje... de limiet die ik zie manifesteert zich volgens mij wel sterker. Althans in belgië is het zo dat de "particulier/prive"jobaangroei enkel met negatieve cijfers te schrijven is. Die limiet is niet echt een "zelfgetrokken" grens. Want je kunt er niet zomaar overheen. Het is een globaal spel, en dat zijn we (qua werkgelegenheid en dus zinverschaffing voor de instroom) aan het verliezen. Maw ergens tussen nu en punt x gaat de uitstroom beginnen, maar op dat moment zijn alle "buffers" kaalgeplukt.

LEHTI zei

Wellicht is dat zo, bentenge. Hoewel ik van mening ben dat er veel stemmingmakerij is. Door goedkope auto's, koelkasten, kippen, groente, kleding en wat niet al, op de markt in Afrika te dumpen en door de markt in Europa, recht tegen de zo bejubelde marktwerking in, te blijven steunen, blijft er een beeld en een werkelijkheid bestaan die mensen aantrekt. Ik denk dat er in de gemiddelde Afrikaan meer ondernemerszin schuilt dan in een gemiddelde Nederlander. Ik denk dat dit ook is te lezen in het boek waar Lieve Joris vorige week een prijs voor kreeg. (zie volgend logje)

Natuurlijk is het fijn dat we hebben afgesproken dat we hier geld opzij leggen voor ouderen, zieken en gehandicapten. Ik zie echter meer heil in laten werken van instromers (dat mag in NL soms tien jaar lang niet), zodat daar ook belasting en premies van binnen komen die we hier zo hard nodig hebben. En dat dat beeld, die werkelijkheid, 'geexporteerd' wordt.

Tijdens de enige verre reis die ik naar Iran maakte werd me vaak gevraagd wat de lonen en huizenprijzen hier waren (niet om hierheen te verkassen, deze vragen kwamen van goed boerende fabriekbazen). Maar ik vertelde daarbij ook (als zendeling ;-) dat de brandstof hier twee euro en geen twintig cent kost. Niet vanwege het gebrek aan olie, maar door de accijns. Ze konden het bijna niet geloven. Maar ik ben wel zo naïef om aan alle buitenlanders dit systeem uit te leggen. (en ook dat de dokter geen pillenwinkel is maar meer adviseur. Snappen veel nieuwkomers ook niks van) Jazeker, de overheid betaalt, als het niet anders kan, je eten en je onderdak.

Dat die limiet -van buffers- is bereikt komt volgens mij niet zo zeer door te veel buitenlanders, maar door de gelatenheid van veel autochtonen. Is je heg te hoog? bel de huisbaas maar. Moet je naar het ziekenhuis. Och jee, de regering wil dat mijn zus me brengt en vergoed geen taxi meer. De zorg door de overheid wordt vooral door autochtonen, steeds vaker gezien als een recht, in plaats van een vangnet als er niemand anders is. Of, zoals een uit Zuid-Afrika?, Thailand? ingevlogen verpleegkundige eens zei: geen wonder dat er personeelstekort is in het ziekenhuis, dat doet alles voor je, de familie niks.

Ik las vanmorgen zoiets: 'Die nieuwkomer die dagelijks onze toiletten staat te poetsen terwijl wij dat baantje zelf ambiëren'. Dat dus.