Posts tonen met het label media. Alle posts tonen
Posts tonen met het label media. Alle posts tonen

woensdag 9 juni 2021

Gebrekkige service bij de Mac in Tripoli

'Wilfen', zo werd het eens op de radio genoemd, het verschijnsel dat zich voordoet als je de luxe van veel vrije tijd, een leeg huis en een werkende internetverbinding met elkaar combineert. Het staat voor 'What was I Looking For?' Het is een niet onaangenaam verpozen en je leert nog eens wat bij. 

Er stonden linkjes open op mijn scherm, iets met werken, iets met vakantie en een aantal artikelen die wachtten om gelezen te worden. En net als bij  muziekstreamingprogramma's krijg je onder of naast die artikelen nog meer informatie die je mogelijk interessant vindt, en die wil je dan natuurlijk ook lezen. Althans, ik wel. Dit keer lag mijn focus op het Afrikaanse continent. Enigszins verontrust las ik over ontwikkelingen van religieuze groeperingen die zich van grof geweld bedienen. Niet alleen in Burkina Faso, maar onlangs ook in Mozambique, beiden niet echt één van de rijkste landen van dat enorme continent. Ook Ivoorkust is in de greep van terreur. En van Nederlandse uien, die de lokale markt verzieken zo las ik. 

Al wilfend besefte ik hoe weinig ik toch eigenlijk weet van Afrika, hoe weinig ik er ook over hoor. Tijd voor een opfrisles geografie en andere weetjes. Nu weet ik weer dat Ouagadougou de hoofdstad van de Burkinabé is, het lokale woord voor Burkinezen en dat dat 'eerlijke mensen' betekent. Dat het 'land van de eerlijke mensen' eerst Oppervolta werd genoemd en dat er meer dan honderd dialecten worden gesproken.  
Ik zoomde verder in op het Noorden en de grenzen aldaar herinnerde me aan iets dat ik ook weer was vergeten, dat Marokkanen en Algerijnen elkaar niet schijnen te mogen. Vast ook iets met oorlogen. Aan het elkaar willen bekeren kan het in elk geval niet liggen. Op googlemaps zie je dat de wegen tussen Tunesië en Algerije gewoon doorlopen, maar dat die tussen Marokko en Algerije stoppen bij de grens. Nog een leuk weetje, de taal en tevens het volk dat al millennia huist in zowel Algerije als Marokko:  Berbers. En dan vooral de schrijfwijze ervan.  Die lijkt op een reeks rondjes en kruisjes met af en toe een Griekse letter er door. Nooit geweten. 

Ik wilf vrolijk verder Oostwaarts. Malta ligt ter hoogte van Tunesië en  Sicilië ligt verrassend vlak bij Tripoli. Ook van de Libische hoofdstad horen we bar weinig tegenwoordig, laat ik daar eens op inzoomen (helaas kan ik het googlepoppetje er niet laten rondlopen) Kijk nou, er is daar een heus Indiaas restaurant, met eigen facebookpagina, linkje naar lifemuziek en recente recensies. Er is een  gemeentelijke afdeling voor toerisme (waar ik klachten lees in verband met gebrekkige coronamaatregelen tijdens een tentoonstelling), er is een 'Western restaurant' en iets wat 'Mozart Sweets' heet, waarschijnlijk een chocolaterie? Nergens is ook maar één vrouw te zien en de Allahs vliegen me over het scherm aan alle kanten voorbij, maar verder lijkt er, zelfs in Libië, geen groter zorg dan wat men te eten krijgt en hoe vlot de bediening is. 

Zo blijkt bij de recensies van de jawel, 'Mac Donalds Tripoli.' Ene Topsy Krets schrijft: 'Pas op, dit is nep. (...) Een originele McDonald's heeft nooit meer dan 7 minuten nodig om uw bestelling te ontvangen.' Hij heeft McDonald's Corporation al op de hoogte gebracht. Een geruststellende gedachte.

dinsdag 22 november 2016

Zwartkijken

In praatprogramma's wordt ons regelmatig verteld dat een zwarte knecht niet meer van deze tijd is. Hoeveel we ook houden van de Zwarte man. Maar er is goed nieuws voor de laatste believers van blackface! Want waar je ook kijkt, overal wordt onze traditionele kijk op gekleurde mensen bevestigd. Niet omdat de Hema nu opeens weer chocoladeslaafjes in het schap heeft. Wel door op tv en in de krant ons de verhevenheid van het blanke ras voor te schotelen. Met daaraan gekoppeld de rol die de zwarte bevolking zich laat aanmeten.

Mijn jongste zoon ziet Zwarte Piet graag blijven. Ik vermoed omdat zijn klasgenootjes dezelfde mening zijn toegedaan. En ik begrijp best dat je als brugpieper maar één echte zorg hebt: Niet afwijken. Wie in een groep functioneert, voegt zich naar de geldende norm. Dat geldt niet alleen voor brugpiepers.

Kees' (12) argument is dat Sint de kinderen heeft bevrijd uit hun slavernij. Dat het dus iets goeds was, iets positiefs. Het idee dat de witte (man) de redder is en de Pieten daarmee tot gelukkige, bevrijde slaven maakt is een fijne gedachte. Het geeft houvast. Het maakt de wereld voorspelbaar en veilig. Het is precies dat veilige gevoel dat het op de buis goed doet. 

Zo vraagt presentator Krabbé bij 'The Voice of Holland' aan de gekleurde zangeres, die in Los Angeles woont, om een nadere verklaring omtrent haar huidskleur. Nee, dat vraagt hij natuurlijk niet zó. Eerst wordt haar blanke zus in beeld gebracht (zoek de verschillen) en dan Krabbé die met een grote glimlach en opgetrokken wenkbrauwen zegt: 'Sprekend!' en 'Leg eens uit' (Ha, fijn!, wij vroegen ons als kijker ook al af hoe dat zat. De gedachte dat de zangeres van negenentwintig zich vast al ettelijke keren heeft moeten 'verantwoorden' voor haar huidskleur, maakt van mij waarschijnlijk een oude zeur. Een spelbreker.)

Stralend vertelt ze dan hoe ze als baby'tje (Aaaah, zwarte baby's zijn lííef) bij een fantastisch gezin mocht (!) wonen. Ze doet er nog een schepje bovenop door te vertellen hoe blij ze is om in Nederland Hollandse pot te kunnen eten. Want dat heb je niet in Amerika. (Geen woord over wat ze daar doet. Blijkbaar is boerenkool relevanter voor haar zangcarrière dan haar baan). Dan volgt het beeld waarbij ze, met het bord op schoot. de moeder prijst over hoe goed die altijd voor haar is. Het plaatje is bijna compleet: Zielig zwart kindje, lieve (kokende) moeder en dankbaarheid als volwassen vrouw. Ik voel ook mijn eigen mondhoeken omhoog krullen. Een betere inleiding van het weekend bestaat niet.

Na haar auditie neemt ze de loftuitingen op haar uiterlijk van de blanke jury in ontvangst. (Nee mensen, ik ga géén parallellen trekken met de wereld van vóór 1863, Want het wankele lijntje dat ik met u als kritisch lezer heb opgebouwd, wil ik niet kwijt). Jurylid  Ali B. vraagt haar om nóg iets te zingen. Want met Justin Biebers' 'Love yourself', was ze niet op haar best. Na het soulnummer klinkt een daverend applaus. Volgens Ali past dit nummer beter bij haar.

Voordat we te zien krijgen wie ze als zangcoach kiest, komt er nog een blokje ster. In één spotje wordt vier keer achter elkaar 'Afrika' genoemd. Afgewisseld met woorden als 'diarree' en 'dood'.  Het is me niet duidelijk of ik als kijker wordt verleid tot het kopen van een lot en daarmee het fijne gevoel krijg dat ik 'arme zwartjes' help (ik doe het heus niet voor dat miljoen) of dat er, met de kerstdagen voor de deur, een direct appel op mijn portemonnee wordt gedaan. Wél weet ik dat binnen een paar seconden het beeld van een ziek continent is neergezet. Waarom zie ik nooit een oproep voor steun aan een onderzoek naar kanker op een universiteit in Kenia? Of, nog gekker, om je voor zo'n onderzoek als proefpersoon aan te melden? Maar dat zou vast de wereld op kop zijn zetten. We kunnen in de wetenschap toch moeilijk worden voorbijgestreefd door die achterlijke zwartjes! Dat druist in tegen ons wereldbeeld. Waar we zaken het liefst zo houden zoals we denken dat het is. Lang leve de traditie.

Het nieuws dan? Dat brengt toch objectief de werkelijkheid in beeld? Over een item over chocola hoor ik dat fairtrade chocola nooit echt eerlijk kan zijn. In de minireportage krijgen we bezwete koppies in beeld. De voice-over vertelt dat deze jongens 'ingestudeerde antwoorden' geven omtrent hun leeftijd. Een donkere jongen kapt zwijgend verder met zijn machete. Een kind dat moet werken. Het is me wat. 

Mijn gedrukte krant (Trouw) doet qua beeldvorming ook een duit in het zakje. Op Obama na, zie ik vooral foto's van witte mannen op leeftijd op hoge functies. Op pagina twaalf van de bijlage staat een foto van een man met ontbloot bovenlijf. Van achteren gekiekt. Met opgeheven armen sjouwt hij een zware plank uit het bos (!). De zon laat zijn gespierde bovenarmen goed uitkomen. U mag raden naar zijn huidskleur. De tekst van het artikel luidt: 'Fout met hout uit Kameroen'.


Hoopvol werp ik maandag een blik in de NRC. Naast een naamloze zwarte man -Één op de zes hardlopers raakt oververhit-, bevat alleen de cultuurpagina wat kleur. Bij het stelletje dat 'wereldfilms' aan de man brengt zien we van hem zijn mooie billen. De vrouw ernaast draagt een rokje van raffia. En in het artikel over de kunstbeurs neemt men de term 'beeldvorming' wel héél letterlijk. (zie foto). De ontbrekende voorkant van het halfnaakte filmstelletje wordt hier in één Afrikaans kunstwerk gevat.

-------------------
Ik houd mijn zoon of andere voorstanders van Zwarte Piet niet verantwoordelijk voor de slavernij. Wel lijkt het me zinvol om eens stil te staan bij de tijd die voorafging aan de afschaffing hiervan. Iets met tradities. Hieronder een aantal anekdotes uit die tijd. Er is meer over te lezen in de biografie van koning Willem III. Redder van de Slaven.

'Ook petities tegen de slavernij laat de koning voor zover bekend onbeantwoord, terwijl de discussie over het onderwerp levendiger wordt.'

'Het regent preken van de kansel en voorstellen over de beëindiging van de slavernij.'

'De commissie gaat behoedzaam te werk. Te behoedzaam, vindt Groen. Dit leidt tot ‘eene emancipatie die over duizend jaren welligt tot stand’ zal komen, roept hij gefrustreerd. Hij stapt op.' 

'De aard van de zwarte bevolking maakt het volgens het kabinet nodig hen ‘te behandelen als onmondigen, die raad, leiding en ondersteuning noodig hebben van hunnen voogd’.'

'Missionarissen en zendelingen gaan na de aankondiging van de afschaffing van de slavernij massaal aan het werk om hun kudde liedjes te leren waarin ze hun blijdschap projecteren op de figuur van de koning, ver weg in het onbekende Nederland. Een mythe is geboren, over een vaderlijke vorst die in al zijn goedheid besloten heeft de ketenen van de slaven te verbreken. De mythe blijkt onuitroeibaar.' 


Ik wens iedereen een fijne pakjesavond.

zondag 23 augustus 2015

Nederland is vol


Nederland is vol. Dus bouwen we een nog groter hek om fort Europa.
of
Nederland is vol. Maar mensen die hierheen komen zijn zielig dus die kunnen 'we' niet weigeren
of, de nieuwste:
Nederland is vol dus gooi de grenzen open want dan kunnen 'ze' na een snuffelstage in asielzoekersverwerking ook ooit weer terug om te zeggen 'Het valt tegen daar. Geen werk en het leven is duur.'  Want zo'n heen en weer van mensen is er altijd al geweest, met een hek sluit sluit je de terugweg af en versterk je het beeld dat hier wat te halen is.

Die laatste komt van Leo Lucassen en maakte zelfs de tongen los in de Telegraaf. Die ik las op een verlaten campingterras in Sint Nicolaasga. De columniste vond de vergelijking met de val van de muur nergens op slaan. Omdat het daar ging om onderdrukten van een communistisch regime.

Misschien is dat zo. En een mensensmokkelaar van toen kan nu rekenen op een podium. Wolfgang W. vertelt in 'Speeches' trots hoe hij instructies gaf om met behulp van een nagelschaar je oude paspoort te versnipperen. Hij regelde 'westerse' kleding en gaf 'les' in westerse gewoontes. Dus niet zielig in een hoekje je lot ondergaan maar zelfbewust en arrogant eisen wat je toekomt. Om niet op te vallen. Hij had 220 mensen geholpen. Vooral artsen.   
 
Anno 2015 gaat Arnold Karstens zowel naar Calais als Kos en schrijft over hoe telefoonverkopers meer geld verdienen dan degene die souvenirs aan de man wil brengen. En dat de nieuwkomers hun neus ophalen voor het noodhotel waar Griekse vrouwen dagenlang aan het poetsen waren. Een ongemakkelijk gegeven. Want vinden we eigenlijk niet dat alleen zonaanbidders eisen mogen stellen aan hun onderkomen? Ook al was voor hen de reis naar Kos waarschijnlijk tien keer goedkoper. En tien keer korter. Maar ook dat is vast geen goede vergelijking. Over de strandvlucht van bloteriken hoor ik namelijk nooit wat (of het moet iets van 'Red mijn vakantie' zijn) maar heel Europa praat over die reizigers vanuit het Oosten. Van bedrijfskantine tot in het torentje. Volgens Merkel zou het financiële Griekenlanddebacle zelfs in het niet vallen bij deze 'kwestie'. De gemene deler tussen de halfnaakte westerlingen en de gesluierde oosterlingen is wel de tijdelijkheid van hun strandverblijf.

Ik ga niet naar Kos. En kom ook nooit in een torentje of een kantine. Da's soms wel jammer, want waar en met wie kan ik dan van gedachten wisselen? Daar heb je toch echt anderen voor nodig.

Dus toog ik gisteren naar de stad. Waar ik danste en praatte en dronk. En op het Noorderzonfestival een woordeloze voorstelling bezocht in zó'n krap theaterzaaltje dat de knieën van de vrouw achter me in mijn rug priemden en de mijne in de rug van de dikke man voor me. 'Niet geschikt voor mensen die niet tegen kleine ruimtes kunnen', stond er op de pipowagen. Die hevig schudde tijdens deze 'zintuigenvoorstelling'. Waar een tocht over en onder water werd gesimuleerd. Het had wel wat weg van een volgepakt bootje. Toen ik uitstapte mengde ik me in de mensenmassa en schuifelde richting podium Zuid.

Ik vroeg wat rond naar een mogelijke 'afterparty'. Maar om daarvoor in aanmerking te komen diende je in het bezit te zijn van 'een zilveren bandje'. Als teken dat je werkzaam was op Noorderzon. Als vrijwilliger. Dat had ik niet. Want ik werkte er niet. Onderscheid moet er zijn. Misschien heb ik morgen meer geluk. 

Om één uur 's nachts dunde de mensenmassa uit. Blanke, dronken cultuurminners maakten langzaam plaats voor groepjes opgedirkte Arabische en Iraanse jongeren. Zij had de boot gemist. Maar ze waren vast ook niet vrijwillig in de pippowagen gestapt. Ik fietste moe maar voldaan weer naar huis.

Een week eerder deed ik dat ook. Fietsen. Ideetje van Leo (14). Die wilde zo graag eens met mams op fietsvakantie. Nu heb ik weinig op met fietsen als recreatief tijdverdrijf, maar omdat het doorwerken met een gebroken duim mij niet verstandig leek, kreeg Leo toch zijn zin. Het was een prima manier om de zomervakantie mee af te sluiten en Nederland te verkennen.

Tot slot nog een laatste waarschuwing voor iemand die in Turkije de oversteek wil wagen en door 'Kos' te googlen per ongeluk op dit blog belandt: 'Onderstaande beelden kunnen een vertekend beeld geven van de werkelijkheid.'  Maar, zoals u weet, gebeurt dit ook met het beeld dat we van u hebben.

Oordeel zelf.
Dat is een westerse gewoonte die u zich na aankomst het beste meteen kunt aanleren.
We doen hier weinig anders.

Hindeloopen
Woudsend
Rohel


Sint Nicolaasga
Heeg
Onlanden
Bij Thesinge









Noorderzon






donderdag 11 april 2013

Vertrouwen in baksteen of een tilapiavis

Bij Nieuwsuur interviewen Twan Huys en consorten allerlei deskundigen (grijze heren) over het net verschenen onderzoek dat is gedaan naar de huizenmarkt, de prijsexplosie en wat de overheid had kunnen, zelfs had móeten doen om de ellende waarin veel mensen nu zitten, te voorkomen. De conclusie van het onderzoek, dat een half jaar heeft geduurd luidt: De overheid had als regulerende marktmeester -eerder- moeten optreden. Of zoiets.

Nou, poe, daar zullen de mensen die met een schuld van drie ton zitten voor een huis dat nog niet de helft 'waard' is, blij mee zijn. Het onderzoek betrof de tijd van 1995 tot nu. Lekker lang. Zo heeft iedereen schuld. En tegelijk niemand. Dat de huizenbezitter zich rijk rekende en gehoor gaf aan het 'advies' van hypotheekverstrekkers om vooral te gaan gokken met het -geleende- geld, kan hem of haar toch niet kwalijk worden genomen? Nee, de overheid had bij zo'n prijsexplosie de mogelijkheid voor leningen moeten beperken. Gelijk hebben ze. Ordnung musst sein!

Ik heb het rapport niet gelezen, maar moet nu toch echt even lachen. De meest verrassende uitspraak van vanavond (was dat niet Nout Wellink?) was iets met 'het dumpen van een put', 'een kalf' en 'de angst voor de kiezer'. Ach gos, je meent het, met een beetje cameratraining kan ik zo ook hele wijze woorden zeggen. Maar laat ik voor de grap dat huis van steen nu eens vervangen door vis (diamant, oud ijzer of tulpenbollen had ook gekund). 

Vis dus. Om op te eten. Een tilapiavis of zo. Schijnt volgens wiki weinig eisen te stellen aan de waterkwaliteit. Ideaal. Kan je bij wijze van spreken zo in de plastic soep kweken. Stel, die vis levert veel op. Erg veel. Ik doe marktonderzoek, maak een bedrijfsplan, ga naar de bank en vraag een lening om ergens een Tilapiakwekerij te beginnen. Maar de bank zegt 'Nee mevrouw, want (de geadviseerde 'regulerende maatregelen' zijn inmiddels door de overheid getroffen) dat mag niet van Kok/ Balkenende/ Rutte. Terwijl alles er op wijst dat de verkoopprijs van die vis twee en een half keer over de kop gaat. Dat klinkt alsof je zegt: 'U heeft met dit lot uit de loterij een kans van 250 % op winst, maar de regering vindt dat niet verantwoord, dus dat mag niet.' De tegenstrijdigheid zit 'm er in dat diezelfde overheid dol is op winstdenken. Dus dat botst.

Het ligt vast iets ingewikkelder door hypotheekrenteaftrek (belastinggeld cadeau doen aan mensen die het niet nodig hebben) en grondspeculatie (overal werken mensen die wel eens hebberig zijn), maar als je het versimpelt, vind ik de roep om ingrijpen toch lachwekkend.

Te meer omdat nu juist gemor klinkt dat banken te veel garanties zouden willen voor een lening. Is het niet de taak van de bank om geld in waarde te laten stijgen door het uit te lenen? Ik lette bij economieles vroeger niet goed op (behalve op de knappe leraar), maar ik dacht dat dat zo'n beetje de essentie was. Als je weet (of denk te weten) dat de vraag naar iets toeneemt, dan ben je een rund als je daar geen geld voor (uit) leent. En als je die lening niet krijgt, ga je naar de buurbank, DSB, Ice-save of, waarom niet, naar Lehman brothers. Da's goed voor de concurrentie, maar ook erg goed voor de hebzucht. En dan wordt er gegokt. So we did. Wie gokt heeft kans om te winnen òf te verliezen. Dat is het risico van dit systeem.

Maar er is hoop. In Groningen schijnt het schreeuwend tekort aan tijdelijke woonruimte voor (buitenlands) personeel dat aan de Rug (universiteit) of het Umcg (ziekenhuis) werkt, als sneeuw voor de zon te verdwijnen. Veel huizen die niet verkocht kunnen worden (laat die prijzen eerst maar eens dalen tot een normaal niveau) worden nu verhuurd aan deze expats.

Mooi hè? Dat soort oplossingen. Maar dat is kennelijk geen nieuws.

woensdag 30 mei 2012

Wandert wordt premier


Midas bedoel ik dus, Midas Dekkers. Je weet wel, die beroemde bioloog. Eigenlijk heet hij Wandert. Wandert Jacobus. 

Waarom hij aan het roer mag? Nou gewoon, omdat hij er goede ideeën op na houdt. Zoals dat het een zegen is dat het economisch wat slechter gaat. Herstel, hij zei dat het voor de natúúr goed is. (hij begreep niet dat natuurorganisaties klagen dat ze door de crisis minder donaties krijgen, terwijl eigenlijk de vlag uit kan). Ook vroeg hij zich af waarom er eigenlijk vooruitgang moet zitten in die economie. Dat de aarde het al miljarden jaren uithoudt en economische systemen hooguit een paar honderd jaar, als het niet minder is. Hij zei nog veel meer moois, maar dat vergat ik, want ik hoorde dit alles, precies, op de radio. Die ik op mijn werk de hele dag op radio één afstemde. Ik wilde namelijk niemand zijn of haar pinksterrust verstoren. 

Vóór Midas waren er mensen aan het woord die vrijwillig met hun handen in de aarde gingen wroeten om vergeten groentes weer op de kaart te zetten. Letterlijk. Want veel verder dan chique restaurants kwamen de pastinaak en schorseneren niet.

Er was ook een item waarbij de vloer werd aangeveegd met ZZP-ers*. Ik kromp schuldbewust inéén. Ik en mijn soortgenoten zouden de markt verzieken door onder de prijs te gaan werken. Werkgevers ontslaan goed personeel om ze daarna als zelfstandige weer in dienst te nemen. Er worden dan geen premies meer afgedragen maar die ZZP-er klopt later wel weer aan bij de overheid. Ook het UWV kon geen goed doen, want die betaalt beginnend zelfstandigen een uitkering! Voor een half jaar! Schande! (Dat je die uitkering daarna zelf terug mag betalen, werd er niet bij gezegd. Ik spreek uit ervaring)

Bere-interessant, die radio. Vond ik. Concluderend kan men zeggen dat:

  • Mensen graag vrijwillig -zwaar- werk doen.
  • Door de ratrace in de bouw mensen elkaar kapot concurreren.
  • Economische groei op den duur niet werkt.

Reden om het log dat dit weekend het internet niet haalde vanwege te lang en idioot, toch te plaatsen: We gaan de hele economie een loer te draaien. Tegen alle psychologische inzichten in (vrees niet, er komt nu geen preek om te consuminderen) Wie als loodgieter, groenteteler, schoenmaker of iets dergelijks werkt, berekent voortaan geen winst, maar verlies. Heb je ingekocht voor 100 euro? Dan verkoop je voor 10 % minder door. Gewoon, omdat je de prijs van 100 euro eigenlijk krankzinnig hoog vindt en je je doodschaamt om er -uit economische motieven- nog een paar procent bovenop te gooien voor de klant. ("Ja, mevrouwtje, alles wordt nu eenmaal duurder.")

Als we het massaal aanpakken, kan het werken. Elke week zakken we één procentje. Dan zitten we in twee jaar op nul. Alles is gratis. Er hoeft geen boom gekapt, geen inbraak meer gepleegd. Communistische luchtfietserij? Welnee. Alleen wel nog even bedenken hoe het moet met fossiele brandstoffen en beroepen die niet primair productief zijn. Vertalers, schoolmeesters, kunstenaars. Ach, die bieden op den duur ook gewoon gratis hun diensten aan, want de melk in de winkel, en de stenen voor hun huis kosten immers ook niks. En als je niks kan verdienen aan gaswinning in Alaska of op het wad, waarom dan boren?

Wie wil deze ideeën verder uitwerken? Kunnen ze in september worden geïntroduceerd. Door wie? 

Door een nieuw kabinet met Midas aan het roer -al zegt ie zelf niet zo'n 'politiek dier' te zijn. Mooie woordkeus voor een bioloog :-) Maar hij gaat dat natuurlijk niet alleen doen. Maar met Sheila Sitalsing bijvoorbeeld. Haar boek 'De kiezer heeft altijd gelijk' las ik nog niet, maar ze lijkt me een erg pientere vrouw met veel en brede kennis. Ook van de politiek. Nelleke Noordervliet mag ook aanschuiven. Want als je zo goed kunt schrijven kun je ook beleid maken, verkopen, uitvoeren. Op het ministerie voor kunst en cultuur misschien? Job Cohen moet ook weer terug. Zo'n oerdegelijke man kunnen we in Nederland gewoonweg niet missen. Helaas heeft ie net een nieuwe baan, las ik. In de hoek van justitie. Kan ie mooi nog wat ervaring achter de schermen in het veld opdoen. En in het kabinet op justitie dus.
 Ted van Lieshout mag er ook bij. Van websites (laten) bouwen heeft ie geen verstand (wat een drukte!) maar hij is van het goede hout gesneden, niet mediaschuw en vind nuance vast ook geen vies woord. Nebahat! Ik noem expres geen achternaam. Zij is die ándere Albayrak. Grappig wat wiki meldt: Ze was bezig met een foto shoot toen ik langs kwam en vanaf de fiets een paar foto's maakte zij vond het leuk de fotografe wat minder. En Arnon ook, ik mag zijn kop niet graag, maar dat lijkt me, met ingang van september, van ondergeschikt belang. Zou hij in een kabinet passen met eerder genoemden? Of toch Tofik? (gegeven googlesuggesties zijn onder meer 'geaardheid'), Emiel? Kathleen?   

De vraag is of deze tien mensen samen willen regeren.
Suggesties of meer namen zijn welkom.
Ik ben benieuwd.

*ondertiteling voor de Vlaamse lezers: Zelfstandige Zonder Personeel

zondag 20 mei 2012

De datende mama


Het is één uur 's middags. Ik ga te laat komen, zoals gewoonlijk. Tijdens het wegwerken van een laatste weekendwas, sms ik dat ik er aan kom. Hij is per trein uit de randstad gekomen. Met de auto haal ik hem op bij een vriendin in een dorp boven Groningen, waar hij logeert. Er is geen plan. Alleen een date.

Ik gris mijn jas van de kapstok, zwaai mijn rugzak over de schouder (moest ik misschien niet toch een handtas meenemen? Nee,... het is geen nette meneer) en dender de trap af. Hé, de buurvrouw heeft de krant in het portiek gelegd. Die ook maar meteen meenemen. Uit mijn achterbroekzak peuter ik een giro-envelop, waarop het adres staat gekriebeld. Terwijl de Tom-tom opwarmt, kan ik nog even koppensnellen: 'Griekenland en de run op spaartegoeden, Grunbergs column gaat over 'glijmiddel' en helemaal bovenin, op de voorpagina, staat een kleurenfoto van een bekend babykoppie. Het is één van de rotjes. 'Mamablogs om jaloers op te worden' staat er naast het hoofdje. Straks maar 's verder lezen wat Aaf Brandt Corstius daarover te melden heeft.

Het navigatiesysteem is klaar voor gebruik maar weigert mij de weg te wijzen naar het oord dat ik intyp. Geen gps signaal. Het is midden op de dag en mooi weer. Zolang ik mijn schaduw achterna rijd komt het goed. Drie keer doorkruis ik het gehucht ('àls je te laat komt, doe het dan góed', was het devies van mijn leraar psychologie) alvorens de weg te vragen aan de postbode. Die kent niet alleen de juiste straat, hij wijst me ook het huis van mijn bestemming. In een dorp gebeurt niets ongezien. Ik zwaai naar een schoffelende man, kinderen doen tikkertje op het kerkhof en na wat heen en weer steken met mijn klusbus ben ik waar ik moet zijn. Mijn date stapt in. Ik zag hem één keer eerder. Een hand, drie zoenen. 'Wat gaan we doen?, waar gaan we heen?'

Per mail had ik gekscherend geopperd om te gaan wadlopen of salsadansen. Maar hij leidt me, turend op de kaart, naar Appingedam, waar een heus hippiefeest aan de gang is. Eigenlijk wilde ik hem de beroemde hangende keukens laten zien. Maar de gepimpte volkswagenbusjes en visboer met indianenveer, ogen ook inheems. We praatten over de Linge, de Dieze, kamperen in de VS, de kurfürsten, de Keileweg, Afghanistan en kloostermoppen. We zitten op het terras in Ewsum, waar ik ooit werkte met een dikke buik, en waar vergeten groentes worden gekweekt. We passeren een plaatselijke motorcross en bewonderen de kerken van Leermens, 't Zandt en Westerwijtwerd. Of was het de oostelijke 'wijtwerd'? Soms mis ik een zin of twee. We duwen dikke deuren open en klimmen met een kop thee een krakende trap op. Een tikkend uurwerk slaat vier uur. Boven in de klokkentoren is geen mens. Het is er donker. We verlaten de kerk.

Eenmaal terug in de stad, blijkt dat mijn 'we zien wel'-aanpak niet altijd werkt. De voorstelling van Theater te water, ("over relativering, maar vooral over hartstocht, verlangen en liefde..."), aangemeerd aan de prachtige Hooge der A, is uitverkocht. En even later staan we beteuterd voor de dichte pui van het filmhuis aan de Poelestraat, dat jaren geleden verhuisde naar het Hereplein. Ik ben er met mijn hoofd niet bij. We komen te laat voor de laatste film. We drinken koffie op een terras aan het water. Naast ons zit een stel Fransen. Hij is geen voetbalfan, want terwijl het meeste manvolk zich in de kroeg om een groot scherm schaart, pluist mijn date geduldig de uitladder na. Veel meer dan wandelen doen we niet. Maar het bier vloeit rijkelijk, het patatje oorlog smaakt goed en ook de kermis blijkt, mits in goed gezelschap, best leuk.


En op zondagochtend, tussen de gebakken eieren en het versgeperste sap, gaat het gesprek gewoon verder. Daarna trekken we voldaan een sprintje naar het station. Het zit mee dit keer, het perron staat vol mensen. Precies 24 uur nadat ik hem ophaalde, zwaai ik hem weer uit.

Als ik weer thuis ben duik ik in de krant waarin Aaf de loftompet steekt over mamablogs. En dan vooral de ecologische thuisblijfmoederblogs. Want ze knutselen en koken zo leuk. Ze hebben een schare volgelingen en plaatsen foto's van vergeten groenten en zelfgemaakte kleding. Dat wil iedereen. Aaf heeft het over 'diep-jaloers' en een 'internationale beweging'.

Ik deed dat ook eens. In mijn vorig leven. Thuisblijven. En aubergines wecken, kaas maken, sokken stoppen en zelfs kalveren met mijn hele arm uit een koeienkut trekken. Ik genas geiten met mastitis en verjoeg springbeestjes uit de moestuin met natuurlijke brandneteldrab (stinken!). Ik at mijn varken (Maria Rosa) in worstvorm en werkte eigenhandig konijnen, duiven en kalkoenen de diepvries in. (Met eufemismen kan men het aaibaarheidsgehalte van 'ecologisch' aardig opkrikken. Shockeren is immers niet des moeders. Want dat, moeder, was ik in dat vorig leven ook al) Maargoed, met die kunde kan ik nu dus niks meer. Hoewel ik het jagen soms niet kan laten. Op een papiertje in mijn broekzak staat "5 punten. Dingemans schiettent"


Aaf maakt er geen geheim van dat de jaloezie ook haar treft. Ze werd onlangs geïnterviewd op de radio. In verband met haar pas verschenen boek over het moederschap. Over de kinderen die ze kort na elkaar kreeg, haar jong verloren moeder en haar beroemde vader, die dat schrijven over privézaken maar matig vindt. Mme ZsaZsa, één van de genoemde mammabloggers, legt haar keuze voor het thuismoederen uit als had ze 'geen ambitie'. Maar een alinea later is ze in de wolken omdat ze een Zeer bekende Vlaming, van de Belgisch bestsellerlijst heeft gestoten. Ambiteus madammeke. Gelukkig maar, ook moeders is niks menselijks vreemd. Ze voegt er later nuchter aan toe dat ze ook ontzettend saaie dingen meemaakt. Maar dat ze daar niet over blogt. Wegens oninteressant.

Maar soms hè, lieve lezer die hier om de hoek kijkt, sòms is ook wat wèl interessant is, toch geen waardig blogvoer. Zoals dat verhaal wat hierboven is weggevallen, daar tussen dat stukje over de charme van de kermis op zaterdag en het zondagse ei met sap. Daar waar nu de foto's van die scheur in die zerk en dat opwindmechanisme van het klokkenspel staan. Stel je voor zeg. Staan er straks jaloerse volgers op je stoep. Of zo.

P.S. Aaf haar eigen dagelijks column ging over "een tijdloos document over drie ultieme levensbehoeften: voetbal, eten en moederliefde". Ze besluit met een handige tip van voetbalmoeder Sneijder. Die geleerd heeft de knop om te zetten en zichzelf uit te zetten. Aaf, naar eigen zeggen ook samenwonend met iemand die voetbal als ultieme levensbehehoefte beschouwt (en die ze leerde kenen op haar werk) gaat ook op zoek naar die knop. Arme Aaf. Ik hoop voor haar trouwe volgers, waaronder ik ook mezelf schaar, dat 'werk' (lees: 'schrijven') nog lang tot haar eerste levensbehoeftes mag behoren.
Kan ik haar blijven volgen.

zaterdag 3 december 2011

Veren van Sylvia Witteman

Aaf Brandt Corstius. Ik hou van haar manier van schrijven en waarover ze schrijft. Waarom ik haar column dan niet vaker lees? Ach, het zal vast niet alleen met tijd, geld of prioriteiten van doen hebben, een nieuwe leesbril zou ook wonderen doen. Nu lees ik Aaf gewoon af en toe. In de wachtkamer, als ik bij mijn ouders ben, of in de krant van de buurvrouw.

Ik hou ook van Sylvia Witteman. Van hoe ze schrijft. Maar mijn vogel houdt er een andere mening op na. Ze maakt er snippers van, die ze sierlijk in haar staart steekt, tussen de andere veren. Met de zon er bij levert dat wel weer mooie plaatjes op.








maandag 14 november 2011

Wonderbra's, Alzheimer en een aardbeving.

Ik blijf op de internationale tour. Dit keer geen Griekenland of Italië. Vrijdag belandde ik in Spaanstalige sferen. Of eigenlijk Caraïbische. Ik ga nèt genoeg uit om nog een paar danspasjes te kunnen onthouden maar weinig genoeg om de heren mijn gezicht te laten doen vergeten. Zodat ze mij wèl ten dans vragen maar er vervolgens achter komen, na één nummer, dat de dame in kwestie misschien best maat kan houden, maar dat daarmee ook zo'n beetje alles is gezegd. Nou vooruit dan, laat ik me niet hullen in valse bescheidenheid. Ik hèb lekker gedanst. En daar ging het mij tenslotte om.

De day after the night before word ik wakker in een vreemd huis. Dat mij inmiddels toch wel zó bekend is, dat ik er zowaar een aantal tv-zenders kan decoderen. Op de meeste kanalen wordt slechts een diarree aan reclameboodschappen uitgezonden. Wonderbra's, afslankmiddeltjes en dat soort stuff. Als er zendtijd voor is, zijn er kennelijk kopers. Ik vraag me af wie dat zouden kunnen zijn. Vooruit, de economie moet draaien. Ze doen maar.

Op een meer gerenommeerde zender worden een paar in Nederland woonachtige Italianen van stal gehaald. Op de vraag of ze zich schamen voor hetgeen zich voordoet ik 'hun' land, blijven ze het antwoord schuldig. Italianen houden wellicht van mannen met macht. Of die dat uitstralen. Dat zal het zijn. Als intermezzo is er een Griekse komediante. Die verkondigt terug te verlangen naar de tijd dat ze vragen kreeg over tzaziki. Hoe dat te maken. "Zie ik er uit alsof ik verstand heb van economie?' zegt Tula tot haar publiek.

De zenders zijn ontelbaar. Als ik ben aanbeland bij Irib2*, waar ik de voertaal niet van beheers, zit er intussen een simultaan vertaler naast me op de bank. "Jammer dat je het niet verstaat", zegt hij. Om dit gelijk weer terug te nemen, want eigenlijk schaamt hij zich kapot voor hetgeen op deze serieuze zender worden uitgezonden. Ik zie een interviewer in hip groen overhemd, die vragen voorlegt aan een hooggeplaatste geestelijke. Vragen die kijkers per mail hebben gesteld.

Het gaat niet over de resultaten van een vermageringskuur of hoe een pushup-bh je buste kan opkrikken. Maar voordat ik het meest bizarre antwoord hier opteken, ga ik terug naar de filmhuishit van 2011 'A separation' (Nog niet gezien? Doen!). Een prachtig psychologisch drama over een gebroken gezin in het Iran van nu. Het gaat vooral over wat scheiden met een kind (en ouders) doet, over (mis-) communicatie tussen mensen en tenslotte ook over Alzheimer en de zorgen die de zorg voor wie die dit heeft, met zich mee brengt. In de film wordt deze zorg toevertrouwd aan een arme, erg vrome hulp. Als deze vrouw per telefoon aan een geestelijke vraagt of ze de beplaste broek van de oude man wel mag verschonen, of dit niet als haram (onrein) wordt gezien, hoor je het bioscooppubliek gniffelen. Van ongeloof (hoewel ik me ook afvraag of één van de kijkers ooit, voor een hongerloontje, de piemel van een oude, hen onbekende man heeft gewassen). Ok, het publiek gniffelt en denkt 'Arme vrouw' of 'Wat een land' of 'Goede film'. Maar, en nu komt het, wat er in het hier en nu, in het èchte leven aan geestelijken wordt voorgelegd is vele malen gekker, absurder. En dat is geen film, dat is ècht. Of althans, de kijker moet geloven dat het echt is. Net als de wonder-bra. 't Is maar wat je gelooft.

Tegenover de hippe groene interviewer zit een godgeleerde in lang gewaad met witte tulband. Zijn voorhoofd is mooi donker gekleurd. Een teken van devotie. Het bewijst dat de man vol overtuiging bidt. Om de uiterlijke kenmerken van het geloof nog wat op te krikken, schijnen sommigen zich ook met een hard stuk touw of hete steen over het voorhoofd te wrijven, teneinde een dikke donkere eeltbult te kweken die parmantig onder de tulband uitsteekt (een ieder kweekt een grotere cupmaat op eigen wijze). Goed, de man in de jurk (de witjas in de afslankreclame) met bruine knobbel op het kale voorhoofd beantwoordt een kijkersvraag:

"Het kind dat wordt verwekt als je bij een aardbeving per ongeluk op de onder gelegen verdieping belandt, waar je tante woont, waar je dan geheel toevallig bovenop valt, dat is welkom." Het kind is niet vervloekt, verdoemd of hoe dat ook maar heet.

Huh, pardon? Dus als je huis instort is het eerste waar je aan denkt een vrouw penetreren? Ongeacht haar status of verwondingen, om daar een kind bij te verwekken en je vervolgens af te vragen of dit kind welkom is? De vraag of de vrouw in die omstandigheid überhaupt trek heeft in een potje vrijen, of een verkrachting, met/door haar neef nog wel, komt niet ter sprake. Hoe kòm je erop? Of, wat moet een mens verzìnnen om een 'ongelukje' goed te praten. Of, hoe peper je de kijker in dat alleen mannen, mensen zijn.

God spaar me. Ik ben blij dat ik geen Farsi versta en ook ben ik blij om te lezen dat het in 2010 voorgenomen bezoek aan Nederland door vertegenwoordigers van deze zender, vanwege enorm protest is afgeblazen. De delegatie zou in gesprek gaan met de heer Jan de Jong, directeur van NOS en de heer Henk Hagroot, directeur van NPO. Voor het geval de lezer denkt dat de tulband met het vrijpleiten van dit incestueuze aardebevingskind iets progressiefs heeft gezegd; op dezelfde zender propageert men ook dat een goede, gelovige vrouw zich bìnnen haar familie zou moeten bedekken. Voor de veiligheid (tja, je kunt per slot van rekening nooit weten wie er door je plafond naar beneden komt).

Ik drink hete Iraanse thee met saffraan. Na een heerlijk ontbijtje met Arabisch brood, Griekse yoghurt, walnoten uit Californië en Hollandse honing ga ik de deur uit. Ik mag de handschoenen van mijn vertaler lenen. Ze zijn niet zwart. Tussen mijn muts en mijn sjaal zijn alleen nog mijn ogen nog te zien. Het is helder en koud. De eerste rijp van dit najaar schittert in de zon.

Wat ben ik blij dat ik hier ben.
Dat ik kan zijn wie ik ben.
Een gescheiden ongelovige met hangtieten.
Morgen ga ik weer dansen.


* Het hoofd van IRIB wordt door de Opperste Leider van de Islamitische Republiek van Iran benoemd die de grootste hand heeft in het gewelddadig neerslaan van de Iraanse emancipatoire beweging. IRIB is naast de veiligheidsdienst en de Revolutionaire Garde een van de belangrijkste pilaren van het dogmatische regime in Iran, die belast is met het voeren van propaganda. IRIB heeft als staatsomroep het exclusieve recht om Tv-beelden uit te zenden. Maar niet alleen zijn alle beelden eenzijdig geselecteerd, IRIB richt zich specifiek op beeldvorming in het voordeel van het staatsapparaat, al is dat door mede opzetten van schrikwekkende show trials.
bron: http://iranpy.net/articles/796

dinsdag 16 februari 2010

Astrid Joostens verboden chocola

'Geil, dat vind ik nu echt geil, geil....' Steeds opnieuw laat Ruud de Wild het stukje herhalen. Astrid zou het hebben gezegd. Op tv nog wel. Het ging over gesmolten chocola dat uit een toetje loopt, als je het openmaakt, een toetje dat van buiten hard is. En zo was er al gauw een vrolijk bruggetje geslagen naar Joostens boek 'Verboden liefdes'. Over vreemdgaan, door vooral mannen natuurlijk, over 'de ware' en 'elkaar vinden' en over de reden van dit boek.

Ruud vraagt Astrid ernaar per telefoon. Ze had er een item voor tv van willen maken maar de geïnterviewden hadden niet in beeld gewild. Dan maar een boek. En zijzelf?, wilden de luisteraars natuurlijk weten. Nee, Astrid zelf was al jaren trouw aan haar vriend. Wel flirten, geen smsjes, wel verliefdheden, geen brieven. De zelf getrokken sexuele grens, ieders sexuele moraal, is weer een andere. En die 'open huwelijken', die waren volgens De Wild allemaal ongelukkig, dat was logisch.

Het interview is afgelopen en ik stap uit. Ik bel aan, ik sms, ik bel, op zijn mobiele nummers en thuis. Maar hij doet niet open, wil niet open doen. Of is in coma na te weinige uren slaap. Ik verdween hier een paar uur eerder, om zes uur 's morgens, om thuis mijn man af te lossen, die me gister, bij mijn vertrek, veel plezier had gewenst. Ik was ruim op tijd weer thuis geweest om hem uit te zwaaien naar zijn werk, broodtrommels te smeren en met de kleintjes te ontbijten. Als ik ze in de auto naar school breng, pik ik onderweg nog een klasgenootje op, die dreigt te laat te komen.
Ik gaap. Iets had me teruggelokt naar mijn eigen verboden liefde, naar de plaats des onheils. Maar de deur blijft dicht. Als ik langzaam zijn straat uit rij, de weg ligt vol ijzel, hoor ik op de radio dat Astrid Joosten naar haar voordeur loopt. Ze roept naar haar man om vooral niet open te doen, dat het voor háár is. Ze krijgt een chocoladetaart cadeau. Die moet alleen nog even worden opgewarmd, instrueert afzender Ruud haar door de telefoon, dan smelt ie van binnen.

maandag 11 januari 2010

De blikvanger van Doebai

Precies een week geleden, op de eerste maandag van dit jaar, stond er op de voorpagina van Trouw een foto van een groep mannen. Ze hebben zwarte haren, één draagt een mooi moslimmutsje en op hun bovenlip prijken pluizige schaamhaarsnorretjes. Het is er ook warm, in dat land, want de man die het meest prominent in beeld is, heeft de mouwen van zijn overhemd opgerold. Hij kijkt in de camera, zijn armen stijf over elkaar en lijkt, met één schouder naar de toeschouwer gedraaid, expres vóór de andere aanwezigen te willen gaan staan. Maar wat nog het meest opvalt is zijn blik. Hij houdt zijn hoofd licht scheef en heeft een flauwe glimlach, die twee hazetanden ontbloot, zijn oogleden staan een beetje lijzig. Hij kijkt niet geschrokken, angstig of agressief, nee, het is een blik die de kijker moet verleiden en, in dit geval, misschien de maker van de foto. Dit is een flirter, een haantje, iemand die alles wat hem aan zelfverzekerheid rest in de blik legt en ook, al dan niet bewust, de kijker het zicht op de concurrende haantjes ontneemt. De fotografe moet haast wel een vrouw zijn.

'Gevangen door schulden in Doebai', luidt het onderschrift. De mannen zullen dus wel weinig loslopend vrouwvolk tegenkomen, en zeker niet één die een camera op hen richt. Maar ik vermoed dat vrouwen, vooral onder buitenlandse persfotografen, zeker in islamitische landen, in de minderheid zijn.

'Jetteke van Wijk', prijkt er onder de foto. Een nadere uitleg over het wel en wee van de geportetterdden leert me dat de man met de geile blik inderdaad niet het onderwerp is, maar de mannen die hem links en rechts flankeren, waar hij pontificaal voor is gaan staan. Gulwahab uit Pakistan en Robiul uit Bangladesh. Beide als werkloze gastarbeiders in Doebai. 'Ze kunnen hun familie niet onder ogen komen' en blijven dus in hun gastland.

Op diezelfde 4 januari werd de grootste bewoonde pik ter wereld onthuld; een toren van 800 meter hoog. Talloze gastwerkers uit Zuid-Azië werkten er aan mee. Drie miljard euro kostte deze blikvanger. Vijftig miljard euro is de schuld van Doebai. Het voornaamste doel is om in beeld te komen.

donderdag 7 januari 2010

De herkansing

Entertainment mag enige spanning geven maar wel zodanig dat je als kijker nog lekkerder onderuitzakt op de bank en het gelukshormoon vrij spel krijgt in ons lijf. En inderdaad maakt Prem, in de eerste aflevering van 'De herkansing' gewag van 'de kerstgedachte' als hij zijn zielige vogeltje weer op de rails zet en alle -voorheen weinig coöperatieve- betrokkenen van zijn gelijk overtuigd. Daar kan de kijker, zo in de eerste week van het jaar, uitbuikend van de feelgood movies die over ons waren uitgestort, niet genoeg van krijgen. En het moet in deze tijd natuurlijk snel en efficient. Probleem benoemen > probleem oplossen > happpy end. Daar kan geen supernanny tegenop.

Het vogeltje in kwestie heet Ieteke, de moedervogel oogt nog zieliger en de redder is dus Prem Shivram Shaw Radhakishun. Een man met evenveel rollen als namen. Ik doel hierbij niet op zijn beroepen, nee, hij oogt in de aflevering zelf als bedenker, producer, regisseur en superheld tegelijk. Jeugdzorg faalt, evenals de school en ook moeder moet het ontgelden, al kan deze laatste daar weinig aan doen. Ieteke, het ineengedoken doch blijkbaar straalverwende meiske, zal en moet op school terugkeren, dat is Prems plan. Eerst laat hij haar zeggen dat de moeder niet steng genoeg is en al haar hele leven zwak ziek en misselijk is. Ja ja, die kennen we, ik ben als puber niet in staat mezelf een rem op te leggen, dus is het de schuld van moeke dat ze me niet aan de kachel vastbindt om me weg te houden bij mijn foute vriendjes. Nee, mama kan niet tegen me op en ik wil naar Vlieland. Zo gezegd, zo gedaan.

In de volgende shots bewonderen we Prem aan de reling van de pont naar Vlieland (zijn haren wapperen in de wind. Daar staat duidelijk een man met een missie, gelijk Colijn in de crisisjaren, alleen de oliejas ontbreekt), bij de school en het potentiële gastgezin van Ieteke, dat een kwartier bedenktijd krijgt om...precies!...'JA' te zeggen.

Prem laat steevast zijn tegenspelers hun eigen zegje doen als hij ze heeft gewonnen voor zijn plan. Allen praten met zijn woorden. Dat hierbij instanties er de woorden 'naar alle waarschijnlijkheid' aan toevoegen, i.p.v. een daadkrachtig 'Ja, we doen het' laten horen, is natuurlijk koren op de molen van de criticasters van jeugdzorg ('Zie je wel, ze dúrven niet en kúnnen niet', lees de reacties van lotgenoten op de NPS site er maar op na).

Dan Prem, dat is pas een man met ballen. Weg met dat softe gedoe! Kennis over psychiatrische stoornissen, het gezinssysteem waar Ieteke zich bevindt, het doet allemaal niet ter zake. Ja, het woord 'dossier' wordt wel door Prem genoemd, maar zó dat het wordt ontdaan van een functie, dossiers zijn namelijk suf en saai. Het wordt niet gezegd, maar het druipt er van af. Er moet actie komen. Op schóól zal ze komen, en wel meteen!

Eenmaal terug op Ietekes kamer (Prem had haar eerder nog even les gegeven in het opschudden van kussens) liet hij haar raden of de school haar wilde aannemen. En ook mag ze gissen of de ouders van haar beste vriendin haar in huis willen (alsof het bij weigering tot een uitzending zou komen. En, als Ieteke wèrkelijk verrast was, het meisje in kwestie niet allang via hyves, msn of sms op de hoogte was gebracht). Jammer voor Prem dat Ietekes: 'Ja, èècht', niet wordt gevolgd door een snikkende dankbetuiging aan haar reddende engel. Maar de voice-over maakt er nog wat moois van.

Dan volgt, op het moment dat de school begint, toch nog die door Prem zo gewenste omhelzing tussen Ieteke en haar moeder. Nog even een highfive en de boodschap 'verknal het niet meid', en daar gaat ze, in de donkere nacht'. Allemachtig, wat heeft Prem dat toch slim gedaan. De verpakking is daadkracht en liefde. De boodschap is: pubers zijn zielig, GGZ is traag, jeugdzorg idem en ik ben de held. Hulde. En de kijker doet met betraande ogen nog een graai uit de chipszak.

Maar de werkelijke boodschap is dat de in de ogen van Ieteke toch al zwakke moeder nu het stempel van compleet onbekwaam krijgt. Dàt is het voorbeeld dat de dochter krijgt. Hoe veel méér had Prem kunnen winnen door minder eigen scoringsdrift ten toon te spreiden en moeder meer het heft in handen te geven, handvatten te geven, háár haren in de wind te laten wapperen. Moeder had dan een beetje aanzien kunnen terugwinnen in de ogen van haar dochter, en misschien wat zelfvertrouwen. Maar dat was geen mooi entertainment geweest, het liet de kijker misschien zelfs met het onbehaaglijke gevoel zitten dat die zelf ook iets kon bijdragen aan de benarde situatie van zichzelf, buren, of bekenden die er zelf maar moeilijk uitkwamen. Aan de gecompliceerdheid van de werkelijkheid waar we allemaal deel van uitmaken en een bijdrage aan leveren. Nee, nuances passen niet bij volksvermaak en is slecht voor de kijkcijfers.

Lang leve het entertainment!

dinsdag 29 september 2009

Bejaarden achter de tralies

Er waren eens twee oude mannen, beide in het herfst van hun leven. De één aan de vooravond van zijn pensioen, de ander zou gehuldigd worden. Ze zouden de vruchten plukken van hun inspanningen, in de schijnwerpers staan. En dat deden ze deze week beide, de krant halen. Ze hadden het aan kunnen zien komen, waren gevlucht geweest maar hadden zich redelijk vrij gewaand. Maar justitie slaapt blijkbaar niet in tijden van crisis en pakte de mannen op.

De slachtoffers van man één waren politieke tegenstanders geweest. Hij had ze naar de plaats van bestemming gevlogen en daar waren ze in zee gegooid, levend. Hij had zich gevestigd in Nederland en was genaturaliseerd. Nu, dertig jaar later, was hij gearresteerd in Spanje en het land waar de misdaad was gepleegd, Argentinië, vroeg om zijn uitlevering. Zou deze man ook mij naar mijn vakantiebestemming hebben gevlogen, en heb ik wellicht voor hem geapplaudisseerd nadat hij de airbus veilig aan de grond had gezet in Thessaloniki of Montpellier, luchthavens waar je vlak voor de landing zo mooi laag over de zee scheert?

Het slachtoffer van man twee leeft nog. Ze is intussen een vrouw van in de veertig. Destijds een meisje van dertien. Hij had haar gedrogeerd en verkracht en, voordat hij achter de tralies kon verdwijnen, was ook hij over de grote plas gevlucht, naar het vrije Europa. Voor hem was het Frankrijk geweest waar hij zich had schuilgehouden. Hij schreef veel en zou een prijs krijgen voor zijn ouvre. Maar in Zwitserland wachtte hem iets anders. Hij komt nu alsnog voor rechter.

Gaat het om het aantal slachtoffers, is het schrijven van boeken een nobeler bezigheid dan het rondvliegen van vakantiegangers of gaat het om de houding van de dader? De piloot die geen berouw toonde, zelfs trots scheen op hetgeen hij deed en de schrijver die een schikking trof met het slachtoffer? Over de arrestatie van de eerste wordt in ieder geval met meer vanzelfsprekendheid geschreven dan die van de tweede. Maar het was toch juist de schrijver geweest die het meisje in zijn volle vrijheid had verkracht, of was hij slaaf van zijn eigen lust geweest? Ik neem aan dat dit niet gold voor de piloot, die zijn orders kreeg van het leger.

De moraal van het verhaal zal wel zijn dat misdaden wel kunnen worden toegedekt maar in ruil voor dat stilzwijgen wordt ook van de dader enige terughoudendheid verwacht. Mannen die iets op hun kerfstok hebben, kunnen zich maar beter iets nuttigs doen, in plaats van wegrotten achter tralies. Alles wordt gedoogd zolang men zich dienstbaar maakt. Een soort levenslange werkstraf dus. Maar wie gaat pochen of wil gaan genieten van zij oude dag heeft het mis. Hen wacht water en brood in plaats van uitrusten in een villa aan zee.

dinsdag 30 december 2008

Noten op Gaza

De doppen vallen op de persfoto van 'een passerend gezin'. Zij kijkt naar de grond en heeft een doek om haar hoofd. De lak van haar roodgeverfde nagels is afgebladderd, ze houdt haar gespreide slanke vingers tegen haar gezicht. De man heeft een muts en een baard die hem slecht staat, hij kijkt woest langs de lezer in de verte. Alleen het kind kijkt recht in de camera. Het zit op de arm bij de man, hij draagt een geel gebreid truitje. Zijn wijdopen ogen kijken me gelaten aan. Op de achtergrond een vage schim, grijs puin en vuur. Als mijn handen pijn doen van het kraken van de Iraanse amandelen, laat ik de doppen over het huilende vrouwengezicht en de slanke vingers in de prullenbak glijden.

Het vriest. Tijd om de vogels bij te voeren. Terwijl het gistdeeg met noten rijst voor de oliebollen van morgen, rijg ik een ketting van pinda's. Ik haal de haakpen door de aardnoten. Dertig jaar terug mocht ik mee op de plantage van Hassan. Ik klom verlegen in de vijgeboom en keek verbaasd toen bleek dat de groene plantjeszee, pinda's onder de grond verborg. Binnen werden we verwend met dadels, buiten scholden de buren me uit voor 'Jewish girl'.

De zak is leeg, de ketting klaar. 'Israelische doppinda's', staat op het briefje onderin. Als ik de boel opruim valt mijn blik op de tweede bladzijde van de krant van gister. Vier jongeren, op de rug gezien, maken met mobieltjes foto's van rookpluimen achter groene heuvels. Ze hebben hippe kleding, pasgeknipte haren en ééntje lacht er achterom over zijn schouder.

Er bellen jongens aan voor onze kerstboom. Ze krijgen ook een stapel kranten mee voor het vreugdevuur van morgen. 2009 begint met brandend Gaza.

maandag 3 november 2008

Oma en Obama

Obama's onmiskenbare keelstem galmt over de gang. Door de deur waar het geluid vandaan komt, komt een vrouw aanschuifelen. Ze heeft een bolle toet en een wond op haar hoofd. Ik ben er al snel achter dat zij niet de juiste persoon is om te vragen waar de watermeter zit. 'Oh, zijn ze bij u al geweest?', brengt ze hoopvol uit, terwijl ze verder schuifelt, van nergens naar nergens. Er komt een witgejaste zwarte dame uit het trappenhuis. Ja, ze weten ervan, van dat bloed, die dame is onlangs aan haar hoofd geopereerd.

Oma heeft het koud. 'Zullen we wat gaan wandelen?'. Er komt geen antwoord maar haar hoofd draait langzaam naar de deur en dan wiebelt ze met haar voeten. 'Ja, oma, ik zie het, uw schoenen zijn nog los, zal ik ze vastmaken?'. Twee witte witgejaste dames praten door ons heen als we hen passeren. Ze zijn vast gewend aan zeer oude mensen. Die zeggen toch niks terug, dus zeggen zusters niks heen. Althans niet tegen ons. Ik ben dan wel niet oud, maar zo schuifelend naast oma, zien ze mij vast als één met haar. Het gaat over nachtvoedingen en foto's. Nee, naar buiten wil oma niet. Ze vindt het 'miserabel weer'. We keren om en schuifelen terug. Overal hoor je Obama. Zij niet. Ze is bijna doof. Voor haar geen verandering.

'Post halen' mompelt ze. Ik haal de sleutel, zij wacht. De krant is opgezegd. Een brief is er wel. Iets over een patientendossier. Of al haar gegevens in de computer mogen. Haar warrigheid, haar pillen. Waarvan ze niet weet dat ze die krijgt. Of anderen dat wel mogen weten. Vreemde vraag. Ik maal het pilletje fijn in de watergruwel. 'Pareltjespoep', noemden ze dat vroeger bij haar thuis. Als ik de pareltjes voor haar opwarm in haar emaillen hondebakje, zing ik. Oma schommelt heen en weer in haar stoel. Ze neuriet zachtjes mee.

'Je zet de rozijntjes eerst even te week, apart. Het bessensap doe je er als laatst in, dat alles er in blijft, een beetje kan je er bij doen voor de kleur. En die parelgort moet nog wel eventjes staan geloof ik. En dan nog wat suiker,... dacht ik, ik weet het niet eens.' Ze is het recept vergeten.

Na het eten gaat ze slapen. Ik aai haar over haar perkamenten wang. Ze glimlacht. Met haar ogen halfopen kijkt ze naar me terwijl ik de afwas doe. Het boek dat ik lees gaat over een oude boer die zijn nog oudere vader naar boven verhuist. De boer krijgt bezoek en doet alsof vader dood is. Buiten is het grijs maar de gordijnen moeten dicht. Ik kan de letters niet meer zien en val zelf ook in slaap. Ik droom dat ik oma verstop. Ik schrik wakker van de bel. De zuster wil thee zetten. Maar dat is is niet nodig, ik doe dat vandaag. We eten er koek bij. Veel koek. En aardbeien (in november!) en kiwi en peer en vis. We smullen. Oma heeft vet aan haar kin.

Als het tijd wordt dat ik ga, wordt ze onrustig. 'Wat moet ik nou?' zegt ze. Ik was nog even af en vraag of ze straks zelf kan afdrogen.
'Tot volgende week.'
'Tot volgende week.'
Dan ren ik het donker in, het park door, naar de bus, de trein, naar een huis vol kinderen, computers, de tv. Oma zit in haar lege huis. Ze wacht.

Op Hawaii overlijdt een andere oma.