"Ik kijk nooit tv", zei ik stoer.
"Jawel, je kijkt elke avond tv", wierp Kees (11) tegen.
"Ik krijg vaak genoeg kijktips van je" deed zijn vader er nog een schepje bovenop.
Ik bond in. Ze hadden gelijk. Ik kijk eigenlijk best vaak. Naar 'langs de oevers van de Yangtze', of naar '3 op reis' en onlangs zelfs naar 'Het beste Brein' (waarbij ik bij het rekenonderdeel volledig door Kees werd weggeblazen). Maar het vaakst nog naar reclame. In eerste instantie omdat ik nog steeds geen afstandsbediening heb. Maar ook omdat commercials het niveau van de deskundige in de witte jas die het waspoeder aanprijst, al lang zijn ontstegen.
Bijna bloot doet het altijd goed. De suggestie van lekkere seks prikkelt onze koophormonen. Schaars geklede vrouwen worden gelinkt aan auto's en parfum. Gezichtscreme en chocola worden aangeprezen met geile voice-overs. Maar gister werd ik gefêteerd op een geheel blote man. Die met een gelukzalige grijns in slow motion van een helling af rolde. Hierna volgde een spotje met een andere bloterik die naar een rode Engelse telefooncel rende. Het ging hier respectievelijk om een bouwmarkt en, jawel, ontbijtkoek. Wat opviel was dat beide heren ontdaan leken van hun libido. Dat lag niet aan het buiten beeld houden van hun geslachtdelen maar meer aan het feit dat goed geklede kerels vaak sensueler ogen (koffie!) dan bloot.
Zou het voor onze opgroeiende jeugd niet goed zijn als het taboe op het tonen van -normale- geslachtdelen weer wordt doorbroken? Nu extreme preutsheid lijkt te zijn doorgedrongen tot bad- en kleedkamer. Ik meen me te herinneren dat er vroeger bij gym tot een jaar of tien gemengde kleedkamers waren en dat er ook gemengd werd gedoucht. (nee, ik keek natuurlijk niet. Ik was toen nog een bleu blond vlechtenmeisje). Inmiddels schijnt het bij gym en bij sport normaal om ook bij gescheiden douchen een onderbroek aan te houden. Als er al wordt gedoucht. Tot mijn verbazing wist een ervaren trainer mij onlangs te zeggen het vaak de ouders zélf zijn die hier voor gaan liggen. Misschien denkt men dat elke trainer die met jeugd werkt zich aan blote kindertjes vergrijpt? Of zijn we zelf bang voor bloot geworden omdat we dit automatisch aan seks linken?
Maar hoe komt de toekomstige generatie er nu achter hoe het andere geslacht er uit ziet? Of dat van zijn seksegenoten? Welk ander referentiekader rest hen dan het stiekem bezoeken van pornosites vol piemels van twintig centimeter en gemodelleerde kale kutten en vol- (of vooral onder-) gespoten borsten. (Ook het beeld dat spermaspuiterij iets fijns of verplichts zou zijn is hardnekkig. Niet alleen onder jongeren).
Ik wacht met smart op de eerste commercial waarbij een sportheld verschijnt met een kleine, onbesneden pik of een scheve grote kut. Ter inspiratie kunnen reclamejongens het British museum bezoeken. Waar blote rennende mannen als helden worden afgebeeld. 2500 jaar geleden was je met een klein pikkie gewoon cool!
Posts tonen met het label seks. Alle posts tonen
Posts tonen met het label seks. Alle posts tonen
maandag 25 april 2016
maandag 15 februari 2016
Betaalde liefde
Het lijkt verdorie wel lente. Zelfs Rita Verdonk gaat op de koffie bij een asielzoeker en predikt samen met weggepeste oud-minister Ella Vogelaar voor een herwaardering van de inburgering. En Rogier van Boxtel denkt dat alles goed komt als nieuwkomers maar genoeg onder de mensen komen.
Het is ook voorjaar in de liefde. Het is weliswaar koud, maar ook zonnig. Op de afsluitdijk stripte vandaag een dame voor een stel verbouwereerde Italiaanse toeristen. Eindelijk weer echte mensen in plaats van liefderobots. De Italianen applaudisseerden in hun dikke winterjassen. En zo kwam een bus vol vrolijke sekswerkers op prime-time onze huiskamers binnen.
Dat werd tijd. Om de boel eens van een andere kant te bekijken. Een gevluchte Bosniër die via werk bij een kippenboer nu kunstwerken voor vijftienduizend euro aan de man brengt (Tegen Rita: "Er zitten wel zevenhonderd uur in!") en hoeren die de-dag-van-de-betaalde-liefde vieren. Werk waar maar weinigen vrijwillig toe in staat zijn maar dat wereldwijd in een enorme behoefte voorziet. Voor hen die nooit enige vorm van seksuele aanraking kenden. Maar vast ook voor mannen die klem zitten in een uitzichtloze relatie. Of, om met de woorden van ex-prostituee Xaviera Hollander te spreken: 'Ik had klanten die binnenkwamen met "My wife is so cold." Die kropen boven op me en waren in twee tellen klaar. Hoe durf je! Dus ik zei: of ik leer je de lessen, of je hoeft niet meer terug te komen'. Meestal zag ik ze terug. Dan had ik ze in een maand veel bijgebracht over orale seks en voorspel en dan was het: "Nou gaat het goed met mijn vrouw, ik hoef eigenlijk niet meer te komen." Ha ha, had ik mijn eigen glazen ingegooid". *
Weet je wat Xaviera ook zei: 'Ik zocht vooral meisjes met humor, die wat tekst hadden, en bijvoorbeeld twee talen spraken.'
Ik wil maar zeggen. Het komt vast wel goed met die inburgering. Lang leve de lente!
*De rest van het interview staat in Trouw
De foto's maakte ik op de Amsterdamse Wallen. Bij 'Ons-lieve-heer-op-Solder'. Eerst kon ik het niet vinden en er was niet één inheemse hoerenloper om het aan te vragen. Toen een agent het uitlegde, vroeg hij of ik wist waar 'Moscou' was. Want daar moest je rechts. Volgende keer klop ik wel op een rood raam om de weg naar deze prachtige schuilkerk te vragen.
Het is ook voorjaar in de liefde. Het is weliswaar koud, maar ook zonnig. Op de afsluitdijk stripte vandaag een dame voor een stel verbouwereerde Italiaanse toeristen. Eindelijk weer echte mensen in plaats van liefderobots. De Italianen applaudisseerden in hun dikke winterjassen. En zo kwam een bus vol vrolijke sekswerkers op prime-time onze huiskamers binnen.
Dat werd tijd. Om de boel eens van een andere kant te bekijken. Een gevluchte Bosniër die via werk bij een kippenboer nu kunstwerken voor vijftienduizend euro aan de man brengt (Tegen Rita: "Er zitten wel zevenhonderd uur in!") en hoeren die de-dag-van-de-betaalde-liefde vieren. Werk waar maar weinigen vrijwillig toe in staat zijn maar dat wereldwijd in een enorme behoefte voorziet. Voor hen die nooit enige vorm van seksuele aanraking kenden. Maar vast ook voor mannen die klem zitten in een uitzichtloze relatie. Of, om met de woorden van ex-prostituee Xaviera Hollander te spreken: 'Ik had klanten die binnenkwamen met "My wife is so cold." Die kropen boven op me en waren in twee tellen klaar. Hoe durf je! Dus ik zei: of ik leer je de lessen, of je hoeft niet meer terug te komen'. Meestal zag ik ze terug. Dan had ik ze in een maand veel bijgebracht over orale seks en voorspel en dan was het: "Nou gaat het goed met mijn vrouw, ik hoef eigenlijk niet meer te komen." Ha ha, had ik mijn eigen glazen ingegooid". *
Weet je wat Xaviera ook zei: 'Ik zocht vooral meisjes met humor, die wat tekst hadden, en bijvoorbeeld twee talen spraken.'
Ik wil maar zeggen. Het komt vast wel goed met die inburgering. Lang leve de lente!
*De rest van het interview staat in Trouw
De foto's maakte ik op de Amsterdamse Wallen. Bij 'Ons-lieve-heer-op-Solder'. Eerst kon ik het niet vinden en er was niet één inheemse hoerenloper om het aan te vragen. Toen een agent het uitlegde, vroeg hij of ik wist waar 'Moscou' was. Want daar moest je rechts. Volgende keer klop ik wel op een rood raam om de weg naar deze prachtige schuilkerk te vragen.
Labels:
afsluitdijk,
Amsterdam,
dagvandebetaaldeliefde,
Ella Vogelaar,
Friesland,
inburgering,
integratie,
nieuwkomers,
Rita Verdonk,
Rogier van Boxtel,
seks,
taallessen,
Xaviera Hollander
dinsdag 14 april 2015
Een ultrakorte relatie
'Lokaal van leraar X vol wierook gezet.'
'De geraniums van Y uit het raam gegooid.'
'De deuropener gesaboteerd zodat je bij te laat komen toch naar binnen kon.'
Drie willekeurige teksten op de biechtmuur in het 'sentimentlokaal'. Veel losse foto's en enkele albums liggen er verspreid op tafels. Deze zaterdag werd het vijfenzestigjarig bestaan van mijn middelbare school gevierd. De biecht 'laxeermiddel in koffie van leraar' komt zo vaak voorbij, dat het hele personeelsbestand aan de schijterij moet zijn geweest. Maar misschien waren het slechts enkelen die het moesten ontgelden. Of is het grootspraak. Net als 'Geblowd/ gedronken in de klas (met leraren)' of 'Seks gehad in de invalidentoilet'. Eén bekentenis geloof ik echter direct. 'Ik heb een ultra korte relatie gehad met leraar X.' De leraar in kwestie wordt met voor- en achternaam genoemd. Ook de ondertekenaar is niet anoniem.
Het maakt de tongen los van een paar meisjes, pardon, vrouwen, die er omheen staan. Ze hebben soortgelijke ervaringen. Met deze leraar. En met een andere. 'Kijk, daar heb je de viezerik' vang ik op, terwijl ze een foto uit de stapel pakken. 'Ja man, die is nog met ons op kamp geweest. En toen ging dat de hele avond door, ging hij alle tentjes af.' Ik begrijp dat één van de leraren met de stille trom van school vertrok. Waarom is mij niet duidelijk.
Een schoolgenootje van me vertelt dat de docent van de 'ultrakorte relatie' graag haar voeten masseerde. Het bleef niet bij haar voeten. Later, in de kantine, praat ik lange tijd met een jongen waar ik vroeger mee op het toneel stond. Een toneelstuk dat, zoals elk jaar, werd geschreven en geregisseerd door de voetenmasseur. In een pauzemoment van één van de repetities zoende hij ook mij. Niet in het invalidentoilet of op zijn kamer, maar op de gang. Het was nat en openbaar en toch in het donker. Maar dat bedenk ik me nu pas.
Een oud-schoolgenoot, die net als ik de school ooit zonder diploma verliet, geeft er nu zelf les. De 'biecht' verbaast haar niet. De masseur-regisseur-ultrakorterelatie-docent had ook haar geprobeerd te zoenen. Het klasgenootje met wie ik hierna praat heeft tijdens het zeilkamp -hij kon wel in het bed boven haar- dezelfde leraar van zich weggeduwd. En ze vertelt meer. Ik vraag me hardop af waarom zij, of iemand anders er toen niks over zei naar anderen. 'Ach', antwoordt ze, 'hij had toch openlijk een relatie met G.? Kennelijk was het gewoon'. Andere tijden.
Wat ik zelf ervoer toen deze leraar me zoende? Of ik het fijn of vies vond? Of ik er bang of opgewonden van werd? Ik weet het me niet te herinneren. Hij was mentor van de klas van mijn zus, en later van mij. Hij ging mee op kamp en kwam ook in mijn ouderlijk huis over de vloer bij het klassenfeest. Als prille brugpieper volgde ik bij hem lessen drama.
Mijn middelbare schooltijd was voor mij een verademing. Ik werd niet meer gepest. Ik kon eindelijk mezelf zijn. Iedereen mocht er zichzelf zijn. Misschien gold dat ook voor leraren. Of dachten sommigen dat 'zoenen' of 'lichamelijke verkenning' tot de algemene ontwikkeling behoorde. En vonden jonge docenten dat een meisje beter met een ervaren man kon oefenen dan met een nerveuze, pukkelige puber.
Anno 2015 is het dokter Corrie die ons op de buis vertelt hoe je zoiets aanpakt. Haar gastzoener, pardon, -spreker, Alexander Pechtold legt uit dat je dames best het initiatief mag laten nemen. Helaas zijn de video's hiervan online niet meer beschikbaar. Het protest van ouders tegen haar seksuele voorlichting op tv is nu groter dan anno 1985 tegen docenten die 'praktijkonderwijs' bedreven. Zou het meisje dat Pechtold als puber zoende eerst met een ouderling op school of in de kerk hebben geoefend? Of hij zelf?
Deze week schreef Theodoor Holman dat op zijn middelbare school bijna ALLE leraren onder de 35 een geheime verhouding hadden met een leerling. En dat hij daar wel eens jaloers op was. De column laat in het midden of Holman die jaloezie als brugpieper of docent ervoer. Andersom denk ik nu dat er op mijn school bijna geen meisjes waren bij wie de voetenmasseur-regisseur het niet probeerde.
Hij schrijft nu boeken en vertelt op de radio. Onder andere over hoe gebeurtenissen uit je jeugd kunnen doorwerken in je verdere leven. Op de reünie heb ik hem niet gezien.
Ben benieuwd wat de biechtmuur ons in 2020 onthult.
'De geraniums van Y uit het raam gegooid.'
'De deuropener gesaboteerd zodat je bij te laat komen toch naar binnen kon.'
Drie willekeurige teksten op de biechtmuur in het 'sentimentlokaal'. Veel losse foto's en enkele albums liggen er verspreid op tafels. Deze zaterdag werd het vijfenzestigjarig bestaan van mijn middelbare school gevierd. De biecht 'laxeermiddel in koffie van leraar' komt zo vaak voorbij, dat het hele personeelsbestand aan de schijterij moet zijn geweest. Maar misschien waren het slechts enkelen die het moesten ontgelden. Of is het grootspraak. Net als 'Geblowd/ gedronken in de klas (met leraren)' of 'Seks gehad in de invalidentoilet'. Eén bekentenis geloof ik echter direct. 'Ik heb een ultra korte relatie gehad met leraar X.' De leraar in kwestie wordt met voor- en achternaam genoemd. Ook de ondertekenaar is niet anoniem.
Het maakt de tongen los van een paar meisjes, pardon, vrouwen, die er omheen staan. Ze hebben soortgelijke ervaringen. Met deze leraar. En met een andere. 'Kijk, daar heb je de viezerik' vang ik op, terwijl ze een foto uit de stapel pakken. 'Ja man, die is nog met ons op kamp geweest. En toen ging dat de hele avond door, ging hij alle tentjes af.' Ik begrijp dat één van de leraren met de stille trom van school vertrok. Waarom is mij niet duidelijk.
Een schoolgenootje van me vertelt dat de docent van de 'ultrakorte relatie' graag haar voeten masseerde. Het bleef niet bij haar voeten. Later, in de kantine, praat ik lange tijd met een jongen waar ik vroeger mee op het toneel stond. Een toneelstuk dat, zoals elk jaar, werd geschreven en geregisseerd door de voetenmasseur. In een pauzemoment van één van de repetities zoende hij ook mij. Niet in het invalidentoilet of op zijn kamer, maar op de gang. Het was nat en openbaar en toch in het donker. Maar dat bedenk ik me nu pas.
Een oud-schoolgenoot, die net als ik de school ooit zonder diploma verliet, geeft er nu zelf les. De 'biecht' verbaast haar niet. De masseur-regisseur-ultrakorterelatie-docent had ook haar geprobeerd te zoenen. Het klasgenootje met wie ik hierna praat heeft tijdens het zeilkamp -hij kon wel in het bed boven haar- dezelfde leraar van zich weggeduwd. En ze vertelt meer. Ik vraag me hardop af waarom zij, of iemand anders er toen niks over zei naar anderen. 'Ach', antwoordt ze, 'hij had toch openlijk een relatie met G.? Kennelijk was het gewoon'. Andere tijden.
Wat ik zelf ervoer toen deze leraar me zoende? Of ik het fijn of vies vond? Of ik er bang of opgewonden van werd? Ik weet het me niet te herinneren. Hij was mentor van de klas van mijn zus, en later van mij. Hij ging mee op kamp en kwam ook in mijn ouderlijk huis over de vloer bij het klassenfeest. Als prille brugpieper volgde ik bij hem lessen drama.
Mijn middelbare schooltijd was voor mij een verademing. Ik werd niet meer gepest. Ik kon eindelijk mezelf zijn. Iedereen mocht er zichzelf zijn. Misschien gold dat ook voor leraren. Of dachten sommigen dat 'zoenen' of 'lichamelijke verkenning' tot de algemene ontwikkeling behoorde. En vonden jonge docenten dat een meisje beter met een ervaren man kon oefenen dan met een nerveuze, pukkelige puber.
Anno 2015 is het dokter Corrie die ons op de buis vertelt hoe je zoiets aanpakt. Haar gastzoener, pardon, -spreker, Alexander Pechtold legt uit dat je dames best het initiatief mag laten nemen. Helaas zijn de video's hiervan online niet meer beschikbaar. Het protest van ouders tegen haar seksuele voorlichting op tv is nu groter dan anno 1985 tegen docenten die 'praktijkonderwijs' bedreven. Zou het meisje dat Pechtold als puber zoende eerst met een ouderling op school of in de kerk hebben geoefend? Of hij zelf?
Deze week schreef Theodoor Holman dat op zijn middelbare school bijna ALLE leraren onder de 35 een geheime verhouding hadden met een leerling. En dat hij daar wel eens jaloers op was. De column laat in het midden of Holman die jaloezie als brugpieper of docent ervoer. Andersom denk ik nu dat er op mijn school bijna geen meisjes waren bij wie de voetenmasseur-regisseur het niet probeerde.
Hij schrijft nu boeken en vertelt op de radio. Onder andere over hoe gebeurtenissen uit je jeugd kunnen doorwerken in je verdere leven. Op de reünie heb ik hem niet gezien.
Ben benieuwd wat de biechtmuur ons in 2020 onthult.
Labels:
dokter Corrie,
geschiedenis,
kinderen,
leren,
misbruik,
Pechtold,
school,
seks,
zoenen
zondag 10 november 2013
De brug en de liefde
Vervolg op Ernestina
In 1886, hij was toen iets langer dan een jaar getrouwd met Maria dos Santos, een meisje uit Estevais, woonde hij met haar de grote feestelijkheden bij ter gelegenheid van de opening van de nieuwe brug over de Douro, de ponte de Dom Luis.
127 jaar later, ze waren toen iets langer dan acht maanden samen, dronk ze twee koppen thee en
zette ze koffie voor haar lief. Ze stopte Ernestina in haar rolkoffer en smste
de eigenaar van hun gehuurde kelderwoning. Met grote passen beenden
ze door donker Villa Nova de Gaia, in de richting van de Douro, die in de diepte lag. Maar de weg liep stijl
omhoog. Om 03.26 uur stapten ze op het bovendek van de ijzeren brug, dezelfde als waar
de grootouders van Rentes de opening van hadden bijgewoond. Ergens tussen die dag en vandaag, liep Rentes zelf over het benedendek, op de eerste dag dat hij naar het lyceum ging.
Begin oktober was het zover. Ik stond in nieuwe kleren en met een
schooltas vol boeken in de kamer, mijn moeder huilde alsof ik naar de
kolonies vertrok, en mijn vader stak een sigaret op, pakte me bij de
hand en leidde me, om me voor eens en voor altijd de weg te wijzen, een
eind langs de rivier, de brug over en aan de overkant via de Muro dos
Guindais, Corticeira en Fontainhais door de straten achter het kerkhof
Prado de repouso. Ten slotte kwamen we uit in een laan,
hij keek op zijn horloge en zei dat het ons ruim een uur had gekost,
zodat ik dus voortaan voor achten de deur uitmoest. blz 242.
Met pap in hun benen, nauwelijks in staat om van Porto in het donker te genieten, rolden ze met hun koffertjes over de stalen brug. Rechts van hen liep de 'funicolar dos Guindais', de kabelbaan die het hoogteverschil tussen het boven- en benedendek overbrugt. Iets hoger de rua de Fontainhais, inmiddels half ingestort, met een betonnen muur dwars over de straat. In de verte de Corticeira, het 'afstekertje'. Toen ze de brug helemaal over waren, gaf haar mobiel 03.34 aan. Na een nieuwe afdaling passeerden ze het beroemde Estacao San Bento. Een mooi maar mysterieus station, waar geen spoor lijkt heen te gaan.
Toen de chef floot voor vertrek en de locomotief antwoordde en de conducteur langsliep om te kijken of alle deuren dichtwaren, hing ik uit het raampje met in de ene hand een kippenbout en in de andere een glas limonade. De grootste tunnel begint in het station en is lang, maar ik bleef bij het raam om het moment niet te missen dat we eruit kwamen en ik omkijkend in de verte ons huis zou kunnen zien liggen. Daar, in volle beweging en zo hoog dat ik dacht te vliegen, was het uitzicht met de twee bruggen, de rivier beneden, de huizen, de zeeschepen, en de rabelo's ronduit schitterend. blz 215
Late feestgangers hingen rond op de 'Avenida dos aleados'. Het regende. Toen om vier uur de bus vertrok, at ook haar lief zijn eerste broodje. Om de kotslucht van de late feestgangers mee te verdrijven. Een paar zwartrijders werden halverwege door agenten rechtstreeks het bureau in geloodst. De bus racete met ongekende snelheid over de nog verlaten straten van Porto.
De 's avonds tevoren klaargemaakte pakken, kisten, manden, koffers en tassen werden door mijn vader geteld en in plaats van een taxi te zoeken (..) had hij een groep sjouwsters opgetrommeld. blz. 212.
De avond tevoren kookte ze eitjes, smeerde brood met Queijo Sao Jorge, sneed komkommer en wikkelde twee pakjes kweeperen- (marmelo) jam in folie, als souvenir voor haar vader. Ook goot ze de heerlijke olijfolie van een glazen fles over in eentje van plastic. Om mee te nemen. Een beetje dom, want wie alleen met handbagage reist, mag wat vloeibaar is en meer dan 125 gram weegt niet meenemen. Alleen de tomaten, een klein pakje yoghurt en de eitjes mochten van de douanejuffrouw mee in het vliegtuig.
's Avonds, terug in Nederland, pakte ze het laatste stukje Sao Jorge kaas uit het doosje.
Op het deksel stond 'Doces momentos'.
Zoete momenten.
In die grote vredige stilte kleedde Ernestina zich uit, kuste me, liet zich strelen, spotte stilletjes met mijn haast, remde mijn onstuimigheid af of hekelde mijn onschuld, alsof het feit dat ik nog een kind was, haar opwinding verhoogde. Ze verbood een kus, lokte een streling uit. Trok zich los uit mijn omarming en terwijl ze zich omdraaide, klemde ze mij tussen haar benen, genietend van haar overwinning, in mijn lippen bijtend tot ze buiten adem was. Gek van begeerte had ze makkelijk een speelbal van mij kunnen maken. (...)
Haar zachte huid kleefde aan die van mij, versmolt ermee, terwijl haar vingers, tien klauwen, mij een vreemd tegenstrijdig gevoel bezorgden, een gevoel van angst en extase, van zonde en fascinatie. Toen ze het wilde bood ze mij haar lichaam, maar voor die gift en dat moment zijn geen woorden.
blz 314. augustus 1945.
In 1886, hij was toen iets langer dan een jaar getrouwd met Maria dos Santos, een meisje uit Estevais, woonde hij met haar de grote feestelijkheden bij ter gelegenheid van de opening van de nieuwe brug over de Douro, de ponte de Dom Luis.
Toen de chef floot voor vertrek en de locomotief antwoordde en de conducteur langsliep om te kijken of alle deuren dichtwaren, hing ik uit het raampje met in de ene hand een kippenbout en in de andere een glas limonade. De grootste tunnel begint in het station en is lang, maar ik bleef bij het raam om het moment niet te missen dat we eruit kwamen en ik omkijkend in de verte ons huis zou kunnen zien liggen. Daar, in volle beweging en zo hoog dat ik dacht te vliegen, was het uitzicht met de twee bruggen, de rivier beneden, de huizen, de zeeschepen, en de rabelo's ronduit schitterend. blz 215
Late feestgangers hingen rond op de 'Avenida dos aleados'. Het regende. Toen om vier uur de bus vertrok, at ook haar lief zijn eerste broodje. Om de kotslucht van de late feestgangers mee te verdrijven. Een paar zwartrijders werden halverwege door agenten rechtstreeks het bureau in geloodst. De bus racete met ongekende snelheid over de nog verlaten straten van Porto.
De 's avonds tevoren klaargemaakte pakken, kisten, manden, koffers en tassen werden door mijn vader geteld en in plaats van een taxi te zoeken (..) had hij een groep sjouwsters opgetrommeld. blz. 212.
De avond tevoren kookte ze eitjes, smeerde brood met Queijo Sao Jorge, sneed komkommer en wikkelde twee pakjes kweeperen- (marmelo) jam in folie, als souvenir voor haar vader. Ook goot ze de heerlijke olijfolie van een glazen fles over in eentje van plastic. Om mee te nemen. Een beetje dom, want wie alleen met handbagage reist, mag wat vloeibaar is en meer dan 125 gram weegt niet meenemen. Alleen de tomaten, een klein pakje yoghurt en de eitjes mochten van de douanejuffrouw mee in het vliegtuig.
's Avonds, terug in Nederland, pakte ze het laatste stukje Sao Jorge kaas uit het doosje.
Op het deksel stond 'Doces momentos'.
Zoete momenten.
In die grote vredige stilte kleedde Ernestina zich uit, kuste me, liet zich strelen, spotte stilletjes met mijn haast, remde mijn onstuimigheid af of hekelde mijn onschuld, alsof het feit dat ik nog een kind was, haar opwinding verhoogde. Ze verbood een kus, lokte een streling uit. Trok zich los uit mijn omarming en terwijl ze zich omdraaide, klemde ze mij tussen haar benen, genietend van haar overwinning, in mijn lippen bijtend tot ze buiten adem was. Gek van begeerte had ze makkelijk een speelbal van mij kunnen maken. (...)
Haar zachte huid kleefde aan die van mij, versmolt ermee, terwijl haar vingers, tien klauwen, mij een vreemd tegenstrijdig gevoel bezorgden, een gevoel van angst en extase, van zonde en fascinatie. Toen ze het wilde bood ze mij haar lichaam, maar voor die gift en dat moment zijn geen woorden.
blz 314. augustus 1945.
Labels:
buitenland,
familie,
genot,
geschiedenis,
Portugal,
reizen,
Rentes de Carvalho,
schrijven,
seks,
taal,
vader,
vakantie
woensdag 6 februari 2013
Zuigende pindakaas
De lange ladders, drilboren en kitpistolen liet Lehti vanmorgen links liggen. Ze vond het een uitgelezen dag om zich weer eens van haar vrouwelijke kant te laten zien. Zij douchte lang, maakte zich minimaal op en deed frisse kleertjes aan. Maar toen?
Hoe kom je, als rechtgeaarde dame, het beste tot je recht op zo'n doordeweekse ochtend? Door chocola te gaan schranzen? koffieleuten? ongebreideld te roddelen? Een combinatie zou ook kunnen. Want multitasken is naar het schijnt bijzonder vrouwelijk.
Kleding shoppen viel af. Dat deed ik al -vijf maanden geleden- en was geen onverdeeld succes. Hoewel ik het gehannes in zo'n zweterig peeskamertje met te weinig en veel te hippe (dus onhandige) haken wel heb overleefd. Ik kocht op de valreep zelfs een jas! Toegegeven, hij ìs te groot en toen ik die laatst dichtdeed riep iemand: "Lehti, je knoopt 'm schééf, zo kom je natuurlijk nóóit aan een vent." Maargoed, vanmorgen ging ik, in gezelschap van die gevatte dame, èn van de voormalige winkeljuffrouw, èn van de vrouw die een heerlijke vruchtencake meenam waar je niet dik van wordt.
Koffie drinken.
En het was nog echte koffie ook. Geen hete kom vol chocomel met een grote, geile, langzaam over de rand lopende dot slagroom er op (waarbij sommige vrouwen dan menen dat ik de enige ben die schaamteloos zo'n caloriebom naar binnen kan werken). Ook niet zo'n aangelengde plas 'Latte'. (Op alles wat Italiaans klinkt zit standaard twintig procent aantrekkelijkheids-tax). Nee, mijn inktzwarte koffie zat in zo'n pietepeuterig ieniemieniekopje. Ik goot er vervolgens zoveel suiker in dat de inhoud verdubbelde, en slurpte toen aandachtig het vloeibare zoete vocht naar binnen.
Wat zeg je? Zo'n kopje natgeroerde suiker is mannenleut? Ook best. De macho in mij moet ook gevoed, niet waar. Ter compensatie was het geklets dan wel weer übervrouwelijk. Niet te direct en zo. Je weet wel. En ik betaalde, bij hoge uitzondering, de eerste koffieronde. Wat een gentlewoman.
Waar het over ging? Nou, wij spraken braaf over Cito-toets en schoolkeuze. Het ging over de schoonmaak (-man, -middel, -sters) en over ons werk. Maar vooral óók over wat er tijdens dat werk besproken werd. Dat gaat dan dus niet over wie er die nacht, waar, hoe en door wie werd genomen, maar wèl over welke BN-er er in sommige stoute dromen voorbijkwam. Níet over wilde fantasieën om met pruimenjam dan wel onder de slagroom te worden afgelikt. Maar wèl over het andere geslacht.
Neem dat geslacht gerust letterlijk.
Dus in welk soort etenswaar steken geile mannen graag hun jongeheer. Liever in een warme appeltaart of in een smeuïge pot pindakaas? En of het voor de -aan- zuigende werking dan uitmaakt of daar hele stukjes noot in zitten. Het antwoord op deze vraag bleven we aan elkaar schuldig.
Maar vrouwen denken of praten natuurlijk niet over s.eks alléén -wie wil er nu wedijveren met het sterke geslacht?!- Nee, zij wisselen vooral hoogdravende informatie aan elkaar uit over kunst met een grote K. Over films als Call girl of The patience stone bijvoorbeeld. Met hoeren en mannen met macht in de hoofdrol. En we spraken over boeken. Van Esther Jacobs bijvoorbeeld: Heb jij al een foute man? Dat onder meer theoretische uitleg geeft bij het feit dat vrouwen gedurende hun cyclus op een ander soort man kunnen vallen. Ik hield ook nog een betoog waarin ik mannen vergeleek met bloemkolen. Maar dat kon ik zelf niet helemaal volgen.
De vrouwenochtend is voorbij. Ik mag me weer fijn in mijn stinkende overall hijsen, mijn haren tot sisaltouw reduceren en kloofjes kweken in mijn nu nog zachte vingers. Waarmee ik als lunch acht boterhammen met pindakaas naar binnenprop.
Voetballen is per slot ook niet aan elke man besteed.
Hoe kom je, als rechtgeaarde dame, het beste tot je recht op zo'n doordeweekse ochtend? Door chocola te gaan schranzen? koffieleuten? ongebreideld te roddelen? Een combinatie zou ook kunnen. Want multitasken is naar het schijnt bijzonder vrouwelijk.
Kleding shoppen viel af. Dat deed ik al -vijf maanden geleden- en was geen onverdeeld succes. Hoewel ik het gehannes in zo'n zweterig peeskamertje met te weinig en veel te hippe (dus onhandige) haken wel heb overleefd. Ik kocht op de valreep zelfs een jas! Toegegeven, hij ìs te groot en toen ik die laatst dichtdeed riep iemand: "Lehti, je knoopt 'm schééf, zo kom je natuurlijk nóóit aan een vent." Maargoed, vanmorgen ging ik, in gezelschap van die gevatte dame, èn van de voormalige winkeljuffrouw, èn van de vrouw die een heerlijke vruchtencake meenam waar je niet dik van wordt.
Koffie drinken.
En het was nog echte koffie ook. Geen hete kom vol chocomel met een grote, geile, langzaam over de rand lopende dot slagroom er op (waarbij sommige vrouwen dan menen dat ik de enige ben die schaamteloos zo'n caloriebom naar binnen kan werken). Ook niet zo'n aangelengde plas 'Latte'. (Op alles wat Italiaans klinkt zit standaard twintig procent aantrekkelijkheids-tax). Nee, mijn inktzwarte koffie zat in zo'n pietepeuterig ieniemieniekopje. Ik goot er vervolgens zoveel suiker in dat de inhoud verdubbelde, en slurpte toen aandachtig het vloeibare zoete vocht naar binnen.
Wat zeg je? Zo'n kopje natgeroerde suiker is mannenleut? Ook best. De macho in mij moet ook gevoed, niet waar. Ter compensatie was het geklets dan wel weer übervrouwelijk. Niet te direct en zo. Je weet wel. En ik betaalde, bij hoge uitzondering, de eerste koffieronde. Wat een gentlewoman.
Waar het over ging? Nou, wij spraken braaf over Cito-toets en schoolkeuze. Het ging over de schoonmaak (-man, -middel, -sters) en over ons werk. Maar vooral óók over wat er tijdens dat werk besproken werd. Dat gaat dan dus niet over wie er die nacht, waar, hoe en door wie werd genomen, maar wèl over welke BN-er er in sommige stoute dromen voorbijkwam. Níet over wilde fantasieën om met pruimenjam dan wel onder de slagroom te worden afgelikt. Maar wèl over het andere geslacht.
Neem dat geslacht gerust letterlijk.
Dus in welk soort etenswaar steken geile mannen graag hun jongeheer. Liever in een warme appeltaart of in een smeuïge pot pindakaas? En of het voor de -aan- zuigende werking dan uitmaakt of daar hele stukjes noot in zitten. Het antwoord op deze vraag bleven we aan elkaar schuldig.
Maar vrouwen denken of praten natuurlijk niet over s.eks alléén -wie wil er nu wedijveren met het sterke geslacht?!- Nee, zij wisselen vooral hoogdravende informatie aan elkaar uit over kunst met een grote K. Over films als Call girl of The patience stone bijvoorbeeld. Met hoeren en mannen met macht in de hoofdrol. En we spraken over boeken. Van Esther Jacobs bijvoorbeeld: Heb jij al een foute man? Dat onder meer theoretische uitleg geeft bij het feit dat vrouwen gedurende hun cyclus op een ander soort man kunnen vallen. Ik hield ook nog een betoog waarin ik mannen vergeleek met bloemkolen. Maar dat kon ik zelf niet helemaal volgen.
De vrouwenochtend is voorbij. Ik mag me weer fijn in mijn stinkende overall hijsen, mijn haren tot sisaltouw reduceren en kloofjes kweken in mijn nu nog zachte vingers. Waarmee ik als lunch acht boterhammen met pindakaas naar binnenprop.
Voetballen is per slot ook niet aan elke man besteed.
dinsdag 11 september 2012
Blind date
Een door anderen georganiseerde afspraak, ontmoeting of, maar dat wordt vaak eufemistisch als 'het was errug gezellig' benoemd, vrijpartij, met een onbekende. Nooit gedaan. Of het moet die keer zijn geweest dat ik, in het pré internettijdperk, reageerde op een contactadvertentie en zomaar ergens op een aanrecht in Rotterdam belandde. Ja, niet gelijk natuurlijk. We gingen eerst schaatsen. Niet uit eten. Want dat zou, zo beweert wikipedia, geen goede versiertechniek zijn. Veertig kilometer. In de Weerribben. Mensen, wat kon hij dat goed, schaatsen. Ik ging ook lekker hard, in zijn kielzog, maar vloog toen zomaar het riet in. Bocht naar links gemist.
Morgen is het weer zover. Fijn met z'n allen. Met zo'n rood potlood in een houten hokje bepalen we weliswaar niet met wie we in het riet of op het aanrecht belanden, maar wel of we voortaan op zondag naar de AH mogen (op jacht naar de ware?) en of onze puberkinders hun tussenuren in de coffeeshop slijten. Althans, dat wil die fraaie stemwijzer mij laten doen geloven. Die ik net deed.
Wel lastig hoor. Van die dubbele dubbele ontkenningen....
De aftrek van de hypotheekrente moet niet verder worden beperkt.
Eh, aftrek... dat is dus een min (-),
rente, dat gaat er weer bij, dus een plusje (+),
niet (-)
verder (+)
beperkt....(-)
Ook campagnevoerders lijken soms moeite te hebben met stellingen. Zo las ik in het Dagbad van het Noorden (bóven de rubriek relatiebemiddeling ;-)
Als de zetels straks zijn verdeeld, of versnipperd, zo je wilt, zal het vormen van een regering wel net zo lastig zijn als het interpreteren van de uitkomst van mijn stemwijzer. Tussen de eerste en de laatste partij zit slechts vier punten verschil (van de in totaal dertig stellingen). De partij op wie ik voornemens was te gaan stemmen (zo zweverig ben ik nu ook weer niet) komt als elfde uit de bus! Als ik de splinterpartijen uitschakel, staat ie op nummer zeven. Wat moet ik nou? Als linkse ondernemer is het lastig keuzes maken.
Ik vrees dat mijn keuze morgen een blinde is.
En 's avonds ga ik dan toch eindelijk naar die veelgeprezen Franse film 'Intouchables'.
Met mijn date. Geen blinde. Het zou wat zijn zeg.
Morgen is het weer zover. Fijn met z'n allen. Met zo'n rood potlood in een houten hokje bepalen we weliswaar niet met wie we in het riet of op het aanrecht belanden, maar wel of we voortaan op zondag naar de AH mogen (op jacht naar de ware?) en of onze puberkinders hun tussenuren in de coffeeshop slijten. Althans, dat wil die fraaie stemwijzer mij laten doen geloven. Die ik net deed.
Wel lastig hoor. Van die dubbele dubbele ontkenningen....
De aftrek van de hypotheekrente moet niet verder worden beperkt.
Eh, aftrek... dat is dus een min (-),
rente, dat gaat er weer bij, dus een plusje (+),
niet (-)
verder (+)
beperkt....(-)
Ook campagnevoerders lijken soms moeite te hebben met stellingen. Zo las ik in het Dagbad van het Noorden (bóven de rubriek relatiebemiddeling ;-)
'Oorzaken oplossen in plaats van symtomen?
(ja, zonder p)
Dit doen alle huidige partijen. Wij niet!
En 'wij' dat is dus de Symtoom Oplossers Partij Nederland. Of zou dat voor iets anders staan?
Als de zetels straks zijn verdeeld, of versnipperd, zo je wilt, zal het vormen van een regering wel net zo lastig zijn als het interpreteren van de uitkomst van mijn stemwijzer. Tussen de eerste en de laatste partij zit slechts vier punten verschil (van de in totaal dertig stellingen). De partij op wie ik voornemens was te gaan stemmen (zo zweverig ben ik nu ook weer niet) komt als elfde uit de bus! Als ik de splinterpartijen uitschakel, staat ie op nummer zeven. Wat moet ik nou? Als linkse ondernemer is het lastig keuzes maken.
Ik vrees dat mijn keuze morgen een blinde is.
En 's avonds ga ik dan toch eindelijk naar die veelgeprezen Franse film 'Intouchables'.
Met mijn date. Geen blinde. Het zou wat zijn zeg.
woensdag 11 juli 2012
Poep, s.eks en andere nattigheid (deel 2)
Waar was ik ook alweer gebleven? O ja, in een overstroomd kunstenaarsatelier. Waar ze deze zondag trouwens open dag houden. Ja, niet in die kelder, hè. Daar ook niet stiekem gaan kijken dus. Dat gaat ook vrij lastig, want ik kan er niks over vinden op internet. En wat niet op www staat, bestaat niet. Maar ik was daar dus wel.
Gewapend met twee trekveren, laarzen, rubberhandschoenen en, niet te vergeten, mijn onafscheidelijke Canonnetje, (dat ik, na drie weken zoeken, inmiddels had gevonden in één van mijn lang niet gebruikte werkschoenen) daalde ik de trap af. Want ik maak, zoals het een moderne ZZP-er betaamt, foto's van mijn werk. (Joost mag weten wat plaatjes van een rioolbuis vóór en ná de ontstopping voor meerwaarde hebben op een website, maar dit terzijde)
De overall die ik droeg, had ik thuis van de stapel 'nog te naaien' gepakt. Maar dat dóe ik dus nooit, naaien. Zodat de kleren van mijn kinders, tegen de tijd dat hun broek of shirt weer heel is, het niet meer passen, of nee, de kleding past hen niet meer, nou ja, ik bedoel, ze zijn dan inmiddels te klein. Die kleren dus. Leo en Kees zullen wel denken; als mama gaat naaien, gaan wij spontaan groeien. Maar deze werkbroek was, zo wist ik, niet ècht stuk, er zat slechts een gat in de zak, de rechter om precies te zijn. En aangezien overalls overal zakken hebben, deed ik het ding toch aan. Sleutels linksonder, mobieltje in de nog niet kapotte rechter onderzak, duimstok, zaklamp, ik was er klaar voor.
De trekveer kon er aan beide openingen helemaal in. Maar de verstopping bleef. Tijd voor plan B; een rioolclisma. Ik rolde het verlengsnoer uit om krachtstroom van de buren af te tappen -men moet in dit soort gevallen geen halve maatregelen nemen-. De dichtstbijzijnde kraan was helaas niet te gebruiken want koperdieven hadden de waterleiding ontvreemd. Ik ritselde een twintig meter lange tuinslang en stelde de temperatuur van de hogedrukreiniger in op 90 graden Celsius. De rolluiken gingen wijd open want het inhaleren van de dieseldampen, waar het ding op liep, leek me, zeker in combinatie met de weinig verfrissende lucht van rottende kunstwerken, niet bijster gezond.
Tja, en nu ik twee logjes lang spanning heb opgebouwd, heb je als lezer wel recht op een clou van formaat. Maar er is niets opzienbarends, geils, kinky of schokkends. Meer iets van een anti-climax. Een domper.
Voel je al nattigheid?
De Canon-camera had ik in mijn rechter broekzak gestopt.
Ja precies, díe.
Ik durf niet meer verder te schrijven.
Visualiseer zelf maar iets.
Ik ga intussen even huilen..............
En ja, wat kon ik anders dan mijn cameraatje, zeg maar gerust camerMaatje
van de laatste vier jaar, zorgvuldig afdrogen? Ik nam me voor om het ding
bij thuiskomst in de rijst te stoppen. Zoals ik vorig jaar ook al eens
deed. Toen mijn apparasie 's nachts op een camping in het bos, buiten,
tussen de drankflessen, een zomerse onweersbui over zich heen kreeg. De
morning after zagen de foto's die ik probeerde te maken er uit zoals hierhaast. En er
was die dag geen mist.Maar rijst brengt geluk. Want ik heb hierna nog duizenden foto's gemaakt. Die niet wazig waren. En nu ligt ie er opnieuw in. In de toverrijst, zoals Olijf het noemde.
Mijn arme canonnetje. Arme ik. Weet je wat? Ik hou me voortaan bij m'n leest. In real life èn op het net. Voortaan geen verstoppingen meer, maar schilderwerk en kranen en deuren en kasten. En hier zal ik braaf blijven bloggen over vakantie, het rooien van aardappels, ziekte, de toestand van de wereld en natuurlijk kinderen. Kinky bloggers genoeg. Voor wie nog een leuke wil lezen, vers van de pers: Luna van Maanisch schreef over dat veel mannen menen dat het leuk is in het gezicht te spuiten. Nee, vrees niet, dit is geen lus naar mijn rioolklus. Maar wel lezen hoor. Ze is broodschrijver. En is leuk.
En geloof het of niet..... Mijn apparasie ging, zomaar spontaan, na drie dagen in een bak Pakistaanse basmatirijst, aan!
en weer uit...en weer aan
'Stel datum en tijd opnieuw in' meldde de display.
Laat ik dat maar doen. Resetten heet dat geloof ik. Doe ik met mijn Mac ook wel 's. Als mijn kinderen teveel troep downloaden. Zoals het nummer 'Blow my whistle'.
Hè, blow my whistle? Dat zal toch niet?, dacht ik nog. Wel dus.
Hier* luistert mijn zoon van elf dus naar:
Girl I'm gonna show you how to do it
And we start real slow
You just put your lips together
And you come real close
Maar ìk hou het voortaan kuis hoor.
Ikke wel.
De vraag is alleen voor wie.
-----------------------------
*De link mag je zelf opzoeken, ik maak geen gratis reclame voor die gast. Het nummer schalt al door elke supermarkt. Lees dan liever Luna. Daar steek je meer van op.
maandag 9 juli 2012
Poep, s.eks en andere nattigheid
Tussen het smeren van mijn lunchpakketje en het afwassen van de ontbijtbordjes door, valt mijn blik op de krantenkop: 'De kinky seks raakte een snaar'. En ja, op z'n Vlaams gezegd, 'ik ben ook maar ne mens'. Dus snel de klodders appelstroop van tafel vegen, sensueel stukje chocola erbij, dat ik half gesmolten zo van mijn nog warme vochtige afwashanden aflik, en gauw lezen wat dat kinky zoal behelst.
Ene mevrouw James heeft een bestseller geschreven over, jawel, seks. Nee pardon, haar boek gaat over líefde 'Alleen seks had nooit dit succes teweeg gebracht', zegt ze. En ze deed ook riesurtsj (waarom heet dat heden ten dage niet meer gewoon 'onderzoek'?) naar SM, macht, pijn, dominantie.
Grunberg doet in zijn cursiefje ook een duit in het zakje. Hij meldt dat de krant van dinsdag was gewijd aan erotiek. Toe maar, dat heb ik weer gemist. Zou de buurvrouw, wiens krant ik hergebruik, die editie soms voor zichzelf hebben gehouden? Grunberg zou zijn vibrator OJ (Simpson) of Boris (Becker) noemen, want 'als vrouw val ik op foute mannen'. Huh, als vrouw? wat nu weer? Maar liever houdt hij het bij een kuis tikje op de billen van Sylvia Witteman. Mits zij -en haar gezin- hier geen bezwaar tegen hebben.
Ooit begon ik ook zo, als Miss James, met vieze verhaaltjes op het net. Dat is, zoals ze in haar interview zegt, best lastig. "Je hebt geen idee of een ander het opwindend of erotisch vindt, (...) de choreografie beschrijven is ook nog niet eens zo eenvoudig." Haar stijl zou volgens critici 'bouquetreeksachtig' zijn maar ze vergelijkt zichzelf met Dickens. In de manier van publiceren dan toch. Ook hij had slechts één hoofdstuk per keer prijsgegeven. En, zo voegt ze er aan toe, "In deze tijd krijg je natuurlijk meteen honderden reacties en aanmoedigingen te zien. Ik vond dat geweldig." Kijk, daar had ik nou nooit last van hè, honderden erecties, pardon, reacties per dag. Deed ik toch iets niet goed. Geen cliffhanger, geen regelmaat of kwaliteit of, het belangrijkste, geen literair agent.
Ik zag onlangs een documentaire over nieuwe online seksspelletjes. Met je eigen poppetje (avatar) kon je digitaal de boer op om zo digitale mede-weggebruikers te 'ontmoeten', die er -ook- seksuele fantasieën op nahouden over zaken die in het dagelijks leven op dat moment even niet voor handen zijn. De onderzoekster in kwestie haast zich om te zeggen -nadat ze zelf als avator door een andere speler virtueel is gepenetreerd- hoe disgusting (denk de bekakte dictie er bij) ze dit toch allemaal vindt. Nee, het ging er haar alleen maar om, aan te tonen dat dit bestáát, dat was toch wel erg weird en pathetic. Het zei iets over de eenzaamheid in onze maatschappij. Of zoiets.
Het past in hetzelfde straatje als wat E.L. James zegt: 'Het machtspel, gedomineerd worden, of juist domineren, vind ik erg opwindend. Op papier dan. In het echte leven is het iets heel anders.' Ik geloof haar gelijk hoor, daar gaat het niet om, maar vanwaar de urgentie gelijk te moeten melden zelf niet aan dat soort dingen mee te doen? Net als de beoordeelster/ onderzoekster op de buis. Velt men, juist door dit te willen zeggen, niet een waardeoordeel? Ongeacht wat er van waar is? Een thrillerauteur zegt toch ook niet dat er geen aan stukjes gezaagd lijk in zijn of haar vriezer ligt? Wat is dat toch met seks?
Mijn ondeugende stukjes kenden slechts een enkele verdwaalde Rus als bezoeker. 'Lezer' durf ik dat niet te noemen. Laat staan volger. En als rechtgeaarde brave huismoeder stuurde ik mijn bloglink ook niet naar de juf van mijn kinderen. Toch maar de tering naar de nering zetten. Het inperken van mijn onderwerpen. Want schrijven voor de kat zijn kut (waarom niet 'haar kut?') is ook zo wat. Niet getreurd, want inspiratie is voor mij als schrijfverslaafde, ook na het schrappen van expliciete seksscènes, overal aanwezig. Een mens moet nu eenmaal keuzes maken in het leven.
Dat zou in mijn werk trouwens ook geen kwaad kunnen; richting kiezen, specialiseren. Maar ach, met een breed werkterrein wordt werk ook nooit eentonig. Dus spoed ik me, terwijl er een schilderklus wacht, naar een acuut geval van verstopping. Om daar, gewapend met een trekveer, mijn kunde als loodgieter te tonen. Of putjesschepper, zo je wilt.
Op de plek des onheils draai ik de veer door drek van jaren her. (Blij dat er geen camera aan zo'n ding zit). Met in mijn achterhoofd nog het interview met James; Ook haar verbaast het hoe vrij ze schreef over anale penetratie met butplugs, maar ze is gewoon gegaan 'waar de karakters haar brachten'. Juist ja. De zware rubber handschoenen zijn geen overbodige luxe. De trekveer vindt moeiteloos zijn weg maar de verstopping blijft. Ik volg de loden afvoerpijp, die door de muur heen verdwijnt naar de buren. Daar huist een kunstenaarscollectief. Altijd leuk. Hun opslag in de kelder staat blank, en niet zo'n beetje ook. Ik verruil mijn werkschoenen voor rubberlaarzen. Al wadend tussen drijvende lege verfemmers, halfvergane schilderijen en overtollig kinderspeelgoed vind ik zowaar een riooldeksel. Ik vervolg mijn endoscopie door het inbrengen van een wat dikkere trekveer en maal dit keer door de strontresten van de buren. En toen gebeurde het.
O, nee, stop, wacht, mijn publiek is inmiddels de grootte van Remi de Rus ontgroeid. Niet veel, maar ik dien daar toch rekening mee te houden. Dus doen we het volgens het boekje. Als Dickens, of James. Moet ik nu dan zeker een deel twee toezeggen. Ach, ik ben zo onbetrouwbaar als de neten, ik zei een maand geleden ook al te stoppen met bloggen en daar kwam niks van terecht.
Maar anders kom er te veel tekst. En ik moet nodig naar bed. Vandaar.
zondag 10 juni 2012
Komt een vrouw bij de
Laat ik die zin maar niet afmaken. Ik ben niet zo bekend met de auteursrechten in blogland. Pochen dat je kind op een filmster lijkt mag misschien nog nèt, maar dit riekt vast te veel naar misbruik. Heel Nederland weet intussen wel waar die vrouw kwam.
Ook ik moet misschien maar 's naar een dokter. Voor mezelf. Niet voor 'n ander, zoals ik vorige week deed bij de bloedbank, waar de dienstdoende arts me er op wees dat niet alleen mijn ijzergehalte maar ook mijn bloeddruk te laag was. Iets beter voor mezelf zorgen dus. Mijn eigen huisarts sprak ik trouwens ook al. Maar dat ging dan weer over hypotheken, Afrika, drugs en de klassenverdeling. Dat heb je zo, met een dokter die kinders heeft op dezelfde school als je eigen kroost.
Ok, prima, geen dokter dus. Dan gaat die vrouw toch gewoon naar de markt. En niet naar de gewone markt. Nee, dit was een heuse een-uur-voordat-het-Nederlands-elftal-moet-spelen-markt. Da's net zo zeldzaam als die Venus die eerder deze week voor de zon langs ging. Ik zag het niet, want ik was niet op Ameland. En in de rest van het land was Venus afgeschermd door een dik wolkendek. De aardappelman wist me bij het volscheppen van een zak muizen nog vrij relaxed te melden dat je die lekker in de schil kunt koken (vast geen voetballiefhebber). Ook de kaasvrouw was in voor een babbel. Ze vroeg hoe het met de vriendin van de vriendin was, die al twee keer was geopereerd aan een hersentumor. En toen ze vorige week kennis had genomen van mijn status van gescheidene (Goh, jee, echt wáár meid?) gaf ze me, met invoelende blik, een stuk kaas kado. Ik nam me voor om me dit keer ook
Nu ging het er om spannen. De fruitman had zijn appels al onderop de kar gezet. 'Doe maar tien kiwi's', het eerste dat ik zag, 'en een doos aardbeien' en weg was ik. De A-kerk wees vijf uur aan. De poelier was zijn kar al van het plein af aan het manoeuvreren. Oranje leeuwen fietsten, laverend met sixpacks bungelend aan het stuur, tussen de marktkarren door. De groenteman maakte er geen geheim van en zei, meer geïrriteerd dan verontschuldigend: 'Ja, hoor 's, ik wil de wedstrijd zien' en drapeerde zijn zeil over de broccoli. Geen groente dus.
Het leek alsof op elk moment een onweersbui kon losbarsten (gister, vrijdag, was ècht de bliksem ingeslagen in de Herestraat). De bloemenboer reed zich klem en stond met zijn neus bijna tegen de SUV van de Belg die zijn friettent wegsleepte. Achteruit rijden was onmogelijk. Ze blokkeerden beiden het fietspad voor de Korenbeurs, dat toch al volstond met barrels omdat iedereen nog gauw iets lekkers wilde scoren bij de AH. Er stonden welgeteld nog zes pijpjes pils van mijn favoriete merk in het allerlaatste krat. Voetbal op de buis betekent bier in je kruis.
Het was leuk geweest om de tijdstippen te noteren waarop de oerkreten opstegen uit de stad. En dan de toonhoogte of lengte van het gebrul te verbinden met doelpunten of gemiste kansen. Vergelijkend onderzoek doen. Met hoe apenkreten klinken of wat het met seks van doen heeft. Want soms leek het alsof heel Groningen tegelijkertijd (bijna) tot een hoogtepunt kwam. Na afloop hoorde ik dat Nederland met 1-0 verloor tegen de Denen. Arme Denen. Kunnen ze voorlopig niet rustig over hun markt struinen. Misschien hadden ze seks gehad voor de wedstrijd. Of juist niet. Ik las deze week een artikel over onderzoeken (meer het gebrek hieraan) die aantoonden dat dit voor sporters prestatieverhogend (of juist verlagend) zou werken. Over spieren, aandacht en het 'knuffelhormoon' oxytocine. Misschien moest ik maar 's onderzoeken of er nog dansgrage gedesillusioneerde manspersonen in de stad zijn.
Ik stuur een sms. Of hij nog gaat dansen. 'Als je me vraagt', luidt het antwoord. Tja. Het is laat. Nachtrust is een goed medicijn voor je weerstand. Hij vraagt of ik bij hem kom. Maar ik ga slapen. Ik hoef geen wedstrijd te winnen.
Zondagochtend eet ik verse radijsjes uit de kindertuin.
Die zijn rijk aan ijzer naar het schijnt.
Un ravanello al giorno, toglie il medico di torno
(a radish a day keeps the doctor away).
Er komt geen vrouw bij de dokter.
En ook niet bij de groenteboer.
Een gezonde zondag allemaal!
zaterdag 26 mei 2012
Niet lezen, dit gaat over E-CO-NO-MIE
Muziek verlicht het werk. Dus luister ik tijdens mijn -bij tijd en wijlen enigszins geestdodende werk-, naar de radio. En mits ik geen hamerboor of zaagmachine ter hand neem, kan ik aardig volgen wat er door de verschillende dj's op Sky, Slam of 538 de ether in wordt geslingerd. De muziek wordt afgewisseld met een belachelijke hoeveelheid reclame, die, ondanks mijn standvastigheid als facebookloze zonderling (Nee, nee, nee, ik zit niet op FB!), speciaal op mij schijnt te zijn toegesneden. 'Beter boekhouden!', 'Goedkoper tanken!'.
Als ik al dat geram en geblaat dan beu ben, stem ik in de loop van de middag af op radio 1, de nieuws- en sportzender. Achtergronden, interviews, voorgenomen plannen in de politiek....zo blijf ik een beetje bij. Echter, steeds vaker bekruipt me het gevoel dat er alleen aan paniekvoetbal wordt gedaan. Ik kan zo zelden een spreker betrappen op een visie voor een wat langere termijn. Alles moet worden gevat in één zin of slogan, uitsluitend bedoeld om lezertjes, luisteraars, kiezertjes te scoren. 'Targets halen', heet dat geloof ik in economische termen. Want dáár gaat het de laatste tijd wel over. Over economie. Wat dat ook zijn moge. 'Geld rondpompen' of zo?
Neem nu het wereldnatuurfonds. Dat heeft zich kennelijk ook doelen gesteld, want de stem van één of andere geile presentator (milieu moet vooral sexy zijn) zegt, of liever gezegd beveelt de luisteraar dat hij NU iets moet doen aan het weghalen van eieren van.... van... ja om wat voor arm beest in de Stille Zuidzee gaat het eigenlijk? Met een sms van slechts twintig cent sus ik mijn geweten door het redden van een ei! Kan ik weer rustig slapen. En morgen weer naar de winkel snellen voor de laatste laarzen, handtas of ander verzinsel dat de zinnen prikkelt zodat die verrekte economie blijft draaien.
Wat stoort mij daar nu aan? Waarom wind ik me eigenlijk zo op? Het is al zo warm. Sheila Sitalsing, briljant columniste van de Volkskrant, legt in haar stuk 'IJsbeer' van woensdag 23 mei haarfijn uit hoe dat werkt met de hypocrisie in ons handelen als het om 'natuur' gaat. 'De buurman moet niet alleen de crisis betalen, we zien ook graag dat hij vaker de auto laat staan. Dan kunnen wij doortuffen en zeggen dat we het afschuwelijk vinden, van die ijsberen', besluit ze het stuk. Op de voorpagina ermee!
Een week eerder schreef Grunberg in dezelfde krant een stukje over 'wilskracht'. Hij haalt een interview aan met Roy Baumeister, een psycholoog die zou hebben gezegd dat het in het leven om intelligentie en zelfbeheersing gaat. En dat je van die twee alleen zelfbeheersing kunt vergroten. Waar wilskracht voor nodig is, zodat men driften als seks en agressie kan onderdrukken. En -nu komt het- economie wordt als vijand van deze wilskracht genoemd. Economische groei bestaat bij de gratie van consumenten die zich niet kunnen beheersen!
Grunberg noemde, naast de economie, ook 'de cultus van de authenticiteit', waarbij alle emoties in de openbaarheid moeten, als vijand van die wilskracht. Emoties zouden, net als toiletbezoek, een privéaangelegenheid zijn. Die onderdrukt dient te worden. Ik weet het niet hoor. Ik vind het wel fijn om te beseffen dat ook de koningin moet poepen. Het is een soort troost en het vermindert, mits het het hele scala aan emoties betreft, juist de afgunst. Teveel positieve emotie wakkert die afgunst en daarmee de economie juist aan. Willen we die weer op gang helpen, dan is het zaak om vooral de illusie van het groenere gras, de betere seks, de lievere echtgenoot, schattiger kindertjes en de dikkere auto te cultiveren. Want we willen net zo, of nee, nòg lekkerder, meer, luxer en beter eten, wonen, neuken en rondrijden dan de buren.
Dus, beste mensen, pimp je facebookprofiel zodat het geluk er van afdruipt! Zwijg over die slaande ruzie, je obstipatie gedurende die verre reis en schrijf vooral niet over die kindertjes die je het bloed onder de nagels vandaan halen. De beursgang van facebook past perfect in dit straatje. Een bedrijf dat niks maakt, niks produceert, maar kapitalen waard is, omdat het kan inhaken op onze jaloezie, onze driften, ons onbeheersbaar koopgedrag.
Is dit angstwekkend? deprimerend? Niet getreurd. We hebben in elk geval het idéé dat we ons leven zelf in de hand hebben. Het is immers ónze hand die op die muis klikt? En niet God of 'Big Brother' waar George Orwell ons in 1949 met zijn boek 1984 voor waarschuwde. (Over lange termijn visie gesproken).
Ach, en dan is er altijd nog muziek. Die kun je zelf maken, op de radio beluisteren of is, na een paar muisklikken, te vinden op joetjoep. Ik wilde een link naar een liefdesslaapliedje. Maar om het melancholische walsritme van Francesco de de Gregori's buonanotte fiorellino te beluisteren, moet ik me eerst door een commercial heenwerken. Van een andere, modernere musicus, David Guetta. Hij maakt geen reclame voor zijn nieuwste cd, maar laat zich dik laat betalen om de elektrische auto van Renault aan de man te brengen. -Nerd wordt op sleeptouw genomen door enorme stoot.-
Sex sells.
Driften.
Je weet wel.
Slaap lekker.
Labels:
boek,
crisis,
Francesco de Gregori,
geld,
muziek,
ondernemen,
politiek,
radio,
seks,
werk
zondag 20 mei 2012
De datende mama
Het is één uur 's middags. Ik ga te laat komen, zoals gewoonlijk. Tijdens het wegwerken van een laatste weekendwas, sms ik dat ik er aan kom. Hij is per trein uit de randstad gekomen. Met de auto haal ik hem op bij een vriendin in een dorp boven Groningen, waar hij logeert. Er is geen plan. Alleen een date.
Ik gris mijn jas van de kapstok, zwaai mijn rugzak over de schouder (moest ik misschien niet toch een handtas meenemen? Nee,... het is geen nette meneer) en dender de trap af. Hé, de buurvrouw heeft de krant in het portiek gelegd. Die ook maar meteen meenemen. Uit mijn achterbroekzak peuter ik een giro-envelop, waarop het adres staat gekriebeld. Terwijl de Tom-tom opwarmt, kan ik nog even koppensnellen: 'Griekenland en de run op spaartegoeden, Grunbergs column gaat over 'glijmiddel' en helemaal bovenin, op de voorpagina, staat een kleurenfoto van een bekend babykoppie. Het is één van de rotjes. 'Mamablogs om jaloers op te worden' staat er naast het hoofdje. Straks maar 's verder lezen wat Aaf Brandt Corstius daarover te melden heeft.
Het navigatiesysteem is klaar voor gebruik maar weigert mij de weg te wijzen naar het oord dat ik intyp. Geen gps signaal. Het is midden op de dag en mooi weer. Zolang ik mijn schaduw achterna rijd komt het goed. Drie keer doorkruis ik het gehucht ('àls je te laat komt, doe het dan góed', was het devies van mijn leraar psychologie) alvorens de weg te vragen aan de postbode. Die kent niet alleen de juiste straat, hij wijst me ook het huis van mijn bestemming. In een dorp gebeurt niets ongezien. Ik zwaai naar een schoffelende man, kinderen doen tikkertje op het kerkhof en na wat heen en weer steken met mijn klusbus ben ik waar ik moet zijn. Mijn date stapt in. Ik zag hem één keer eerder. Een hand, drie zoenen. 'Wat gaan we doen?, waar gaan we heen?'
Eenmaal terug in de stad, blijkt dat mijn 'we zien wel'-aanpak niet altijd werkt. De voorstelling van Theater te water, ("over relativering, maar vooral over hartstocht, verlangen en liefde..."), aangemeerd aan de prachtige Hooge der A, is uitverkocht. En even later staan we beteuterd voor de dichte pui van het filmhuis aan de Poelestraat, dat jaren geleden verhuisde naar het Hereplein. Ik ben er met mijn hoofd niet bij. We komen te laat voor de laatste film. We drinken koffie op een terras aan het water. Naast ons zit een stel Fransen. Hij is geen voetbalfan, want terwijl het meeste manvolk zich in de kroeg om een groot scherm schaart, pluist mijn date geduldig de uitladder na. Veel meer dan wandelen doen we niet. Maar het bier vloeit rijkelijk, het patatje oorlog smaakt goed en ook de kermis blijkt, mits in goed gezelschap, best leuk.
En op zondagochtend, tussen de gebakken eieren en het versgeperste sap, gaat het gesprek gewoon verder. Daarna trekken we voldaan een sprintje naar het station. Het zit mee dit keer, het perron staat vol mensen. Precies 24 uur nadat ik hem ophaalde, zwaai ik hem weer uit.
Als ik weer thuis ben duik ik in de krant waarin Aaf de loftompet steekt over mamablogs. En dan vooral de ecologische thuisblijfmoederblogs. Want ze knutselen en koken zo leuk. Ze hebben een schare volgelingen en plaatsen foto's van vergeten groenten en zelfgemaakte kleding. Dat wil iedereen. Aaf heeft het over 'diep-jaloers' en een 'internationale beweging'.
Ik deed dat ook eens. In mijn vorig leven. Thuisblijven. En aubergines wecken, kaas maken, sokken stoppen en zelfs kalveren met mijn hele arm uit een koeienkut trekken. Ik genas geiten met mastitis en verjoeg springbeestjes uit de moestuin met natuurlijke brandneteldrab (stinken!). Ik at mijn varken (Maria Rosa) in worstvorm en werkte eigenhandig konijnen, duiven en kalkoenen de diepvries in. (Met eufemismen kan men het aaibaarheidsgehalte van 'ecologisch' aardig opkrikken. Shockeren is immers niet des moeders. Want dat, moeder, was ik in dat vorig leven ook al) Maargoed, met die kunde kan ik nu dus niks meer. Hoewel ik het jagen soms niet kan laten. Op een papiertje in mijn broekzak staat "5 punten. Dingemans schiettent"
Aaf maakt er geen geheim van dat de jaloezie ook haar treft. Ze werd onlangs geïnterviewd op de radio. In verband met haar pas verschenen boek over het moederschap. Over de kinderen die ze kort na elkaar kreeg, haar jong verloren moeder en haar beroemde vader, die dat schrijven over privézaken maar matig vindt. Mme ZsaZsa, één van de genoemde mammabloggers, legt haar keuze voor het thuismoederen uit als had ze 'geen ambitie'. Maar een alinea later is ze in de wolken omdat ze een Zeer bekende Vlaming, van de Belgisch bestsellerlijst heeft gestoten. Ambiteus madammeke. Gelukkig maar, ook moeders is niks menselijks vreemd. Ze voegt er later nuchter aan toe dat ze ook ontzettend saaie dingen meemaakt. Maar dat ze daar niet over blogt. Wegens oninteressant.
Maar soms hè, lieve lezer die hier om de hoek kijkt, sòms is ook wat wèl interessant is, toch geen waardig blogvoer. Zoals dat verhaal wat hierboven is weggevallen, daar tussen dat stukje over de charme van de kermis op zaterdag en het zondagse ei met sap. Daar waar nu de foto's van die scheur in die zerk en dat opwindmechanisme van het klokkenspel staan. Stel je voor zeg. Staan er straks jaloerse volgers op je stoep. Of zo.
P.S. Aaf haar eigen dagelijks column ging over "een tijdloos document over drie ultieme levensbehoeften: voetbal, eten en moederliefde". Ze besluit met een handige tip van voetbalmoeder Sneijder. Die geleerd heeft de knop om te zetten en zichzelf uit te zetten. Aaf, naar eigen zeggen ook samenwonend met iemand die voetbal als ultieme levensbehehoefte beschouwt (en die ze leerde kenen op haar werk) gaat ook op zoek naar die knop. Arme Aaf. Ik hoop voor haar trouwe volgers, waaronder ik ook mezelf schaar, dat 'werk' (lees: 'schrijven') nog lang tot haar eerste levensbehoeftes mag behoren.
Kan ik haar blijven volgen.
maandag 13 februari 2012
Beste Aaf en Sylvia,
.....en Arthur en Nelleke natuurlijk niet te vergeten,
Ja, dit is weer 's wat anders dan dat ik júllie bespiegelingen lees over kerstdiners, zwervers of het eindeloze ikke-getwitter. Of over serveersters die schrijver in spé blijken te zijn. Maar dat was dacht ik Giphart die daarover schreef, om geen hoge verwachtingen te hebben, compleet met waarschuwende ramsj-scenario's. Die zich wellicht weer had laten inspireren door Will Self. Maar ik deed het lekker toch: mezelf uitnodigen voor het boekenbal. Middels een aanhef-loze email. Waar Renske op haar beurt weer over schreef: wat voor boodschap geeft de briefschrijver over zichzelf mee bij de keuze hierin. Ik liet hem maar helemaal weg, die aanhef. En zet 'm bij wijze van nagekomen bericht boven dit logje. Als een teckel die nog wat nakeft: 'Sorry, dit hoort er ook nog bij.'
Maar vanwaar die mail? (nu volgt enige uitleg voor lezers die niet Noordervliet, Japin, Brandt Cortius of Witteman van achteren heten). Wel, jullie hadden daartoe opgeroepen. Om een kort verhaal in te sturen. Van maximaal vijfhonderd woorden. Over 'foute vrienden'. Of nou ja, oproep. Meer het tegendeel. Zo van: waarom zou een gevestigd schrijver concurrentie aanmoedigen? 'Bedreigend' en zelfs 'Paranoïde horror' las ik, toen het over het effect ging dat het leger aan getalenteerde, nooit gepubliceerde schrijvers kon hebben op het gevestigde soort. Zulke termen fungeren als lokaas om dat leger uit hun tent te lokken. Als toefje slagroom werd de winnaar uit 2011 ten tonele gevoerd. Want zíjn roman verschijnt binnenkort bij Prometheus. Laat dat nu nèt één van de uitgevers zijn die mijn manuscript retour zond. Zonder verdere uitleg, want, zo schreef mevrouw de la Rive Box, ze ontvingen bij Prometheus tientallen manuscripten per dag. Vermenigvuldig dat met zo'n vijftig uitgeverijen -grove schatting- en je zit al gauw op een kwart miljoen per jaar. Da's best een heus leger. Arme jury. Arme jullie.
O, wacht, nu bijt ik mezelf in de billen. Want niets ontsiert zo, als iemand die zich zichzelf afschildert als 'talent'. Zelfkennis, bescheidenheid, dàt is wat scoort. Wat best krom is. Want degene die, net als ik, een stukje instuurt, wil natuurlijk gewoon winnen. Dus laat ik die calvinistische soberheid vandaag gewoon lekker voor wat ie is en blaas mooi hoog van de toren.
Want ik ben niet alleen goed. Ik ben ook nog 's erg braaf. Vier tips gaf je, Sylvia. De dromen, heidelandschappen en dat verdwaalde paard heb ik dit keer dus niet gebruikt. En van je suggesties 'pluizig diertje' en 'seks', koos ik voor die tweede. Dat ligt me nu eenmaal beter. Ook gebeurt er 'iets ergs' (tip 3) en sloeg ik de tekst zelfs op (4). Sterker nog, dat had ik al gedaan. Het verhaal wàs er namelijk al. Ik had het hier alleen verwijderd. Vanwege de seks, hè. Want ik ben braaf. En dit is een kuis blog.
Maar er is toch een probleem. Want ik hield me niet aan het onderwerp. Heb ik wel vaker last van. Ooit zei mijn leraar Nederlands van het Haags Lyceum: 'Mooi verhaal, maar dat vróeg ik niet.' Ook hier en nu viert de verwarring hoogtij. Ik vind muizen waar ik moet loodgieten, verwar eten met politiek of zoek een verband tussen hangtieten en ayatollah's. En ik laat jou, Sylvia, zelfs oppeuzelen door mijn bijtgrage liefdesvogel. Zo, genoeg reclame gemaakt. Maar ik heb me dus niet gehouden aan de opdracht. Ben niet zo goed in 'foute vrienden'. Of het moet deze eikel zijn. Maar die ken ik verder niet. Dus werd het een verhaal over een ziekenhuis. En over seks. Niet over een paard. Zonder foute vriend. Maar wel met bloed. En dat stuurde ik gister bij die mail.
Vanmorgen las ik het nog eens over. En ontdekte een woord te zijn vergéten. Van slechts drie letters, maar toch. Het oogt slordig. Of is onvergeeflijk, zo merkte ik eens als lid van een sollicitatiecommissie. Gedrieën voerden we een discussie. Moesten we de briefschrijver die een dt-fout maakte nu wel of niet uitnodigen? Wat het werd, ben ik vergeten. Wel weet ik dat uiteindelijk niemand de baan kreeg. Ze waren allen ongeschikt. Om mijn baas te worden.
Maar ik vergat dus, ondanks het nalezen in uitgeprinte vorm van de ruim vierhonderd woorden (ja, aan het kwantitatieve criterium had ik wel gedacht), een heel wóórd.
Gooi ik dat nu dan maar op het net.
Nasturen is ook zo wat.
Moet mezelf niet àl te serieus nemen.
Hier komt ie:
'wat'
Tweede alinea, één na laatste zin.
Tussen 'hoort' en 'hè'.
Even cutten en pasten.
Sorry voor het ongemak, Aaf en Sylvia.
Zo, dat heb ik dan ook weer rechtgezet op deze miezerige maandag.
En nu ga ik een speurtocht uitzetten.
Voor Leo
Die vandaag elf jaar wordt.
Hoera!
Met vriendelijke groet,
Lehti Paul (nee, dìt is niet mijn echte naam)
P.S. Op internet staat dat jullie ook leeftijd en geslacht van de inzender willen weten. Had dat er in de krant van 1 februari dan gelijk bij gezet, beste mensen.
Ik ben een man van 83 en draag een hoofddoek. Zo goed?
Ja, dit is weer 's wat anders dan dat ik júllie bespiegelingen lees over kerstdiners, zwervers of het eindeloze ikke-getwitter. Of over serveersters die schrijver in spé blijken te zijn. Maar dat was dacht ik Giphart die daarover schreef, om geen hoge verwachtingen te hebben, compleet met waarschuwende ramsj-scenario's. Die zich wellicht weer had laten inspireren door Will Self. Maar ik deed het lekker toch: mezelf uitnodigen voor het boekenbal. Middels een aanhef-loze email. Waar Renske op haar beurt weer over schreef: wat voor boodschap geeft de briefschrijver over zichzelf mee bij de keuze hierin. Ik liet hem maar helemaal weg, die aanhef. En zet 'm bij wijze van nagekomen bericht boven dit logje. Als een teckel die nog wat nakeft: 'Sorry, dit hoort er ook nog bij.'
Maar vanwaar die mail? (nu volgt enige uitleg voor lezers die niet Noordervliet, Japin, Brandt Cortius of Witteman van achteren heten). Wel, jullie hadden daartoe opgeroepen. Om een kort verhaal in te sturen. Van maximaal vijfhonderd woorden. Over 'foute vrienden'. Of nou ja, oproep. Meer het tegendeel. Zo van: waarom zou een gevestigd schrijver concurrentie aanmoedigen? 'Bedreigend' en zelfs 'Paranoïde horror' las ik, toen het over het effect ging dat het leger aan getalenteerde, nooit gepubliceerde schrijvers kon hebben op het gevestigde soort. Zulke termen fungeren als lokaas om dat leger uit hun tent te lokken. Als toefje slagroom werd de winnaar uit 2011 ten tonele gevoerd. Want zíjn roman verschijnt binnenkort bij Prometheus. Laat dat nu nèt één van de uitgevers zijn die mijn manuscript retour zond. Zonder verdere uitleg, want, zo schreef mevrouw de la Rive Box, ze ontvingen bij Prometheus tientallen manuscripten per dag. Vermenigvuldig dat met zo'n vijftig uitgeverijen -grove schatting- en je zit al gauw op een kwart miljoen per jaar. Da's best een heus leger. Arme jury. Arme jullie.
O, wacht, nu bijt ik mezelf in de billen. Want niets ontsiert zo, als iemand die zich zichzelf afschildert als 'talent'. Zelfkennis, bescheidenheid, dàt is wat scoort. Wat best krom is. Want degene die, net als ik, een stukje instuurt, wil natuurlijk gewoon winnen. Dus laat ik die calvinistische soberheid vandaag gewoon lekker voor wat ie is en blaas mooi hoog van de toren.
Want ik ben niet alleen goed. Ik ben ook nog 's erg braaf. Vier tips gaf je, Sylvia. De dromen, heidelandschappen en dat verdwaalde paard heb ik dit keer dus niet gebruikt. En van je suggesties 'pluizig diertje' en 'seks', koos ik voor die tweede. Dat ligt me nu eenmaal beter. Ook gebeurt er 'iets ergs' (tip 3) en sloeg ik de tekst zelfs op (4). Sterker nog, dat had ik al gedaan. Het verhaal wàs er namelijk al. Ik had het hier alleen verwijderd. Vanwege de seks, hè. Want ik ben braaf. En dit is een kuis blog.
Maar er is toch een probleem. Want ik hield me niet aan het onderwerp. Heb ik wel vaker last van. Ooit zei mijn leraar Nederlands van het Haags Lyceum: 'Mooi verhaal, maar dat vróeg ik niet.' Ook hier en nu viert de verwarring hoogtij. Ik vind muizen waar ik moet loodgieten, verwar eten met politiek of zoek een verband tussen hangtieten en ayatollah's. En ik laat jou, Sylvia, zelfs oppeuzelen door mijn bijtgrage liefdesvogel. Zo, genoeg reclame gemaakt. Maar ik heb me dus niet gehouden aan de opdracht. Ben niet zo goed in 'foute vrienden'. Of het moet deze eikel zijn. Maar die ken ik verder niet. Dus werd het een verhaal over een ziekenhuis. En over seks. Niet over een paard. Zonder foute vriend. Maar wel met bloed. En dat stuurde ik gister bij die mail.
Vanmorgen las ik het nog eens over. En ontdekte een woord te zijn vergéten. Van slechts drie letters, maar toch. Het oogt slordig. Of is onvergeeflijk, zo merkte ik eens als lid van een sollicitatiecommissie. Gedrieën voerden we een discussie. Moesten we de briefschrijver die een dt-fout maakte nu wel of niet uitnodigen? Wat het werd, ben ik vergeten. Wel weet ik dat uiteindelijk niemand de baan kreeg. Ze waren allen ongeschikt. Om mijn baas te worden.
Maar ik vergat dus, ondanks het nalezen in uitgeprinte vorm van de ruim vierhonderd woorden (ja, aan het kwantitatieve criterium had ik wel gedacht), een heel wóórd.
Gooi ik dat nu dan maar op het net.
Nasturen is ook zo wat.
Moet mezelf niet àl te serieus nemen.
Hier komt ie:
'wat'
Tweede alinea, één na laatste zin.
Tussen 'hoort' en 'hè'.
Even cutten en pasten.
Sorry voor het ongemak, Aaf en Sylvia.
Zo, dat heb ik dan ook weer rechtgezet op deze miezerige maandag.
En nu ga ik een speurtocht uitzetten.
Voor Leo
Die vandaag elf jaar wordt.
Hoera!
Met vriendelijke groet,
Lehti Paul (nee, dìt is niet mijn echte naam)
P.S. Op internet staat dat jullie ook leeftijd en geslacht van de inzender willen weten. Had dat er in de krant van 1 februari dan gelijk bij gezet, beste mensen.
Ik ben een man van 83 en draag een hoofddoek. Zo goed?
maandag 14 november 2011
Wonderbra's, Alzheimer en een aardbeving.
Ik blijf op de internationale tour. Dit keer geen Griekenland of Italië. Vrijdag belandde ik in Spaanstalige sferen. Of eigenlijk Caraïbische. Ik ga nèt genoeg uit om nog een paar danspasjes te kunnen onthouden maar weinig genoeg om de heren mijn gezicht te laten doen vergeten. Zodat ze mij wèl ten dans vragen maar er vervolgens achter komen, na één nummer, dat de dame in kwestie misschien best maat kan houden, maar dat daarmee ook zo'n beetje alles is gezegd. Nou vooruit dan, laat ik me niet hullen in valse bescheidenheid. Ik hèb lekker gedanst. En daar ging het mij tenslotte om.
De day after the night before word ik wakker in een vreemd huis. Dat mij inmiddels toch wel zó bekend is, dat ik er zowaar een aantal tv-zenders kan decoderen. Op de meeste kanalen wordt slechts een diarree aan reclameboodschappen uitgezonden. Wonderbra's, afslankmiddeltjes en dat soort stuff. Als er zendtijd voor is, zijn er kennelijk kopers. Ik vraag me af wie dat zouden kunnen zijn. Vooruit, de economie moet draaien. Ze doen maar.
Op een meer gerenommeerde zender worden een paar in Nederland woonachtige Italianen van stal gehaald. Op de vraag of ze zich schamen voor hetgeen zich voordoet ik 'hun' land, blijven ze het antwoord schuldig. Italianen houden wellicht van mannen met macht. Of die dat uitstralen. Dat zal het zijn. Als intermezzo is er een Griekse komediante. Die verkondigt terug te verlangen naar de tijd dat ze vragen kreeg over tzaziki. Hoe dat te maken. "Zie ik er uit alsof ik verstand heb van economie?' zegt Tula tot haar publiek.
De zenders zijn ontelbaar. Als ik ben aanbeland bij Irib2*, waar ik de voertaal niet van beheers, zit er intussen een simultaan vertaler naast me op de bank. "Jammer dat je het niet verstaat", zegt hij. Om dit gelijk weer terug te nemen, want eigenlijk schaamt hij zich kapot voor hetgeen op deze serieuze zender worden uitgezonden. Ik zie een interviewer in hip groen overhemd, die vragen voorlegt aan een hooggeplaatste geestelijke. Vragen die kijkers per mail hebben gesteld.
Het gaat niet over de resultaten van een vermageringskuur of hoe een pushup-bh je buste kan opkrikken. Maar voordat ik het meest bizarre antwoord hier opteken, ga ik terug naar de filmhuishit van 2011 'A separation' (Nog niet gezien? Doen!). Een prachtig psychologisch drama over een gebroken gezin in het Iran van nu. Het gaat vooral over wat scheiden met een kind (en ouders) doet, over (mis-) communicatie tussen mensen en tenslotte ook over Alzheimer en de zorgen die de zorg voor wie die dit heeft, met zich mee brengt. In de film wordt deze zorg toevertrouwd aan een arme, erg vrome hulp. Als deze vrouw per telefoon aan een geestelijke vraagt of ze de beplaste broek van de oude man wel mag verschonen, of dit niet als haram (onrein) wordt gezien, hoor je het bioscooppubliek gniffelen. Van ongeloof (hoewel ik me ook afvraag of één van de kijkers ooit, voor een hongerloontje, de piemel van een oude, hen onbekende man heeft gewassen). Ok, het publiek gniffelt en denkt 'Arme vrouw' of 'Wat een land' of 'Goede film'. Maar, en nu komt het, wat er in het hier en nu, in het èchte leven aan geestelijken wordt voorgelegd is vele malen gekker, absurder. En dat is geen film, dat is ècht. Of althans, de kijker moet geloven dat het echt is. Net als de wonder-bra. 't Is maar wat je gelooft.
Tegenover de hippe groene interviewer zit een godgeleerde in lang gewaad met witte tulband. Zijn voorhoofd is mooi donker gekleurd. Een teken van devotie. Het bewijst dat de man vol overtuiging bidt. Om de uiterlijke kenmerken van het geloof nog wat op te krikken, schijnen sommigen zich ook met een hard stuk touw of hete steen over het voorhoofd te wrijven, teneinde een dikke donkere eeltbult te kweken die parmantig onder de tulband uitsteekt (een ieder kweekt een grotere cupmaat op eigen wijze). Goed, de man in de jurk (de witjas in de afslankreclame) met bruine knobbel op het kale voorhoofd beantwoordt een kijkersvraag:
"Het kind dat wordt verwekt als je bij een aardbeving per ongeluk op de onder gelegen verdieping belandt, waar je tante woont, waar je dan geheel toevallig bovenop valt, dat is welkom." Het kind is niet vervloekt, verdoemd of hoe dat ook maar heet.
Huh, pardon? Dus als je huis instort is het eerste waar je aan denkt een vrouw penetreren? Ongeacht haar status of verwondingen, om daar een kind bij te verwekken en je vervolgens af te vragen of dit kind welkom is? De vraag of de vrouw in die omstandigheid überhaupt trek heeft in een potje vrijen, of een verkrachting, met/door haar neef nog wel, komt niet ter sprake. Hoe kòm je erop? Of, wat moet een mens verzìnnen om een 'ongelukje' goed te praten. Of, hoe peper je de kijker in dat alleen mannen, mensen zijn.
God spaar me. Ik ben blij dat ik geen Farsi versta en ook ben ik blij om te lezen dat het in 2010 voorgenomen bezoek aan Nederland door vertegenwoordigers van deze zender, vanwege enorm protest is afgeblazen. De delegatie zou in gesprek gaan met de heer Jan de Jong, directeur van NOS en de heer Henk Hagroot, directeur van NPO. Voor het geval de lezer denkt dat de tulband met het vrijpleiten van dit incestueuze aardebevingskind iets progressiefs heeft gezegd; op dezelfde zender propageert men ook dat een goede, gelovige vrouw zich bìnnen haar familie zou moeten bedekken. Voor de veiligheid (tja, je kunt per slot van rekening nooit weten wie er door je plafond naar beneden komt).
Ik drink hete Iraanse thee met saffraan. Na een heerlijk ontbijtje met Arabisch brood, Griekse yoghurt, walnoten uit Californië en Hollandse honing ga ik de deur uit. Ik mag de handschoenen van mijn vertaler lenen. Ze zijn niet zwart. Tussen mijn muts en mijn sjaal zijn alleen nog mijn ogen nog te zien. Het is helder en koud. De eerste rijp van dit najaar schittert in de zon.
Wat ben ik blij dat ik hier ben.
Dat ik kan zijn wie ik ben.
Een gescheiden ongelovige met hangtieten.
Morgen ga ik weer dansen.
* Het hoofd van IRIB wordt door de Opperste Leider van de Islamitische Republiek van Iran benoemd die de grootste hand heeft in het gewelddadig neerslaan van de Iraanse emancipatoire beweging. IRIB is naast de veiligheidsdienst en de Revolutionaire Garde een van de belangrijkste pilaren van het dogmatische regime in Iran, die belast is met het voeren van propaganda. IRIB heeft als staatsomroep het exclusieve recht om Tv-beelden uit te zenden. Maar niet alleen zijn alle beelden eenzijdig geselecteerd, IRIB richt zich specifiek op beeldvorming in het voordeel van het staatsapparaat, al is dat door mede opzetten van schrikwekkende show trials.
bron: http://iranpy.net/articles/796
De day after the night before word ik wakker in een vreemd huis. Dat mij inmiddels toch wel zó bekend is, dat ik er zowaar een aantal tv-zenders kan decoderen. Op de meeste kanalen wordt slechts een diarree aan reclameboodschappen uitgezonden. Wonderbra's, afslankmiddeltjes en dat soort stuff. Als er zendtijd voor is, zijn er kennelijk kopers. Ik vraag me af wie dat zouden kunnen zijn. Vooruit, de economie moet draaien. Ze doen maar.
Op een meer gerenommeerde zender worden een paar in Nederland woonachtige Italianen van stal gehaald. Op de vraag of ze zich schamen voor hetgeen zich voordoet ik 'hun' land, blijven ze het antwoord schuldig. Italianen houden wellicht van mannen met macht. Of die dat uitstralen. Dat zal het zijn. Als intermezzo is er een Griekse komediante. Die verkondigt terug te verlangen naar de tijd dat ze vragen kreeg over tzaziki. Hoe dat te maken. "Zie ik er uit alsof ik verstand heb van economie?' zegt Tula tot haar publiek.
De zenders zijn ontelbaar. Als ik ben aanbeland bij Irib2*, waar ik de voertaal niet van beheers, zit er intussen een simultaan vertaler naast me op de bank. "Jammer dat je het niet verstaat", zegt hij. Om dit gelijk weer terug te nemen, want eigenlijk schaamt hij zich kapot voor hetgeen op deze serieuze zender worden uitgezonden. Ik zie een interviewer in hip groen overhemd, die vragen voorlegt aan een hooggeplaatste geestelijke. Vragen die kijkers per mail hebben gesteld.
Het gaat niet over de resultaten van een vermageringskuur of hoe een pushup-bh je buste kan opkrikken. Maar voordat ik het meest bizarre antwoord hier opteken, ga ik terug naar de filmhuishit van 2011 'A separation' (Nog niet gezien? Doen!). Een prachtig psychologisch drama over een gebroken gezin in het Iran van nu. Het gaat vooral over wat scheiden met een kind (en ouders) doet, over (mis-) communicatie tussen mensen en tenslotte ook over Alzheimer en de zorgen die de zorg voor wie die dit heeft, met zich mee brengt. In de film wordt deze zorg toevertrouwd aan een arme, erg vrome hulp. Als deze vrouw per telefoon aan een geestelijke vraagt of ze de beplaste broek van de oude man wel mag verschonen, of dit niet als haram (onrein) wordt gezien, hoor je het bioscooppubliek gniffelen. Van ongeloof (hoewel ik me ook afvraag of één van de kijkers ooit, voor een hongerloontje, de piemel van een oude, hen onbekende man heeft gewassen). Ok, het publiek gniffelt en denkt 'Arme vrouw' of 'Wat een land' of 'Goede film'. Maar, en nu komt het, wat er in het hier en nu, in het èchte leven aan geestelijken wordt voorgelegd is vele malen gekker, absurder. En dat is geen film, dat is ècht. Of althans, de kijker moet geloven dat het echt is. Net als de wonder-bra. 't Is maar wat je gelooft.
Tegenover de hippe groene interviewer zit een godgeleerde in lang gewaad met witte tulband. Zijn voorhoofd is mooi donker gekleurd. Een teken van devotie. Het bewijst dat de man vol overtuiging bidt. Om de uiterlijke kenmerken van het geloof nog wat op te krikken, schijnen sommigen zich ook met een hard stuk touw of hete steen over het voorhoofd te wrijven, teneinde een dikke donkere eeltbult te kweken die parmantig onder de tulband uitsteekt (een ieder kweekt een grotere cupmaat op eigen wijze). Goed, de man in de jurk (de witjas in de afslankreclame) met bruine knobbel op het kale voorhoofd beantwoordt een kijkersvraag:
"Het kind dat wordt verwekt als je bij een aardbeving per ongeluk op de onder gelegen verdieping belandt, waar je tante woont, waar je dan geheel toevallig bovenop valt, dat is welkom." Het kind is niet vervloekt, verdoemd of hoe dat ook maar heet.
Huh, pardon? Dus als je huis instort is het eerste waar je aan denkt een vrouw penetreren? Ongeacht haar status of verwondingen, om daar een kind bij te verwekken en je vervolgens af te vragen of dit kind welkom is? De vraag of de vrouw in die omstandigheid überhaupt trek heeft in een potje vrijen, of een verkrachting, met/door haar neef nog wel, komt niet ter sprake. Hoe kòm je erop? Of, wat moet een mens verzìnnen om een 'ongelukje' goed te praten. Of, hoe peper je de kijker in dat alleen mannen, mensen zijn.
God spaar me. Ik ben blij dat ik geen Farsi versta en ook ben ik blij om te lezen dat het in 2010 voorgenomen bezoek aan Nederland door vertegenwoordigers van deze zender, vanwege enorm protest is afgeblazen. De delegatie zou in gesprek gaan met de heer Jan de Jong, directeur van NOS en de heer Henk Hagroot, directeur van NPO. Voor het geval de lezer denkt dat de tulband met het vrijpleiten van dit incestueuze aardebevingskind iets progressiefs heeft gezegd; op dezelfde zender propageert men ook dat een goede, gelovige vrouw zich bìnnen haar familie zou moeten bedekken. Voor de veiligheid (tja, je kunt per slot van rekening nooit weten wie er door je plafond naar beneden komt).
Ik drink hete Iraanse thee met saffraan. Na een heerlijk ontbijtje met Arabisch brood, Griekse yoghurt, walnoten uit Californië en Hollandse honing ga ik de deur uit. Ik mag de handschoenen van mijn vertaler lenen. Ze zijn niet zwart. Tussen mijn muts en mijn sjaal zijn alleen nog mijn ogen nog te zien. Het is helder en koud. De eerste rijp van dit najaar schittert in de zon.
Wat ben ik blij dat ik hier ben.
Dat ik kan zijn wie ik ben.
Een gescheiden ongelovige met hangtieten.
Morgen ga ik weer dansen.
* Het hoofd van IRIB wordt door de Opperste Leider van de Islamitische Republiek van Iran benoemd die de grootste hand heeft in het gewelddadig neerslaan van de Iraanse emancipatoire beweging. IRIB is naast de veiligheidsdienst en de Revolutionaire Garde een van de belangrijkste pilaren van het dogmatische regime in Iran, die belast is met het voeren van propaganda. IRIB heeft als staatsomroep het exclusieve recht om Tv-beelden uit te zenden. Maar niet alleen zijn alle beelden eenzijdig geselecteerd, IRIB richt zich specifiek op beeldvorming in het voordeel van het staatsapparaat, al is dat door mede opzetten van schrikwekkende show trials.
bron: http://iranpy.net/articles/796
woensdag 26 oktober 2011
Eikel
Laat ik er van uitgaan dat het een vent is. Want hoewel mannen beter bedreven zijn in het zich slachtoffer voelen, -dan de ander sekse- vind ik 'man' toch te veel eer voor de afzender van de mail ik onlangs kreeg.
Hoewel?
Vent?...
Wees een vent?.......
dat impliceert toch dat er sprake is van een man met ballen? Maar iemand die 'stenen vanuit het donker gooit' zoals mijn minnaar het treffend omschreef, is toch, in eerste instantie, meer een klootloos mannetje.
Watskeburt?
Wel, ik trof in mijn mailbox de volgende vraag aan:
of ik 'nog wel es (!) mannen gebruik terwijl ik stiekem een relatie heb?'
Ondergetekende: Slachtoffer.
Aanhef: Slehti
Even ontleden:
1. Ik gebruik wel eens mannen. (Waarvoor? Waar? Wanneer of Hoe?)
2. Ik heb een relatie. (Met wie? Sinds wanneer? Als die stiekem is, hoe weet Slachtoffer dit?)
3. Ik heet Slet
Aan een taalkundige, grammaticale of andersoortige ontleding waag ik me maar even niet (meeste taalfouten haalde ik er voor het gemak maar even uit).
Ik was geneigd om het mailtje te beantwoorden -mysteries zijn er ten slotte om te ontrafelen- maar heb de verleiding kunnen weerstaan. Beter een blogje. Want wat verder te doen met dit sujet. Dat wellicht zelfs vrouw is. Ja, een getrouwde vrouw! Die me uit mijn tentje naar haar tentje wil lokken! GTST!
Volgende keer dat ik me in het uitgaansleven stort, neem ik een benzinestift mee. Niet om de één of andere toiletdeur te voorzien van een grote lul. Ook niet om bij mezelf een stip op mijn voorhoofd te tekenen zodat ik me niet langer geroepen voel om een geïnteresseerde mannenblik ogenblikkelijk te beantwoorden met 'verspil geen moeite, ik ben niet op zoek'. Nee, met die stift zal ik degene versieren die rood aanloopt als ik hem/haar aanspreek met "Hé slachtoffer, alles goed?". Door met grote letters 'malaka' op zijn/haar hoofd te schrijven. Wat rukker betekent in het Grieks. En, omdat een blogje uitsluitend voor dit balloze, stenen gooiende slachtoffer me toch iets te veel van het goede is, sluit ik af met een liedje over een malaka, een rukker dus. Van Lucio Dalla. Het gaat Over Bologna, Berlijn, een linkse hoer en een onderbroek. De melodie is niet erg verheffend. Toch benieuwd naar hoe dat klinkt? zo dus. Wie de taal van deze cantautore machtig is, kan hier de tekst lezen Disperato Erotico Stomp. Grappig genoeg staat er accappella waar eigenlijk 'capella' moet staan. Wat dàt nu weer betekent?
Eikel.
Hoewel?
Vent?...
Wees een vent?.......
dat impliceert toch dat er sprake is van een man met ballen? Maar iemand die 'stenen vanuit het donker gooit' zoals mijn minnaar het treffend omschreef, is toch, in eerste instantie, meer een klootloos mannetje.
Watskeburt?
Wel, ik trof in mijn mailbox de volgende vraag aan:
of ik 'nog wel es (!) mannen gebruik terwijl ik stiekem een relatie heb?'
Ondergetekende: Slachtoffer.
Aanhef: Slehti
Even ontleden:
1. Ik gebruik wel eens mannen. (Waarvoor? Waar? Wanneer of Hoe?)
2. Ik heb een relatie. (Met wie? Sinds wanneer? Als die stiekem is, hoe weet Slachtoffer dit?)
3. Ik heet Slet
Aan een taalkundige, grammaticale of andersoortige ontleding waag ik me maar even niet (meeste taalfouten haalde ik er voor het gemak maar even uit).
Ik was geneigd om het mailtje te beantwoorden -mysteries zijn er ten slotte om te ontrafelen- maar heb de verleiding kunnen weerstaan. Beter een blogje. Want wat verder te doen met dit sujet. Dat wellicht zelfs vrouw is. Ja, een getrouwde vrouw! Die me uit mijn tentje naar haar tentje wil lokken! GTST!
Volgende keer dat ik me in het uitgaansleven stort, neem ik een benzinestift mee. Niet om de één of andere toiletdeur te voorzien van een grote lul. Ook niet om bij mezelf een stip op mijn voorhoofd te tekenen zodat ik me niet langer geroepen voel om een geïnteresseerde mannenblik ogenblikkelijk te beantwoorden met 'verspil geen moeite, ik ben niet op zoek'. Nee, met die stift zal ik degene versieren die rood aanloopt als ik hem/haar aanspreek met "Hé slachtoffer, alles goed?". Door met grote letters 'malaka' op zijn/haar hoofd te schrijven. Wat rukker betekent in het Grieks. En, omdat een blogje uitsluitend voor dit balloze, stenen gooiende slachtoffer me toch iets te veel van het goede is, sluit ik af met een liedje over een malaka, een rukker dus. Van Lucio Dalla. Het gaat Over Bologna, Berlijn, een linkse hoer en een onderbroek. De melodie is niet erg verheffend. Toch benieuwd naar hoe dat klinkt? zo dus. Wie de taal van deze cantautore machtig is, kan hier de tekst lezen Disperato Erotico Stomp. Grappig genoeg staat er accappella waar eigenlijk 'capella' moet staan. Wat dàt nu weer betekent?
Eikel.
Labels:
'de ander',
beeld,
blog,
Dalla,
dansen,
jagen,
Lucio Dalla,
man,
man-vrouw,
relatie,
schrijven,
seks,
taal,
uit,
uitspraken,
vrouwen
vrijdag 17 juni 2011
De AH-man
Waar las ik dat nou ook al weer? Die recensie over dat boek over singles. Dat ze niet zielig zijn. En dat de (twee-) indeling van de groep vrouwen hierbinnen, zijnde feestbeesten en wanhopig zoekende, niet klopt. Het was vast ergens in de papieren krant. Die de functie appeltje+F (of ctrl+F) niet kent. Wat maakt internet mensen toch lekker lui. Doet er niet toe. Ik heb geen zin om te bladeren. Er is toch wel iets bij mij blijven hangen.
2, 7 miljoen singles kent Nederland. Of alleenstaanden of -gaanden, dat kan natuurlijk ook. De vrouwen die werden geïnterviewd, waren blij te kunnen gaan en staan waar ze wilden. De seksvraag werd gepareerd met "Als jij een vriend hebt, vraag ik jou toch ook niet hoe vaak je het doet?" Een 63 jarige vrouw zei dat je aan seks, dankzij internet, nog makkelijker kunt komen dan aan een pizza. Dat werd uitgelegd als positief. Voor die vrouw. Het was een erg hetero stukje. Natuurlijk werden er ook datingsitetips gegeven; geduld hebben, lat niet te hoog leggen, maar toch ook niet te snel tevreden, geen angst een blauwtje te lopen, dat soort dingen. Maar, in de AH, na zessen bij de koeling, zou de kans om de juiste man tegen te komen, het grootst zijn. Want dan staan de gesettelden te koken of ze zitten aan tafel. Singles halen dan nog even iets makkelijks uit het vriesvak.
Iets wat ik me bij wel meer publicaties afvraag, wat is nu eigenlijk de oorzaak en wat het gevolg? Is de AH een soort cruise-plek? Of krijgt ook mijn mannen-antenne, door het lezen van zo'n recensie, een betere ontvangst? Worden mijn geurklieren (bestaan die?), en die van mede singelaars wijder opengezet?
Maar wat lachte hij mooi. Ingetogen, maar overtuigd en kort en zonder bedoelingen. Dat ene moment. Vastberaden en toch ook lief en kwetsbaar. Goddelijk gewoon. Wat ook meespeelde is dat ik nooit een stap zet in 's lands grootste supermarkt. Ik vind het te duur, ken er de weg niet. Dus laveerde ik eerst vier keer heen en weer tussen de winkelkarretjes, alvorens ik zes eieren, twee boter en een pak yoghurt in mijn mandje had. Ja, inderdaad, bij de koeling.
Het was een machtig moment. En superkort. Want hij was net zo snel weg als ie er stond. Ook hier, in real life, geen ctrl+F combinatie. Ik heb trouwens ook geen idee waar ik op moet zoeken, wat ik zou kunnen intypen. Ik ken geen naam, maar zou ook niet meer weten hoe hij er uitzag. Het was alleen die stoere en toch tedere blik die het hem deed. Jammer dat ie weg is? Welnee. Dat houdt het leven spannend.
maandag 16 mei 2011
Koperkut
.... of eigenlijk is 'het kutkoper' een passender titel. Nee, niet 'de', ik bedoel echt 'het'. Want het betreft hier geen afnemer van spleten, maar het metaal dat tegenwoordig zo prijzig is dat diefstal ervan de spoorwegen onregelt, kerktorens brandgevaarlijk maakt vanwege het afknippen van bliksemafleiders en dat de koperopkoper -nu wel weer 'de'- in het verdomhoekje drukt omdat die niet afdoende navraag zou doen naar de duistere herkomst van dit gewilde goedje. Van koper dus.
Juist omdat het zo prijzig is, heb ik onlangs voor het eerst een lekkende loden waterleiding vervangen door een witte plastic buis. Niet door koper. Dat is dan natuurlijk de buitenkant, de binnenkant en de koppelstukken zijn namelijk weer wel van dit zo wonderlijk riekend rode metaal. Ook nog van koper was de aansluiting naar de meter en de badkamerkraan. Kortom, nog koper zat.
Als ik met water aan de slag ga, gaat de hoofdkraan dicht. Logisch. En als er geen water is, was ik minder vaak mijn handjes. Ook vrij logisch. En hoewel ik mezelf best hygiënisch vind, nam ik het bij deze klus niet zo nou. Lunchte dus met vieze handjes tussen het solderen van een muurplaatje en het aansluiten van de stortbak door. En nu heb ik last van overmatige afscheiding. Niet de waterleiding lekt, niks mis met die plastic buis, maar mijn kut. Geen oorzakelijk verband, zou je zeggen. Want ik werk dan wel behoorlijk chaotisch, maar ik stop die koppelstukken ècht niet in mijn vagina.
Eenmaal bij de huisarts, vraag ik waar deze onschuldige, doch niet zo praktische aandoening vandaan komt. (hoef me als loodgieter niet te schamen voor nattigheid op mijn werkkleding, een nat kruis zal vast minder opvallen dan bij een mantelpak). De dokter blijft vaag.
Ik opper iets met hygiëne?,
Nasleep van mijn miskraam?
Seks?
'Nee', zegt de dokter, 'Nonnen kunnen het ook krijgen.' (mijn gevatte reactie hierop laat zich raden).
Terwijl hij een recept voor een 'vaginaal paasei' intypt, mompelt hij dat je het ook van 'koperen waterleiding kunt krijgen'.
Pardon???, Wát zei u daar?!
Ik heb me zojuist dagenlang met koper omgeven! Moet ik dit euvel nu scharen in de categorie bedrijfsgerelateerde ziekten?!
Nadat het recept via de digitale snelweg bij mijn apotheek is beland, gaat het gesprek verder over anticonceptie. Een spiraal wel te verstaan. Op een model van een vagina, ter grote van een blikje nachtcrème, laat hij geduldig zien hoe het inbrengen er van in zijn werk gaat.
Heeft de werking hiervan niet met koper van doen, dokter? Nee, mevrouw, die dingen zijn tegenwoordig van veel vriendelijker materiaal.
Ik meen toch iets groens te ontwaren.
Kutkoper.
Abonneren op:
Posts (Atom)





