Posts tonen met het label Afghanen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Afghanen. Alle posts tonen

dinsdag 31 augustus 2021

Mafdoos

Een mandje neem ik meestal, geen kar. Dan ben ik mobieler tussen de schappen en koop ik tevens nooit meer dan er in mijn fietstassen past. Hoewel dat nu niet speelt want ik ben met de klusbus vanuit mijn werk naar de winkel gegaan. Alwaar me bij het pakken van het mandje iets vreemds opvalt. In het winkelcentrum, bij de ingang van de buurtsuper, zitten zo'n twintig mannen op een bankje dat anders meestal leeg is, ieder van hen houdt een papier in de hand. Hun leeftijd, haarkleur en houding lijken verdacht veel op de mensen op de beelden die ik van tv ken. Dit zijn vast Afghanen. Maar wat doen die hier? Zal ik ze aanspreken? Maar wat zèg je tegen iemand, of tegen twintig mannen, die op een bankje zitten? 'Waar komen jullie vandaan?' is sowieso al een irritante vraag. Duidelijker dan de titel van Müjde's boek kan dat niet worden geïllustreerd: 'Niemand vraagt meer waar ik vandaan kom (sinds ik in een rolstoel zit)'. Toch blijft het vreemd dat sociale media ontploffen van het medeleven bij het zien van wanhopige Afghanen maar geen hond een praatje met diezelfde mensen maakt als ze in het echt voor je staan, of zitten. 

Ik zal wel een originelere openingszin bedenken bij het winkelen. En trouwens, misschien kijken zij wel vreemder naar mij dan ik naar hen, met mijn smerige werkkleding met knielappen nog aan en een vreemde zweem van zweet en wasbenzine om me heen. Wat stond er ook alweer op dat lijstje dat thuis op tafel ligt? Brood, melk, bier en shag geloof ik. Ach, een paar komkommers kunnen ook geen kwaad en yoghurt blijft lang goed. Decafé, een zak appels... 

'Mafdoos!', klinkt er opeens op luide toon uit het pastagangpad, gevolgd door 'Noem mij geen racist!'  Er is onenigheid, iemand voelt zich onheus bejegend. Vast niet door iemand die vraagt waar ze vandaan komt, want de schreeuwster is blond. Van de weeromstuit vraag ik aan een medeweker waar de mayonaise staat. 'Mafdoos!' en 'Ze hebben wel centjes, hoor!', klinkt het nu nog harder. Een paar medeboodschappers kijken verschrikt over hun schouder met een air van 'Ik heb niks gehoord maar wil wel weten wat er loos is'.  Een beveiliger die op haar opleiding vast heeft geleerd om altijd rustig te blijven absorbeert de overkokende woordenstroom. 'MAFDOOS!','IK KOM HIER AL TWINTIG JAAR!' Ik laat de shag maar zitten, dan rook ik wel wat minder vanavond, want de blonde schreeuwer is, vergezeld van haar kroost dat het schaamrood op de kaken heeft, bij de servicebalie aanbeland. De puberzoon en peuterdochter willen nu vast liever oplossen in het niets, maar blijven lief glimlachend naast hun moeder staan. De boze vrouw gaat verhaal halen bij de kledingzaak, de caissière van de drogist staat ook al nieuwsgierig op haar stoepje.  

Na het afrekenen schieten de Afghanen me weer te binnen, waar ik nu toch echt een praatje mee wil maken, zouden ze er nog zijn? Snel graai ik de boodschappen bij elkaar, die niet in mijn rugzak passen. Zodat de vraag rijst wat ik in de hand zal dragen. Zes pilsjes is misschien wat al te opzichtig en ik prop ze naast de melk en yoghurt. In elke hand een komkommer oogt ook wat vreemd als je op een stel kerels afstapt. Met een klotsend zware rugzak en een zak appels in de hand stap ik de winkel uit. Door de roepende blondine ben ik vergeten te bedenken wat ik de Afghanen zal vragen. Gelukkig staan er twee los van de groep, dat maakt het eenvoudiger: 'Hallo, mag ik jullie wat vragen: Waar komen jullie vandaan?' 'Bulgaria.' zegt één van hen. Aha, geen Afghanen dus. Om de situatie nog ongemakkelijker te maken bazel ik: 'What are you alle waiting for.'  'Yes', zeggen ze in koor.

God Allejezus. Ik lijk de Taliban wel. Gaat daar een beetje lukraak mensen uithoren die er anders uitzien dan zijzelf! Afghanen, ja ja. Mafdoos dat ik ben. 

vrijdag 1 februari 2013

Achterlijke Afghanen

Deze stoere, sexy, slimme en slanke dame, die wars is van enige vorm van arrogantie, zag er toch maar van af om een liefdesbrief in het Hindi aan de zoon van Maaike Helder en Piet Grijs te sturen. Dus rest haar niets anders dan in haar eentje op onderzoek gaan naar -zoals Jelle Brandt Corstius dit zelf noemt- 'Moeilijke landen'.

Te meer omdat zijn 'van Bihar tot Bangalore' niet meer op de buis is. Niet getreurd, het Internationaal Filmfestival Rotterdam (IFFR) gaat van start!  Er valt uit vijftig films te kiezen. Ook in Groningen. Ook over, en uit 'moeilijke landen'. 

De openingsfilm, 'Die Welt', verhaalt over Tunesië. En Nederland. En de vraag of je je geluk moet beproeven in Europa. Maar Tunesië is vast niet 'moeilijk' genoeg. Hoewel de Arabische lente er begon, met een universitair geschoolde fruitverkoper die zichzelf in brand stak. Als protest tegen corruptie. Wie nu 'Tunesië' googled, wordt aangevuld met 'weer' 'klimaat' en 'vakantie'. Met een gerust hart kunnen we dus weer onze 'all-inclusives' boeken. Zodat de mensen daar weer werk hebben. En wegtrekken uit de dorpen. Zoals ook in Alone gebeurt. Een film over 'hemelschreiende armoede'. Doet het altijd goed, 'armoede'. Over drie meisjes die alleen opgroeien in een afgelegen bergstreek in China, Yunnan.


Qua 'moeilijkheid' scoort het Midden-Oosten natuurlijk het hoogst. Bij de Arabieren. Of in Afghanistan. Of Iran. Of Koerdistan. O, pardon dat is geen land. Desalniettemin nam Bahman Ghobadi er toch zijn Turtles can fly op. Die ik nog niet heb durven zien. Schijnt nogal heftig te zijn. Ghobadi's nieuwe film wordt op het IFFR vertoond. Misschien moest ik daar maar heen, samen met een Koerdische vrouw. Of toch naar 'The patient stone' van Atiq Rahimi, met mijn Iraanse vriendin? Of kijk, hoe exclusief; De eerste speelfilm ooit gemaakt in Saoedi-Arabië werd geregisseerd door de eerste vrouwelijke filmmaker van het land' (zou dat echt zo zijn, al die rijke sjeiks kijken toch niet alleen naar Holly- en Bollywood films?): Wadjda'. Over een meisje dat een groene fiets wil.

' Bidden', 'conservatief', 'oorlog', 'plichtsgetrouw' zijn termen die bij de samenvattingen van de films vallen. En zo hoort het ook, bij moeilijke landen. Want dat kennen wij hier niet meer. Toch?

Ik bel haar op. 
En vraag haar mee.
Maar ze komt niet.

Wel vertelt ze me hoe de film zal aflopen: "Dat meisje krijgt haar fiets. En dan dankt ze daar Allah voor, of Mohamed. Stomme Arabische mannen. Ik heb een hekel aan de Islam. Aan die achterlijke Afghaanse mannen. Die niet weten wat vrijheid is, die nooit een zuchtje lucht van die vrijheid hebben ingeademd. Jullie zijn hier zo tolerant maar....

Na haar tirade over haar landgenoten, hier en daar, stel ik voor om haar een volgende keer uit te nodigen voor een vrolijke film uit de VS. Daar is ze wel voor te porren. Evenals voor mijn idee dat ze maar lezingen moet gaan geven. "Ja ja, dat wil ik wel, maar waar, Lehti. Wáár dan?"


Mijn andere vriendin belt mij op vanuit de bus. Ze is dolenthousiast. Want ze heeft éindelijk, éindelijk werk! Zielsblij is ze. Maar ze heeft toch nog een probleempje. Want, in tegenstelling tot wat ze in haar sollicitatie zei, heeft ze al wèl rijlessen gevolgd, maar ze heeft nog geen rijbewijs. Ai.

Misschien moesten déze dames maar eens met Jelle op reis. Om in 'moeilijk' India binnen een kwartier hun rijbewijs te halen. Of, nog beter, en public eens te vertellen hoe moeilijk Nederland is. Waar geen werk is.
Ook niet als afgestudeerd psychologe in de schoonmaak.
Of als politicologe in de kinderopvang.

En zelfs niet als fruitverkoper. 


Over 'moeilijke landen' kun je prachtige films maken.