Posts tonen met het label Olijf. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Olijf. Alle posts tonen

zondag 7 oktober 2012

Nitrocelibaat

Het is geloof ik herfst.

Bentenge heeft het over het Terugvinden van evenwicht.

Olijf schrijft: Vandaag, de laatste tijd - zoals u al merkte - draaien een paar dingetjes vierkant en heb ik de grootste moeite om de weg van onschuldig positivisme te bewandelen.

Sanneke zegt: Ik ben een puzzel. Een kapotte puzzel, waarvan het knap lastig is de stukjes weer in elkaar te zetten. Tot nog toe is het niemand nog gelukt in elk geval, dus zal ik wel heel moeilijk zijn.

De verhalen van deze bloggers zijn echt. Over het verlies van werk, hun lief, een vriendin of gedoe met gezondheid. In het hier en nu kampen ze met twijfel en onzekerheid over wat gaat komen. Daarom hier een hopelijk opbeurend boekenlogje. Tevens in het kader van de kinderboekweek. Verhalen op papier, verzonnen of waargebeurd, om te lezen, voor te lezen, te geven, krijgen of te verslinden.

Want lezen is leuk. Voorlezen ook. Laura en Iris lazen eens voor in de trein, uit Winnie the Pooh. Jammer dat ze niet zo'n succes hadden. Ik lees zelf weinig, maar lees wel voor. Guus Kuijer, Thea Beckman, Roald Dahl en natuurlijk alles van Annie M.G Schmidt. Alles? Nou ja, je weet wel, Pluk en Otje en zo. Maar toen ik onlangs het laatste deel van Mees Kees uit had (moet je lezen!) en er geen biebboeken meer in huis waren, zag ik toch iets van haar hand in de kast dat ik nog niet kende (ja, dat kan ècht, bij wie ooit in de kringloop werkte kàn dat: boeken in je bezit hebben die je niet kent), nog nooit van gehoord zelfs. Zou het niet goed zijn? Of komt het door die vreselijke titel?

Al voorlezend leek het boek een reactie op de kritiek die Annie M.G.Schmidt kreeg (Jip en Janneke zijn dood), vanwege te braaf en te rolbevestigend. Nee, neem dan Jorrie en Snorrie (ja, dat is ècht de titel). De ministers in het verhaal zijn vrouw, er is een bom, er wordt gedemonstreerd en met tomaten gegooid (zou de SP toen al zijn gesticht):

Woedend waren ze. Ze waren van plan de jubeltrein te bekogelen met tomaten en komkommers. Maar waarom dan? Wel, er werd beweerd dat hun tomaten niet deugden. De gezondheidsraad had ontdekt dat er nitrocelibaat in hun tomaten zat. En nu moesten ze alle tomaten vernietigen. terwijl het puike tomaten waren zonder een spoor van nitrocelibaat. Schande. Protest!

Kijk, ik hou van dit soort knipogen. Ik ken weinig boeken die voor kinderen èn volwassenen geschikt zijn. Dat merkt ook Novy in 'Voorleesseizoen'. Ze krijgt het intussen misschien wat heet met het voorlezen over haar holenbeer. Sanneke nodigt in 'Voorleesvirus' uit om te bloggen over mooie voorleesboeken. Bij deze. Mijn favoriete (kinder) (voor) leesboek is nog steeds "De verdwenen prinsessen of Milo's fantastische reis door het land van letters en cijfers", (ook hier per ongeluk als tweedehands beland). Leo wil zelden worden voorgelezen, maar dit boek las ik hem meer dan één keer voor. Ook leuk voor volwassenen:

'Wel, wel, wel, wel, wel, welkom, welkom, welkom in het Land der Verwachtingen, in het Land der Verwachtingen. Er komen tegenwoordig niet veel reizigers meer. Wat kan ik voor je doen? Ik ben de weergod.' 
'Is dit de goede weg naar Dictionopolis?' vroeg Milo een beetje beduusd door de uitbundige begroeting.
'Kijk eens aan, kijk eens aan, kijk eens aan,' begon hij weer, 'ik ken geen verkeerde weg naar Dictionopolis, dus als deze weg, wie weet, naar Dictionopolis gaat, moet het de goede weg wel zijn en als die weg er niet naar toe gaat moet het de goede weg ergens anders naar toe zijn, omdat er geen verkeerde wegen naar iets bestaan. Denk je dat het gaat regenen?'
'Ik dacht dat u het weermannetjes was, 'zei Milo knap in de war.
'Weermannetje', zei het mannetje, 'ik ben de weergod, want het is per slot belangrijker te weten of er weer weer komt, dan te weten wat we voor weer zullen krijgen.' En daarna liet hij een dozijn balonnen los die wegzweefden naar de blauwe lucht. Eens kijken van welke kant de wind weer komt.' zei hij grinnikend over zijn grapje en hij keek hoe ze in allerlei richtingen verdwenen. 
'Wat is dat eigenlijk voor iets, dat land der Verwachtingen?' vroeg Milo die de man niet grappig vond en behoorlijk aan diens verstand twijfelde.
'goeie vraag, goeie vraag, ' riep hij uit. 'je gaat altijd eerst door het land der verwachtingen voor je aankomt waar je heen wilt.'

En zo zou ik nog bladzijdes lang kunnen voltypen, ware het niet dat het al laat is, ik morgen moet werken en ik nog steeds niet blind kan typen.

Laat ik afsluiten met een gedicht van Jos van Venrooij, schrijver en tevens huisvader. Hij post tijdens de kinderboekenweek elke dag een gedicht van eigen hand. Ik zou het hier graag plaatsen, maar  volsta met link naar: 'Er zit een feest in mij'. Bij deze virtueel voorgelezen aan iedereen die het deze herfst moeilijk heeft. Dat een ieder genoeg gezondheid, liefde en werk mag krijgen om lekker te kunnen leven. Santé!




Ik breng een toast uit met een heerlijk glaasje nitrocelibaat. Best lekker op zijn tijd.

zondag 5 augustus 2012

Waarom ga je?

(Een lezer schreef me dat de tekst hieronder door elkaar loopt. Na enige aanpassingen hoop ik dat het nu beter is. Zo niet, dan hoor ik dat natuurlijk graag. Dankjewel bentenge)

Op mijn in Frankrijk gebruinde armen vielen vandaag dikke regendruppels. Ik kreeg kippenvel. Even daarvoor scheen de zon. Ook op het vrouwelijk naakt dat ik zag staan op de kunstmarkt naast de Aa-kerk. De kunstenares had een steen met daarop de prijs van het werk vóór haar vagina geplaatst. Althans, dat neem ik aan, dat dat er achter zat, want ik liet de steen liggen. Ondanks het bordje, te midden van al de beelden, met: 'Aanraken mag'. Slechts één keer was de steen verlegd, zei de beeldhouwster lachend, door een homostel. Ze legde me ook het procédé uit van een ander beeld, dat van graniet leek. Na de mal van klei, het gips, het gieten, had het haar nog drie weken schuren gekost voordat het af was. Ik mocht haar aaien. Dus dat deed ik. Haar stenen billen waren zacht. 'Zat er veel frustratie of toch ook liefde in?', vroeg ik al aaiend. 'Liefde', was het voorspelbare antwoord.

Van de koopzondag maakte ik een kijkzondag. Want na de kunst, keek ik, vanaf een verder uitgestorven vijfde verdieping van de V&D, waarvan ik het bestaan niet wist, uit over een natte stad.
Het weekend begon met het wegtuffen van negenhonderd kilometer door de nacht. Na wat dutjes de dag erna, volgde het uitzwaaien van de vier kinderen die me de afgelopen twee weken gezelschap hielden. Om af te kicken keek ik de rest van de dag kinder-tv: Shrek 2 en I-Carly. En dankzij het jeugdjournaal weet ik weer hoe verschillend de levens van kinderen in Nederland zijn. Er zijn er die jarenlang wachten in AZC's, boerenkinderen die in de pas moeten leren lopen op een kalverenkeuring en sommigen gaan 's zomers met hun ouders naar het truckerfeest om er caravans achter een vrachtauto over de kop te zien vliegen. Hoe divers.

En toen dacht ik, misschien wordt tegenwoordig niet elke slagerszoon meer slager, maar je bagage hangt toch nog steeds vooral af van je thuis,  of van het gebrek hieraan. Over slagers gesproken, of, op z'n Vlaams, beenhouwers, 'Een slagerszoon met een brilletje' is een mooi  boek van Tom Lanoye. Voor wie het nog niet las. Doen! Of 'Kartonnen dozen'. Vermakelijk. Onderwerp? Hoe kan het ook anders: De liefde.

Na Schrek zag ik Australia. Ik vond Nicole Kidman niet erg mooi toen ze de man zoende onder een boom waarin een kind zat. Dat ze het hare wil maken. Later herontdekte ik zelf hoe anders een minnespel kan zijn met het besef dat er elders in huis een kind slaapt. Ook al is het niet je eigen. Wat best vreemd is. Als moeder zijnde. Volgende week een half leven lang. Want dan word ik tweeënveertig. En mijn oudste zoon wordt een week later de helft daarvan.

De volgende morgen maakte ik een fietstocht met hem wiens moeder veertien was toen ze hem kreeg, en met het kind dat bang was voor regen en zijn verwekker niet kent. Net als in 'Blight flight'. Filmster Waldemar Torensma (de macho man die ook in Australia niet zou misstaan) zei: 'Ik vond het leuk om te spelen dat ik een zoon had..... zonder dat ik het wist'. (bij min. 2.00). De ondertitel van de film luidt 'Sommige geheimen zijn voor het leven'.

Na de kunst, het fietsen en de natte stad bereidde ik een éénpersoonsmaal en deed ik een uitvoerige blogsurfsessie. Zodat ik nu een wijzer mens ben. En weer weet dat de zonen van Abraham, Isaac en Ismael, tevens de voorvaderen zijn van twee wereldgodsdiensten. Zodat de naam Isaac blijft horen bij de Joodse gemeenschap en veel Moslimjongetjes Ismael worden genoemd. En zo is het kringetje weer rond. Ook naar het boek dat ik deze vakantie las, 'De geschiedenis van de liefde'. Dat ik meegriste van het met leer beklede bureau van mijn moeder. Een 'dwarsligger', met van die lekkere aaibare pagina's. Net als in een spoorboekje. Fictie en werkelijkheid lopen mooi door elkaar. Niet verfilmen, zo'n boek. Eén van de hoofdpersonen draagt dezelfde naam als de uit Polen afkomstige schrijver waar mijn vader fan van is: Isaac (Bashevis) Singer. Toeval?* Dáár gaat het boek ook over. Over toeval. Over zoeken. Over geschiedenissen. Van mensen. Met geheimen.

Aan mijn vakantie hield ik behalve een bruin velletje ook krakelé nagellak op mijn teennagels over. Ik vertoefde met Olijf in Park Spoor Noord, bedwong de burcht van Carcassonne en keek 's nachts door het tentdoek hoe de volle maan drie boven elkaar bungelende hangmatjes bescheen. Ik genoot van de voetmassage die ik van zoon Leo kreeg en rolde ronde hooibalen met wederom (pleeg-, stief- en eigen) kinderen -en een hond- erop van een heuvel bij Tournus. Ik luisde kinderkoppies en at sappige perziken. De route die ik aflegde met Leo en Kees en die zij nu vervolgen met hun vader, wild ik hier visualiseren. Maar er ging iets mis bij het bewerken. Misschien ook wel zo spannend. Het leven als een gatenkaas. Verbeelding aan de macht. Zes landen gaan ze doorkruisen.

Ik wilde vanavond Zomergasten zien. De Vlaming Jan Leyers had Jolande Withuis te gast. Die veel boeiends zei over gesprekken met overlevenden van Dachau en Natzweiler en de parallellen die ze zag tussen Juliana en Diana. En over publieke rouw. Maar ze zweette als een otter en ondanks veelvuldig deppen en zwaaien met een waaier, moest de live uitzending worden gestaakt. Ik had het met haar te doen. Maar door haar migraineaanval werd de door haar gekozen film 'Cria cuervos', wel éérder uitgezonden. Een film gemaakt in 1976, vlak na de dood van dictator Franco.

In datzelfde jaar zocht ik met mijn zus iets uit de spullen van onze overleden Franse oudtante. Het landhuis in Arras, waar vijf kinderen opgroeiden, ligt nu verstopt achter een drukke weg en een benzinestation. De appelboomgaard schijnt er nog te zijn. Evenals de Esperantovereniging ter plaatse. Vernoemd naar mijn oom die zich in hetzelfde huis verhing. En eerder Europa rondtrok om er de nieuwe wereldtaal te prediken. Zo mailde mijn vader. Over de familie van mijn moeder. Het lijkt 'De geschiedenis van de liefde' wel. Of 'Cria Cuervos'. Vol met lusjes en kinderen. Eigen. En van anderen. Met vreemde ongeschreven wetten om bij leven te zwijgen en bij dood niks meer te kunnen zeggen.

Amai, wat een melancholie! Komt vast door de film. Waarin kinderen dansen op het nummer  ¿Por qué te vas?. Wat op de Engelse wikipedia wordt vertaald als 'Because you're leaving'. Maar in de Franse versie als 'Pourquoi pars-tu'. Ik ben meer van de Franse slag. Dus hier komt ie: 'Waarom ga je?' Dat gepiep aan het begin komt van een cavia. 

'Tengo un monton de cosas de hacer'. Spaans blijft prachtig. Volgende vakantie gaat naar  Madrid. Maar morgen eerst maar 's aan het werk. En nu naar bed. Welterusten.

* Nu schijnt Isaac Singer ook de beroemde naaimachineman te zijn, die een eeuw eerder leefde, maar het feit dat I.B. Singer in 1940 met een zekere Alma trouwt, -uiteraard- met achterlating van een kind, lijkt me niet louter toeval. Ook figureren andere bestaande personages, zoals Philip Roth in het boek (wiens minder bekende boekje 'De borst', over een man die op een dag ontwaakt als vrouwenborst, best bizar is). Ik ga me er nog in verdiepen. Of eens navraag doen bij Novy, Misschien weet zij er meer van.


zaterdag 21 juli 2012

Overstag, poezen en nagellack


Nee, ik ga deze zomer níet met vakantie. We zijn immers net weggeweest. Waarom zou ik duizenden kilometers gaan wegtuffen. Voor wie? Er moet ook wel 's brood op de plank, nietwaar. Je kunt nu eenmaal niet alle dagen feest vieren. Mijn klanten zijn de laatste tijd ook al zo vlot met betalen en de bodem van de spaarpot is in zicht. Dus met welk geld wilde ik eigenlijk gaan? En weet je, dat werk van mij is soms ook net een soort van betaalde vakantie. Tenzij ik rioleringen moet ontstoppen. Ik word bruin, luister lekker naar de radio en terwijl ik wat verf wegstrijk, staan de koeien naast me in de wei naar me te staren. En als ik de andere kant opkijk, zie ik wuivend graan. Tien kilometer van huis. Wat wil een mens nog meer?!

Tot dat daar dat mailtje kwam.
Of was het een telefoontje?
Dat zuslief wederom op een camping werkt in La Douce France en dat zij, en haar dochters, het hééééél leuk zouden vinden om........
Tja, wat doe je dan.
Als rechtgeaarde tante.
Dan ga je overstag.

Toen we gister op bezoek waren bij B. en haar zoon, wilde Kees weten wat dat betekende; 'overstag'.
Best moeilijk uit te leggen. Vond ik. 
Toen ik het wilde verduidelijken door de letterlijke betekenis uit te beelden, ging het helemaal mis. Ik hield mijn onderarm scheef in de lucht en probeerde die 'overstag' te laten gaan. Alsof ik daar iets van weet, van zeilen. Het zag er vast niet overtuigend uit. 'Nu begrijp ik er helemáál niks meer van', zei Kees. Ik wierp nog even een hulpeloze blik naar B, die naast me zat. Maar ook in haar school helaas geen verborgen botenvrouw.

Maar dat 'overstag gaan', ging helemaal niet over een varen, maar over een kat. Die ik had gekregen toen ik negen was. Terwijl mijn vader er eigenlijk geen trek in had. En toen kwam die overstag dus. En daarna die kat. Die eenentwintig jaar is geworden, toen ik al lang en breed uit huis was.
En zo aten we vrolijk verder van de spinazietaart en avocadosla. Pratend over katten en zieke hondjes. En gingen de jongens buiten voetballen. Waarna me weer eens duidelijk werd hoeveel verschillende manieren van opvoeden er bestaan. Want van mij mochten ze op straat spelen, en niet naar het park, B. dacht daar precies andersom over.



Toen ik thuiskwam, las ik dit mailtje (ja, die lees ik alleen thuis)
hoe is het in nederland? hier op de camping is het een beetje saai. we hebben alleen het zwembad, een fiets en de twee hangmatten om mee te spelen (zie fotos in aanhang).
willen jullie dus zo vroeg mogenlijk komen? (en nagellack, make-up en haardingetjes meenemen?)

p.s.: ik ben vergeten te vragen, of je ook nog hangmatten wilt meenemen. maakt niet uit hoe veel ;)

p.p.s.: heb jij eigenlijk m'n verkeersbord uit waterloo nog? die rode met de witte streep in het midden? wil je die mee naar berlijn nemen, als je het kunt vinden ;) ? (ik wil het bord in m'n kamer ophangen :P )


De gang is nu bezaaid met opblaasbeesten, slaapzakken en de enige hangmat die ik kon vinden. Straks ga ik een soort beautycase in elkaar flansen en vertrekken we richting Berlijn, over Frankrijk. Logisch toch. Via België. Alwaar een botenvrouw ons opwacht. Die vanmorgen smste of ze nog tijd had voor een koffie, of dat ze als een speer aan het opruimen moest voor onze komst. Waarna ik haar de stuipen op het lijf joeg door te melden dat we al bijna voor haar deur stonden. En zette me toen aan een kop koffie. En het schrijven van dit logje.

Hopelijk blijft het droog. Maar wat geeft het ook. Ik hoef vandaag toch niet meer te schilderen.
En ook niet overstag.
 

Want toen ik gister met de kwast langs de kozijnen ging met rechts en links van mij koeien en graan, zat er één vóór me, aan de andere kant van het raam,  een piepklein snoezig poezebeest.

Dus, je raadt het al. Ik wil weer een kat, of twee. Of eigenlijk moesten het er maar drie zijn. Voor elke zoon één.

Maar eerst ga ik op vakantie. Om er eens lekker over te slapen. Over poezenbeesten. In een tent.

zaterdag 12 mei 2012

Zeeegel eten


Hoe het met de schrijfwijze van dit beestje precies zit, weet ik niet. Maar ik leerde vorige week wèl hoe je het kunt opeten. Voorzichtig vastpakken, opensnijden, groene drab weggooien, zonodig beetje uitspoelen en dan de oranje glibberstukjes eruit lepelen. Of, bij gebrek aan bestek, eruit 'pinken'. Want veel vlees heeft het dier niet. Leegslurpen mag ook. Zo leerde S. alias Olijf ons.
En het stoerste was, dat mijn nèt nog geen achtjarige zoontje, met S. meezwom om het beestje te vangen. Op dat rotseiland daar. Of, nou ja, 'vangen'. Bij gebrek aan een mes stak S. een lepel bij zich. Waarmee ze de zeeëgel van de rots haalde. Voor de kust van Lido Conchiglie.  (schelpenstrand). Waar het wel wat op een paradijs leek. Of wat ik me daar dan bij voorstel. Wel sneu dat S. toch een paar stekels in haar voet kreeg. 








Maar ze hebben ook pizza, in dat paradijs. Met rucola, ham en dikke repen Parmiggiano bijvoorbeeld. Kost bij 'Gallipoli Antica' slechts €4,50 en is heerlijk. Die zee-egel trouwens ook. Al dan niet met streepje of trema. Smaakt een beetje naar zoute zalm.

En die oranje eetbare binnenkant, dat schijnen de voortplantingsorganen te zijn. In vijf stralen. Net als bij de zeester. Waar het familie van is.
S, dank je wel voor de zeeles.
En voor de egel natuurlijk. 


zondag 22 april 2012

Jan, het paradijs voor de vrouw.


Die lag me daar toch zomaar op de deurmat!
Die Jan,
compleet met zeven postzegels.
Kan geen digitale post tegenop.









Langzaam openmaken.
Proeven.
Bruin papier.
Mooie letters
'Alles voor de naaister?'
Ik ben benieuwd.






O, een gidsje.

Van het paradijs.
Voor vrouwen
en kinderen
Waar we volgende week zijn.
In het Apulië van Olijf
Waar ik was in 1988
en 2003
en nu weer.
Ik heb zo'n zin!

donderdag 3 november 2011

Mijn bakker In Antwerpen

Dit weekend logeerde Leo in Zeeland. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om even de grens over de steken. In mijn eentje. Naar België. Voor een Olijf nog wel. Die lus ik niet eens! Maar dit was een heel speciále olijf. Met een hoofdletter 'O'.

Zoals het een Olijf betaamt, was ze thuis in het Italiaans. Sterker nog, haar mond liep over van dat land (mij niet onbekend). Naar verluid duikt ze graag in het water of verpoost ze er òp, in een bootje, maar ook enige diepgang schuwt ze niet en we liepen, via roltrappen en een tunnel, onder de Schelde door. Lekker droog.



Olijf bleek ook van andere markten thuis. De Grote markt bijvoorbeeld, of de Groenplaats. Alwaar, op de laatste zaterdag van oktober, de terrassen waren afgeladen. Zoekend naar een vrij plekje, viel mijn oog op een huis met mijn naam! Het bleek helaas geen kroeg maar een bakker. Even later liepen we etend verder. De naam van de soort lange wapper met krenten vergat ik. Ook de Franse. Want, let wel, die bakker Paul was een 'maison de qualité'.

Een dronken man met gouden tand wenkte ons. Hij vroeg zich af waar 'al die mensen' vandaan kwamen. Hilarisch dat hij juist ons uit het voortschuifelde publiek pikte. Toen ook ik mijn mond opentrok, moest hij lachen en rook ik zijn kegel nog beter (en dacht ik aan hoe zij pas Nederlander werd toen ze in België ging wonen)

Aan de voet van de kathedraal streken we neer. De onvriendelijke ober 'vergat' vier euro wisselgeld, maar de 'pint' en de 'tas' koffie (op een 'ondertas') smaakten er niet minder om. Toen het donker werd doken we weer terug onder de Schelde door. Aan de westzijde hoorden we trommels van de overkant. Gezeten op een bankje. Aan het water.

's Avonds maakten we een sprongetje over de grote oceaan, naar Cuba. De band was goed en ik danste me in het zweet. Maar tot mijn spijt moest ik bekennen dat ik het me het Vlaams nog niet goed had eigen gemaakt. Allez, ik had 'touche' (sjans), maar dat bleek met een Nederlander te zijn en van alle Vlamingen aan wie ik werd voorgesteld verstond ik bijna niks. En dat niet alleen, ik bleef na één zoen ook in de lucht hangen. Ingewikkeld: in Nederland drie keer zoenen, in Italië twee, in België één keer. En ik maar denken dat Nederlanders zuinig zijn.

Tussen de twee Antwerpse uitstapjes door serveerde Olijf orecchiette (oortjes) en involtini (ingewikkeltjes). De muziek deed de rest. Even waande ik me in Apulië.
Ik lus nog steeds geen olijven.
Maar Olijf is ne fijne mens.
Ik zie die graag.