Posts tonen met het label scheiden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label scheiden. Alle posts tonen

dinsdag 5 september 2017

De betaalde voyeur

Ze willen iets groters, lichters en meer groen om zich heen en vertrekken nu van de uitgeleefde bovenwoning in de binnenstad naar een huis met eigen parkeerplek. En ik verhuis, zoals met veel van mijn klanten, met hen mee. Bij deze mensen was gezinsuitbreiding de reden om te verkassen maar soms willen mensen om omgekeerde redenen weg. Omdat er iemand dood is. Of vanwege een scheiding. In dat laatste geval is men het over weinig nog eens en de oplevering van de oude, gezamenlijke stek geeft dan de nodige stress. Die ik geduldig aanhoor als men mij koffie aanbiedt.

Zwangerschapskwaaltjes, gedoe over de erfenis of wrok naar een ex. Een man die opschept dat hij zijn zoon, die vastzit, elke week opzoekt, gemopper op buren. Ik hoor verhalen uit elke levensfase. Een moeder die zich ongevraagd bemoeit met haar kind dat op kamers gaat, de vrouw die de hoop ooit nog te gaan samenwonen heeft laten varen en kleiner gaat wonen en de ouderen die hun beklag doen over familie die hen een verzorgingshuis in wil praten.

Na de koffie betreed ik de duistere hoeken in hun huizen. Voor een uur, een dag of een hele week. In de goot, door keukenafvoeren of achter kniebeschotten van een zolder waar men alles heeft verstopt dat niet voor andermans ogen bestemd is of waarvan herinneringen pijn doen. Ik vervang een deur met een gat en maak een doorgezakt bed weer heel. Ik trek lades open in bad- en slaapkamers zonder naar de inhoud te kijken en repareer alleen de gevolgen van de overbelasting ervan. 

Wat ik ook hoor, waar ik ook loop of gluur of graai, men is altijd blij met mijn komst.
En ik word er nog voor betaald ook. 

dinsdag 4 november 2014

Vaste grond onder je voeten

Ouders verdrinken, kinderen verdrinken, verhalen verdrinken (schokkend tot 3.00). Soms komen er ook nieuwe verhalen. Over nieuwe liefdes en nieuwe baby's. Die worden verteld en voorgelezen. Zoals Christine Otten dat deed met Rafael. Over de baby die werd geboren uit de liefde tussen twee werelden. Zijn vader belandde in Brabant via Italië. Dat vreselijke, beloofde land dat zich als laars uitstrekt naar Afrika, dat immense continent dat voor het gemak vaak als één wordt gezien.

Gelukkig komt er tussen de drenkelingen door soms ook nog een ander beeld onze huiskamer binnen. Een beeld dat niet past bij ons beeld van Afriland, niet tegemoet komt aan onze drang om goed te willen doen. Want dat is wat Europa het liefst doet. Goed doen. Om onze superioriteit te bestendigen. Zo lang er mensen hierheen willen, zal het hier vast beter toeven zijn dan daarzo.
  
Maar vorige week, in 'Dwars door Afrika', zagen we hoe Portugese juffen les gaven aan rijke zwarte kleuters in Angola (ik meende dat het schoolgeld zo'n negenduizend euro per jaar bedroeg). De juffen misten hun familie in thuisland Europa, maar dankzij skype was het best te doen. Of gister, in Nieuwsuur. Met die multimiljardair die fortuin had gemaakt met mobieltjes in Afrika.

Zei ik miljardair? Haal dat beeld van die blanke patser dan maar gelijk weer uit uw hoofd. Deze man heet Mo en, 'ook al is ie zwart als roet, dat pak staat hem goed'.  Hij reikt een geldprijs van miljoenen dollars uit voor excellent leiderschap in Afrika. De selectiecriteria zijn streng. "Hoeveel wegen heb je aangelegd, hoeveel scholen en ziekenhuizen zijn er gebouwd? Heeft je bevolking eten op tafel, toegang tot stroom? Wat heb je gedaan aan vrouwenemancipatie?"

De boodschap was echter ook een andere. Dat Afrika barst van de bodemschatten, van jonge ambitieuze mensen. Jazeker, er zijn ook ziektes en oorlog. Maar ik stel me zo voor dat wanneer ik als pas afgestudeerde uit Dodoma (hoofdstad van een land vol goud, diamant, uranium en wat niet al. Tanzania. Claus had het vast erg warm uitgesproken). Goed, dan wil ik als zwarte academicus dus iets vertellen over bijvoorbeeld de nieuwste stedebouwkundige inzichten, maar willen mijn toehoorders alleen weten of ik ook mensensmokkelaars ken. Alsof hier in Groningen de bommen klaarliggen die ze in Oekraïne gebruiken. (Tripoli-Dodoma is drie keer de afstand Groningen-Donetsk) 

Maar mijn mantra kennen jullie nu wel. En het is ook wel erg makkelijk om steeds commentaar te leveren vanaf de zijlijn. Laat ik het wat dichter bij huis houden. Waar kan dat beter dan bij mezelf.

Ook ik nam voor de zoveelste keer een vlucht naar Italië. Niet via het ruime sop, maar door de lucht. Vanaf Rotterdam. Vlak voordat we het luchtruim kozen, bleek het paspoort van mijn lief verlopen. We konden gelukkig zonder smeergeld door. Of we Italië weer uit mochten was ons eigen risico.

We liepen eindeloos over Romeinse wegen en ik liet mijn lief zien waar ik kozijnen had geschuurd en vissoep gemaakt. We belandden per ongeluk op het plein waar ik agretti kocht en liepen rond de Engelenburcht waar ik eens buiten sliep, toen ik er eind jaren tachtig op bezoek was met een goede vriend (die wrang genoeg verdronken is. Hij werd niet opgevist in Mare Nostrum -'Onze Zee'- maar in onze zee, de Noordzee).

Sommigen vinden via Italië een nieuw lief in Brabant, ik verloor onder de Italiaanse septemberzon die van mij steeds meer uit het oog. Daar veranderden het goddelijke ijs, de bloemenpizza en mierzoete desserts niets aan. Of keek ik te veel naar mijn eigen weg? Was dat juist de oorzaak? Liet ik opnieuw te veel liefde achter in dat vreselijke, beloofde land? Misschien moet je een oude passie ook niet willen delen met je lief. Met de zon op je huid en de geur van caldarroste in je neus.





Na Rome liepen we over de kasseien van Todi en Montefalco. Ik liet hem zien waar ik woonde, werkte of wanhoopte. We redden samen een kat, aten gebakken paardensla en verdwaalden hobbelend over een witte weg, waar we aan de voet van de Apennijnen samen naar zonsondergang keken. Het mocht allemaal niet baten.

We gingen terug naar huis per auto, vliegtuig, trein en bus. Maar toen we na veertien uur eindelijk weer vaste grond onder onze voeten hadden, nam ik een andere weg.

De vraag is alleen
Welke grond?
Welke weg?









Vanavond zong ik
Vois sur ton chemin
en little light
In koor.

woensdag 3 september 2014

Scheidschijt


Afscheid nemen doe je als je op vakantie gaat, als een vriend euthanasie wil plegen of als je kind het huis uitgaat. Dan neem je afscheid van iemand. Of van een fase in je leven. Je kunt je er mentaal op voorbereiden en overgiet de aanstaande breuk met een troostrijk sausje: 'We gaan gauw weer iets afspreken' of 'Het is beter zo'. Soms heb je hetgeen er gaat gebeuren niet in de hand, maar vaak wel het 'hoe' en 'waarom'. Je houdt, door zo'n ritueel, een beetje grip op de situatie. En juist dat laatste, daar ben ik in dit geval niet zo zeker van.

Want morgen verkoop ik mijn huis. Aan mensen die ik niet ken. Die gaan in het huis wonen waar ik ooit mijn weeën opving, ze gaan genieten van de opgaande zon die in hun bed schijnt, ze zullen de deur openen die mijn zoon ooit intrapte en misschien gaan ze de hoogslaper slopen waar ik aan diezelfde zoon 'Stad in de Storm' voorlas. Ze zullen 's zomers, gezeten onder de appelboom, elkaar vragend aankijken: 'Ging de bel nu hier of bij de buren?' en ze zullen de trappen betreden waar op werd gestampvoet, gevreeën en geschreeuwd.

Ik heb zonet de naam van de koper even gegoogled.
Hij blijkt archeoloog te zijn.
Zij komt uit Amsterdam.
Ze zijn getrouwd in gemeenschap van goederen.

Tja, zo gaat dat.
De één trouwt,
de ander scheidt.

Er komt een appje binnen. Van mijn ex, die nog in ons huis woont:
'Godver de gadver. Riool lekt op de plaats waar die man een gat heeft gemaakt om te ontstoppen. Weet jij nog wie het was? Mag hij het weer beter maken.

Pfoe, ben ik even blij dat ik daar niet meer woon.
Morgen tekenen.  
 



zondag 9 december 2012

Wilde boeken en de jacht

Er was eens, een jaar of zes geleden, in een huis hier onder mij, een stel dat elkaar sinds twee decennia kende. Zij was wild en hij las veel. Het verbaasde haar dan ook niet, dat hij verslingerd raakte aan 'zwerfboeken', beter bekend als 'bookcrossing'. (voor uitleg verwijs ik naar de officiële website van dit bizarre maar heerlijke tijdverdrijf om 'van de hele wereld een bibliotheek te maken').

De man ging bij nacht en ontij op jacht naar boeken. Want als er een boek werd losgelaten in het wild, ontving hij een 'release alert'; een melding over de plek waar het boek wachtte om bejaagd, gepakt en gelezen te worden. En als hij, of een andere boekenjager, zijn prooi binnen had, meldde hij zijn vondst op het net. Elk lid dat eens het boek in handen had gehad, kon zo volgen welke reis het aflegde. Oudgedienden mopperden op fora soms dat dit hijgerige jagen weinig meer met lezen had te maken. En echt ongelijk hadden zij niet. Wat te denken van een boek dat onderin een zandbak lag begraven of dat zat vastgebonden aan de slagboom van een overweg, zodat alleen bij het langskomen van een trein, onder het oog van tientallen wachtende fietsers, het boek kon worden losgepeuterd? Heeft niks met lezen van doen. Maar daarom niet minder leuk. 

De man legde en joeg op boeken. En hij niet alleen. De Groningse scene haalde er zelfs de krant mee. Men opereerde onder schuilnamen, een persoonlijke foto op je profiel was zeldzaam. Ook wie man of vrouw was, bleef vaak onduidelijk. Spannender dan facebook. Tot welke hilarische toestanden dit soms leidde, kan een goed jager teruglezen in de archieven van bookcrossing. Hier beperk ik me tot het boekenstel.

De vrouw kreeg er lucht van dat de uithuizigheid van haar ega niet alleen de jacht op boeken betrof. En ze bedacht -want dat gaat zo in sprookjes- een list. Zij werd, zonder dat hij het wist, zelf lid van de zwerfboekclub. Onder de naam 'Letterzetter'. Nu wil het toeval dat de vrouw toentertijd haar brood verdiende met het begeleiden van langdurig werklozen in een kringloopwinkel. En, net als bij tweedehands kleding het geval was, was ook maar een klein deel het ingebrachte leesvoer geschikt voor wederverkoop. Zo beschikte Letterzetter over honderden doorgedraaide boeken. In de trein naar huis selecteerde ze elke dag zorgvuldig de titels en broedde op haar plan. Ze zou een soort speurtocht voor hem uitzetten, door kwistig te strooien met boeken. Boeken over vrouwen, met wulpse plaatjes op de cover of met vrouwen in de titel. Waar hij dan op zou jagen, gissend wie toch die mysterieuze boekenlegger kon zijn. 

Aldus geschiedde. Hij volgde, maar vermoedde niet dat Letterzetter zijn lief was. De veelheid aan boeken en vreemde titels als 'Een vrouw volgt het spoor' wekten bij hem geen argwaan. Zelfs toen ze een boek afgaf bij een aardige 'abuela' van lichte zeden, en er op het forum druk werd gespeculeerd wie het boek bij haar zou durven afhalen, ging er geen lichtje bij hem branden. Maar liegen en leedvermaak waren niet echt haar ding, dus ze onthulde al gauw zelf haar grap. Toen was het even stil.

Letterzetter bleef langer lid dan nodig was voor de duur van de list, en ze kreeg al leggend en jagend, de smaak van het lezen te pakken. Ze maakte kennis met werk van Tom Lanoye, Nelleke Noordervliet en John Irving. En ze genoot met volle teugen.

Hoe het afliep met dat stel? Nou ja, dat ging dus, jaren later, alsnog uit elkaar. Zo gaat dat soms. Maar de boeken trof geen blaam, hoor. Sprookje van niks, hè. Geen spinnewiel, geen wolf, geen glazen muiltje ter verhoging van de feestvreugde, en zelfs geen behoorlijke moraal.

Scheiden doet natuurlijk lijden, maar opent ook het jachtseizoen. Op bewegend wild. En soms, soms levert die jacht dan weer een boek op. Een nieuw boek, nota bene. Als cadeautje. Nu schrijf ik zelden over boeken, maar aan dit boek had ik al eens een logje geweid. Zonder er in te hebben gelezen. Terwijl 1 miljoen Nederlanders me al voorgingen. Zal ik het dan toch wagen? Daar gaat ie: bladzijde 280: "We pakken het ritme op... op, neer, op, neer, op, neer ... en weer en weer en het voelt zo...lekker" (...) zwoegende (...) barstens (...) heftig (....) kloppend (....) tuimelend (....) kreten.

Hm. Ja ja. Wat zal ik doen met deze prooi? Ruilen of toch liever loslaten? Er zal vast gretig naar worden gezocht. Mijn eigen ingedutte instinct leefde gister ook even op. Want ik bejaagde een boek. Tussen de wortels in een winkel. En ik vond het!

Nieuwsgierig geworden? Ga ook op jacht! Waar? Nou, op zes december werd er in Amsterdam, bij de bloedbank aan de Plesmanlaan, een boek neergelegd. En fivergirl liet daar eerder al 'De vrouw van de keukengod', los. Ben je meer een type voor Baldacci?, die ligt in Zwolle te wachten op de vuilcontainer aan de Zanzegge. Misschien is ie nog warm van het lezen, want hij werd er vandaag neergelegd. In Groningen ligt in de poststraat 'de Pianoman' van Bernlef op nieuwe lezers te wachten. En ook in België ligt veel fraais. Zo reisde er een boek via Tilburg, Emmen en Castricum naar het station in Turnhout: 'Van aardbei tot zweepje'

Happy hunting! (en de vangst natuurlijk even melden)

maandag 16 juli 2012

Ik ben diep ongelukkig


De reanimatiepoging met behulp van onderdompeling in een bak droge rijst, heeft niet mogen baten. Miss Canon IXUS 8515, 10.0 megapixels, kan definitief worden bijgezet op het kerkhof der camerakarkassen. Ze is vier jaar oud geworden. En ik kan er godbetert niet eens een foto van maken! Wat had ik daar trouwens mee willen doen, vraag ik me af. Online mee gaan pronken? Zoals anderen met hun auto, huis, vakantie of I-phone?

Ik las een artikel (waar?) met percentages over wat er op facebook allemaal heel of half wordt gelogen (hoe meet je dat?). Het artikel concludeerde dat de 'lezer/vriend' bij het zien van al dat -gelogen- moois, het lachen zou vergaan. Het eigen kind, huis, vakantie, man, ... precies, het eigen gazon dus, lijkt zo minder groen. De depressie -volksziekte nummer één- loert. Maar daar wordt al genoeg over geschreven.

Omgekeerd kan je zeggen dat het blootgesteld worden aan allerlei ellende, gelukkig maakt. Onder het voorwendsel van het informeren over de toestand van de wereld (wie bepaalt dat? en kan het ons eigenlijk ècht wat schelen?), krijgen we het gevoel dat het met ons eigen land/ stad/ straat/ seksleven wel meevalt. Sterker nog, lezen over al dat leed is verdorie gewoon lekker. Waarom leest men het nieuws anders zo graag bij een kop koffie? Als koekje! Aardbeving, moord, verkrachting,... zoet gelardeerd met spitsvondige columns. Ja, zelfs bebloede gezichten van gevallen tourfietsers, in kleur, het is allemaal entertainment -'Nee goh, nooit geweten dat bloed van wielrenners róód is'-

Ik hoorde onlangs over een man die al twee jaar bezig is om naar Nederland te komen. Illegaal. Het zou hem twintigduizend euro kosten. Zijn al jaren in Nederland wonende schoonzus, wilde het hem uit zijn hoofd praten. 'Niet doen!, 'Je weet niet waar je aan begint!' Maar dat mocht niet. Haar eigen zus (zijn vrouw, die achter zou blijven) smeekte haar om Nederland als paradijs niet te relativeren. Trouwens, zíj woonde er toch zeker zelf?, als het leven er zo moeilijk was, waarom kwam ze dan niet terug? Zijn huwelijk was goed (lees: hij sloeg haar niet), het was dus geen verkapte poging om haar man dumpen. En hun kinderen zouden hun papa, als die het land uit zou gaan, zeker missen. Wat was nu de werkelijke reden dat ze moest liegen tegen haar zwager? 

Thomas Erdbrink schreef in het NRC van 11 juli over ene Elnaz. "Op Instragram, een app op haar I-phone waarmee je foto's kan delen, komen beelden binnen van haar geëmigreerde vrienden in Canada, Maleisië en Dubai. Ze proosten met cocktails in tropische zwembaden, dansen in clubs en lachen met hun vrienden. (...) Elnaz legt haar telefoon weg, trekt haar verplichte hoofddoek recht en propt haar geblondeerde haar onder het textiel. "Ik moet weg hier", concludeert ze. "Dit is geen leven." (...) "Juist de reizen naar het buitenland, naar Dubai, de Turkse stranden en ook Europa hebben de afgelopen tien jaar de ogen van velen geopend." Aldus Erdbrink.

De man die zich naar het rijke Westen wilde laten smokkelen, ging ook met zijn vrouw op vakantie. Over Istanboel, de stad die voor veel Turken geldt als het Sodom en Gomorra, had zijn vrouw verzucht dat het er erger was dan thuis. Ze vond het er vreselijk. Het leven was er duur en "ze schreeuwen wel vijf keer per dag vanaf die minaret!" (zij waren slechts drie keer gewend). Het groene gras was verbleekt.

Hij heeft besloten niet te gaan. Zijn schoonzus belde mij euforisch op. Zij wist als geen ander hoe zwaar vrijheid kan zijn die geen echte vrijheid is, hoe het voelt om jarenlang je kinderen niet te zien. Om zelf verantwoordelijk te zijn voor je keuzes, goede en slechte of afwezige, zonder familie. Vrijheid is een rekbaar begrip.

Tijdens mijn vakantie in Iran deed ik mij voor als Christen en was ik netjes getrouwd. Het druiste in tegen mijn gevoel, maar het was nodig. Toen ik dit vertelde, op dezelfde dag dat ik hoorde dat de man besloot de twintigduizend euro niet aan de mensensmokkelaar te geven, kreeg ik een discussie, met zijn vernederlandste neef. Hij vond mijn liegen 'belachelijk'. 'Ze' (hij ook al) zouden zo nooit wijzer worden! Door niet de waarheid te spreken, had ik hun beperkte (?) wereldbeeld gevoed!

Misschien had hij gelijk. Maar de stelligheid van zijn 'advies' was tekenend. Het moest zus, het moest zo. Zijn moeder, de vrouw die haar zwager wilde tegenhouden, probeerde tevergeefs aan haar zoon uit te leggen wat 'gescheiden' of 'ongelovig' in Iran werkelijk inhoudt. Hij had geen idee. Al was hij er zelf geboren.

Wij praten over hoofddoeken en zwembaden, lezen over een vader die wordt opgepakt nadat een zoon geestelijken op de hak nam op Facebook. Niet over de toegenomen welvaart in Iran (iedereen heeft ergens wel een eigen huis) met daarnaast de door de overheid ontkende drugs- en prostitutieproblemen. Wel over sancties, niet over het in Iran wijdverbreide racisme ('Gatver, jij bent toch niet bevriend met een Afghaan?') of dat ongehuwd samenwonen of gescheiden zijn, gelijk staat aan een hoer over wie mannen (ook politie) vrijelijk kunnen beschikken. Dat wie niet (in iets) gelooft, geen mens is. De werkelijkheid is weerbarstig. 

از نمایه فیس بوک من ديدن کنید, stond er vandaag in mijn mailbox. De afzender spreekt en schrijft ook Nederlands. Ze heeft daar jaren haar stinkende best voor gedaan in de AZC's waar ze woonde. Nu is ze terug. En wil weer weg. Zoals zovelen. Maar ik heb geen man voor haar. Ook zit ik niet op faceboek en kan dus niet haar vriend worden. Want dat is wat ze vraagt.

Misschien moet ik toch een account aanmaken. Om plaatjes te tonen van een ander Nederland. Of om haar een film te tonen met een completer beeld van Europa. Zoals ik op mijn beurt zag in 'No one knows about Persian Cats' (Een tearjerker is dus tevens feelgoodmovie). Maar nog meer nuance over het Iran van nu zag ik in 'A separation'.
Welke link kan ongestoord langs de staatscensuur?
Welke film, lieve lezer, zou ik haar moeten laten zien?

Zodat ze haar ogen niet gelooft. En dan misschien naar buiten kijkt. Naar het groene gras.

Ik wou dat ik de I-phone van Elnaz had. 

dinsdag 28 juni 2011

Ierse lifters

Het waren van die hele echte. Zij met een strooien hoed, hij met een stoppelbaardje. Hun rugzak een beetje scheefgezakt aan hun voeten. Ze stonden daar. Op de eerste echte Liftplaats van Nederland. In Amsterdam.

Ik was er speciaal langsgereden. Had geen zin om opnieuw twee uur in mijn uppie te rijden. Maar negen van de tien keer staat er niemand te liften. Zeker niet na de invoering van de OV-kaart voor studenten. Maar nu dus wel. 'Germany', daar wilden ze heen. Dat schikt, die kant moet ik ook op! Maar de richting was verkeerd, dus ze bleven liever staan.

Aan mij kan het niet gelegen hebben. Hoewel ik er een uurtje eerder ronduit smerig uitzag, was mijn aanblik nu, al zeg ik het zelf, best appetijtelijk. Had me zelfs zeer smakelijk uitgedost. Want na drie dagen klussen in Amsterdam had ik zin in een verzetje. En mijn minnaar zou ook komen. Per trein. Konden we samen wat leuks doen. En dan samen terug. Maar hij kwam niet. Hoofdpijn. Een soort Ierse lifter zal ik maar zeggen.

O, had ik gedacht, dan kan mister V. tòch mooi mee terugrijden naar Groningen? Dezelfde macho man aan wie ik gisteravond had gevraagd of er nog wat te dansen viel in Mokum. Maar hij had zijn mobiel toen niet gehoord, en mijn sms vanmorgen pas gelezen. Wat erg jammer was, zei hij. Want er was gister toch zó'n enórm fijn Carribean feestje in de Melkweg geweest. Fantastisch! Super! Echt jammer dat je er niet was, Lehti. Ja, leuk, meneer V., en dat zeg je me nú, een dag later, wat koop ik daarvoor? Iets wat wàs maar toch niet. Een Ierse liftparty of zoiets.

Meerijden hoefde de macho later ook niet meer. Want nadat ik tevergeefs op mijn minnaar had gewacht, was de trein die V. Noordwaarts had genomen, al voorbij Zwolle. Geen dansfeest, geen minnaar, geen mister V. en ook mijn naar Amsterdam verkaste vriendin was de avond te voren dronken geweest en had nu een kater. Dus besloot ik via de liftplek naar Groningen te gaan. Waar Ierse lifters stonden. Die niet meereden.

Honderdtachtig kilometer verderop bel ik aan bij mijn eigen huis. Of althans, bij de bel waarnaast tot op heden mijn naambordje prijkt. Naast de naam van mijn ex. Die er nog wel woont. Ik ben zelf een deurtje verder gaan wonen. Moet kunnen. Ik was drie dagen weggeweest, zodat hij en zijn nieuwe liefdesduifje alle vrijheid hadden om te tortelen. Zelfs als glurende buurvrouw zouden ze geen last van me hebben. Ze hadden lekker gezinnetje gespeeld. En ik had kunnen werken. Win-win heet dat toch?

Maar buurvrouw Lehti vond het nu tijd voor een paar plichtplegingen (handje schudden, 'hou-are-joe?' 'fain-end-joe?') met het duifje in kwestie, dat, naast het tortelen ook de zorg voor mijn bloedjes van kinderen op zich had genomen.

Nee, ze wou niet, kon niet, ze wilde geen dag zeggen of handje geven. Ach ja, prille liefde, hè. Moet kunnen. Mooi rokje had ze wel aan. Dat kon ik zien, staand voor mijn eigen voormalige voordeur. Alleen wat zuur dat zij degene was om wie ik dat deurtje verder ben gaan wonen en dat ze desondanks zeurt over dat naambordje, tampons op zijn toilet en foto's van mij in zijn huis die mijn foto's niet zijn. Typisch geval van een Ierse lifster. Zo één waar je op rekent, en die dan toch niet komt vanwege hoofdpijn, een gemiste sms, of omdat ie een andere kant van Duitsland op moet.

Maar wacht 's even? Nu draaf je door lieve Lehti! Je hàd helemaal niet op haar gerekend! Sterker nog, je kunt haar missen als kiespijn (en hij ook, maar dat zal hij niet toegeven, want nu hij 'A' heeft gezegd, volgen daar alle alfabetten van de hele aardbol op, dat is hij aan haar verplicht, daar is ie van overtuigd). Ze is dus geen Ierse liftster. Meer een Franse, of Zwitserse of zo. Zo één die er wel is, als je er niet om hebt gevraagd, die wispelturig wappert met haren, glimlacht, vleit en voert maar dan bergen aandacht terug verwacht. Op de manier en momenten dat zij dat wil. Want ze heeft zo veel voor je over.

Brrr, op dat soort lifters zit ik niet te wachten. Dan maar alleen rijden.