Posts tonen met het label schilderen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schilderen. Alle posts tonen

woensdag 28 juni 2017

Krijgt ie ooit zijn leven op de rit met internet?

Scholen in Groningen niet aardbevingsbestendig,  Rutte wil tornen aan plafond bonussen om zo de uitzwermende London City binnen te hengelen. Kaviaarschandalen bij de Raad van Europa waar ze geen afzettingsprocedure kennen. Gesjoemel met zaad van spermadonoren. Eén komma drie miljoen Nederlandse huishoudens in de schulden (maakten zij met dat geld wellicht die economische 'groei' mogelijk?). Een toeslagensysteem dat niet versimpeld kan worden en mensen nog harder in de schulden helpt. Eén miljoen Nederlanders aan de antidepressiva. Mensen die doodgaan. Van net vijftig, zestig, tachtig. Aan een hartaanval, aan Parkinson. Iemand die me appt om te vragen of ik sloten op haar slaapkamerdeur kan zetten, ze voelt zich niet meer veilig voor haar kind.  Een goede vriend die al een half jaar wacht op achterstallig loon. Ouderen die vereenzamen.Vijftigplussers die maar niet aan het werk komen. En dan heb ik het nog niet eens over de ellende in Jemen, Noord-Korea of Sudan.

Maar er gebeuren ook mooie dingen. Zo worden in Colombia duizenden kalasjnikovs van de Farc omgesmolten tot kunstwerken, gaat China een 'luchtstad' bouwen. voor dertigduizend mensen en veertigduizend bomen, trekt Uganda geld uit voor meer gendergelijkheid. Door op basisscholen voorlichting te gaan geven over puberteit, menstruatie en seksualiteit. En er gebeurt nog zo veel meer moois op het gebied van kunst, milieu en medemenselijkheid. Ook in Nederland. Als ik ondersteboven in een keukenkastje lig of buiten sta te schilderen luister ik naar dit zeldzaam hoopgevende 'Nieuws van de vooruitgang'. Op elk halve uur. Met tussendoor ook nog mooie muziek.

Het is acht uur als ik eindelijk thuiskom. Ik heb na mijn werk de vrouw uitgelegd hoe ze zelf sloten op haar deur kan zetten. Ik lees op de app dat het kindje in de buik van mijn nichtje toch is gedraaid, misschien wel dankzij mijn tip om met een bult kussens onder haar rug te liggen. Mijn bijna tachtigjarige ouders schrijven een berichtje dat ze nog steeds genieten van hun kampeervakantie: 'Al is het voor deze oudjes wel hard werken'. Intussen vis ik de NRC uit de bus die ik ontvang in hun afwezigheid. Bovenop het cybercrime- en choleranieuws ligt een brief. Met postzegel. En handgeschreven adressering. Nieuwsgierig scheur ik hem open op de drempel van de voordeur. 



Kijk, zo kan het ook. Zelf als 55 plusser op zoek gaan. Initiatief nemen. Buiten bedompte kantoortjes van het UWV om. En ook nog even je best doen op de spelling. Offline is misschien wel de beste manier om je leven weer op te pakken. Misschien moest ik maar eens contact leggen met deze schilder. Luisteren we binnenkort samen naar al het moois wat de wereld te bieden heeft. 

Maar zoals elke potentiële werkgever doet, typ je toch maar even zijn naam in. En dan verschijnen daar woorden als bedrog, stiekem en onbetrouwbaar. Ze blijken van zijn ex te zijn. Best slim om die scheiding als voorzetje in de brief te vermelden. 

woensdag 31 mei 2017

Dat kun je niet weigeren

Dit logje stond al een tijdje in de steigers maar er kwam steeds van alles tussen. Iets met schuren en kwasten en zo. Schrijven laat zich nog altijd lastig combineren met schilderen. Al zullen mensen die met schrijven hun brood verdienen het omgekeerde zeggen. Die komen vast niet aan klussen toe.

Maar ik snapte het eigenlijk ook niet zo goed. Het onderwerp waar ik over wilde schrijven. Over die 'verfmaker'. Zo noemde Annechien Steenhuizen Akzo gister op de buis. Op de radio had ik Akzo al eerder langs horen komen. Radionieuws is nóg beknopter dan het NOS journaal dus veel duidelijker was dat niet. Maar het zinnetje over dat men 'iets niet kon weigeren' bleef wel in mijn hoofd hangen.

Akzo zou misschien verkocht worden. Ach, big deal, er worden zo vaak bedrijven verkocht. Er komt een bedrag met heul veul nullen langs en dan is iets in handen van een Chinees, Saoedi of Amerikaan. Vallen er even later ontslagen of valt het hele bedrijf om, roept iedereen 'oh' en 'ah' en na een paar interviews met zielige gedupeerden -bij de NOS hebben ze 'gewone mensen' ontdekt-, hoort men er vervolgens niks meer van.

Maar wát kon men eigenlijk niet weigeren? Of wie? En vooral waaróm niet? Aan tafel bij mijn ex bracht ik het Akzo vraagstuk ter sprake. En zo hadden we het tussen de rösti en tzaziki over geldzaken. Zoon Leo riep na een korte uitleg van zijn vader over de werking van de financiële markt: 'Maar dat mág toch zo maar niet. Dat is crimineel! Waarom dóet niemand daar wat aan!'  Tja, hem staat de ondergang van V&D vast nog vers in het geheugen. Daar wordt je in Groningen dagelijks aan herinnerd als je door de stad fietst. De holle flat van Vroom en Dreesman pronkt er aan de rand van de Grote Markt.

Maar nu terug naar die verfmaker. Als beursgenoteerd bedrijf, zo begrijp ook ik intussen, hebben aandeelhouders het voor het zeggen. De onmogelijkheid iets te weigeren kwam van hen. PPG had een een bod uitgebracht op Akzo. En toen nog één. Met als begeleidende tekst dat Akzo daar beter van zou worden. Maar de verfvoorzittercommissaris sprak over banen die daarmee verloren zouden gaan en zei nee. Een paar aandeelhouders wilden toen de voorzitter kwijt en toen dat niks uithaalde daagden ze Akzo voor de rechter: 'U mag dit niet weigeren want wij willen meer geld' (of zoiets).

De rechter stelde Akzo gister in het gelijk. Ze kwamen er van af met een reprimande. Akzo moest 'de verstandhouding met haar aandeelhouders goed houden'. Economie blijft bijzonder. Alsof iemand ongevraagd aanbelt om iets te kopen wat ik niet kwijt wil, en ik moet vervolgens uitleggen waarom. Maar kennelijk valt er zelfs in de wereld van heul veul nullen soms iets te weigeren. Deed ik bij monopoly ook wel eens. Als men mijn stations wilde kopen. Van vijandelijke overnames had ik toen nog nooit gehoord.

Moet ik me nu schuldig voelen dat ik morgen ga schilderen met Sigmalak van PPG in plaats van Sikkens van Akzo? Het aandeel is al met 1,8 procent gezakt. Ik heb mijn vaderlandse plicht verzaakt. Laat Leo het maar niet horen.





dinsdag 27 september 2016

Listen to me

Er belt iemand. Niet met mij. Iemand die Engels spreekt. Een man. Geen Engelsman. Ik kan hem niet zien. Maar hoor wel wat hij verdient. Hij zegt vierhonderd euro per maand op te sturen, een kwart van zijn maandsalaris.  'Listen... listen to me, I'm not finished yet....'

Aan het geluid te horen ijsbeert hij op en neer in een tuin verderop. De mensen aan wie hij het geld stuurt zouden een huis bouwen. Waarin ze al zijn gaan wonen. Wat hij onverstandig vindt. Want er is iets met de eerste verdieping. Die ook nog niet 'finished yet' is. And did they told you that he will get een kamer helemaal for himself? Waar hij kan gamen?

Kennelijk is het opsturen van geld voor het bouwen van het huis ook een investering in zijn eigen toekomst. Maar het is 'Not enough', Not en-nough!!!.... I told you!!! Listen to me!! 

Probeert hij de ander nu te vermurwen om óók geld te sturen? Is het zijn zus? of broer? Dat laatste lijkt me onwaarschijnlijk. Veel mannen vinden het onverteerbaar om 'luister naar me' te horen te krijgen. Ze zullen het vast ook niet snel zelf tegen een andere man gebruiken.

Intussen meet en zaag ik nieuwe stukken hout voor de verrotte dorpel en zijstijlen van een kozijn. Op mijn knieën. Een oudere man uit een andere tuin kijkt op me neer. "Je hebt er wel mooi gereedschap bij." Hij leunt met zijn armen over elkaar over de lage schutting. Ik begin een babbeltje met hem over de Engelsman die niet Engels is. En boos blijft. Over 'Honey Listen', zoals zijn gesprekspartner nu wordt aangeduid. De oude buurman zegt niks terug. Hij laat wel veel scheten. En een boer. 

Ik lijm de stijlen vast en zet er klemmen op.
De Engelsman is uitgepraat.
Of het huis in Marokko, op Sumatra of in Etten-Leur wordt gebouwd weet ik niet. 
Wel weet ik dat de oude buurman doof is.
Zo hoor ik later van de mensen voor wie ik werk.

maandag 29 oktober 2012

Followweek

Het is zo ver. Ik heb er één!

Na vijftienduizend views, verdeeld over driehonderd logjes, -waarvan een derde deel niet -meer- meetelt, want die plukte ik weer van het web of ze haalden publicatie al bij voorbaat niet en slijten hun dagen nu als 'concept'- Goed, maar na vijf jaar is het dus zover: Ik hèb er één.
Een vent? een huis? een baan? een klus? Nee, lieve lezers, ik heb een heuse vólger. Of eigenlijk past de term 'volgster' hier beter.

Bijna vreesde ik dat de gadgets onderaan dit blog daar slechts waren ter versiering van mijn eigen hersenspinsels. Of bij wijze van smeekbede: "Lees mee, a.u.b." Want het doet natuurlijk deugd om gelezen te worden. Of, nog beter, daar waardering voor te krijgen. Maar, om heel eerlijk te zijn, erg hard loop ik niet voor meer lezers. En naast de virtuele conceptenmap, liggen er nog honderden logjes in de keukenla, in ordners, onder het bed, achterin agenda's en zelfs op visitekaartjes en kranten. Die geen hond ooit leest. Verhalen die zijn verjaard, vergeeld of zo haastig zijn neergepend, dat ik er soms zelf ook geen chocola meer van kan maken. Maar het schrijven kan ik gewoonweg niet laten. I'm addicted.
Desalniettemin.
Ik wordt gevolgd.
En dat voelt goed.
Welkom Rianne!


En dan werk: vorige week deed ik mijn laatste buitenklus van dit jaar. Op ongeveer acht meter hoogte.  De warmste oktoberdag ooit gemeten was voorbij en de temperatuur zou nog harder kelderen dan de koersen. Maar met flink wat warme kleren aan, kon het nog nèt lukken, voordat de natte grijze herfst er was.  

Ik bleek niet de enige eigenwijze schilder die dat dacht. Want tegenover mij, tussen het gele gebladerte, hoorde ik nog iemand schuren, blazen en....... zachtjes fluiten. Geen bouwvakkersfluitje, geen hoogdravende vibrerend vogelgezang, maar een refrein. Zo'n 'oorwurm' die op de radio wordt grijsgedraaid en die je tòch niet kunt plaatsen. Maar nu, een paar dagen later, schiet me er een woord te binnen: follow.
Na-na-nanana...follow.....na-na-nanana follow.......
Yes, hebbes! 

En kijk eens hoe fijn. Het www leidt me in no-time naar de video, de track en zelfs de naam van de Antwerpse band die het coverde. Ook de songtekst kan ik vinden en zo nodig door een vertaalprogramma jassen.

Ter vermijding van opborrelende 'draaiduizeligheid'. (klinkt mooier dan 'hoogtevrees', nietwaar?), keek ik zo weinig om me heen of onder me. Dus veel heb ik niet genoten van de laaghangende zon die op de bijna kale bomen scheen. Ook wist ik zo niet wie het nummer van de -zo weet ik nu-  Zweedse Lykke stond te neuriën.

Donderdag was de klus klaar. Met grote zoon Frans en twee van zijn vrienden, brak ik de steiger af. De balkonfluiter was niet meer daar. Hij zou een dag later de laatste laag lak er op smeren. Maar dat viel hem, bij een buitentemperatuur van twee graden, vast niet mee. Ik had met hem te doen.

Het is intussen maandag. Op deze druilerige middag, lurk ik in een stadscafé aan een overheerlijke warme chocolademelk met slagroom. Naast me zit een schilder aan de koffie. Wie nu ook al weer wie volgde weet ik niet meer zo goed. Maar het was een gezellige middag. En wie weet volgen er meer.

donderdag 6 september 2012

12345


Het had me zo leuk geleken om dat te zien.
Net als in de auto, wanneer de teller langzaam naar een rond getal kruipt.
Wat zei ik daar?
'kruipen'?
Geen kilometer- of gasmeter die dat nog doet, mens! Niks geen knus draaiende wieltjes meer met cijfers, maar stille steriele displays. Net als op dit blog, met de bezoekersstatistieken. Want dat was het waar ik het had willen zien. Dat getallentrappetje.


Vanmorgen zag ik dat het vandaag ging gebeuren. Maar op het moment suprême was ik er niet.
Hoewel dat natuurlijk ook best archaïsch klinkt. 'Er zijn'. Alsof dit blog een dagboekje onder mijn kussen is. Waar ik naar toe zou moeten om het te kunnen zien, voelen of ruiken.

Maar toch zag ik het niet. Want nu staat er: 12367. En dat ziet er toch veel minder strak uit.  'Eéntweedriezeszeven'. Dat bekt als Berend Botje op de Paralympics.

Daar waren we trouwens vorige week even. Nee, niet in Londen, maar in Zuidlaren. En we zouden misschien ook wel naar Londen kunnen. Want ik schuifelde met Leo door het zand om megaletters te maken en intussen probeerden we te ontsnappen aan de vele agressieve wespen. Best vermoeiend. Zou zo een Olympische sport kunnen worden. Beach biathlon.

Je leest het goed, ik ben niet zo van de sport. Maar als je net die dag kwam aanvliegen op Eelde, kon je vanuit de lucht, op het strand van het Zuidlaarder Meer 'HOI, HOE GAAT HET?, lezen. Ik werd trouwens toch gestoken. Ook dat schijnen sportende gehandicapten te doen. Prikken ze even in hun ballen voordat ze moeten presteren. Om de bloeddruk te verhogen. Het heeft ook een naam. Maar die vergat ik. Wel onthield ik dat het niet mag en dat controle lastig is.

Gewoonlijk mag ik van Leo nog geen mier doodtrappen, maar nu schudde hij met duivels genoegen het lege pak sap heen en weer waarin ik drie wespen had gevangen. Om ze vervolgens in de hitte te laten stikken. En nu we het toch over beesten hebben: Gisteravond struinde ik de hele buurt af om Anna terug te vinden. Zoals één van de katjes heet die ik, zoals ik me voor de vakantie had voorgenomen, in huis heb gehaald. Ik sloop door stegen, tuinen en loerde onder geparkeerde auto's. Ik riep en vroeg aan Tjechische en Engelse passanten of ze Anna hadden gezien. Nou ja, dit is ook al niet spannend meer. Op naar de ontknoping dan maar:

Het buurmeisje trok de la onder Kees bed open en greep vol in de stront: 'Raak'! Anna zat er achter.


Ik snap nu ook waarom hetzelfde buurmeisje even tevoren mijn vieze kleren uit de machine trok en mij op het hart drukte om altijd de was na te kijken voordat ik het deurtje dichtdeed. Beter een wesp in een pak dan een kat in de was. Hoewel sommige mensen zelfs hun kind in de kliko doen. (=leuke link, niks lugubers)






zaterdag 21 juli 2012

Overstag, poezen en nagellack


Nee, ik ga deze zomer níet met vakantie. We zijn immers net weggeweest. Waarom zou ik duizenden kilometers gaan wegtuffen. Voor wie? Er moet ook wel 's brood op de plank, nietwaar. Je kunt nu eenmaal niet alle dagen feest vieren. Mijn klanten zijn de laatste tijd ook al zo vlot met betalen en de bodem van de spaarpot is in zicht. Dus met welk geld wilde ik eigenlijk gaan? En weet je, dat werk van mij is soms ook net een soort van betaalde vakantie. Tenzij ik rioleringen moet ontstoppen. Ik word bruin, luister lekker naar de radio en terwijl ik wat verf wegstrijk, staan de koeien naast me in de wei naar me te staren. En als ik de andere kant opkijk, zie ik wuivend graan. Tien kilometer van huis. Wat wil een mens nog meer?!

Tot dat daar dat mailtje kwam.
Of was het een telefoontje?
Dat zuslief wederom op een camping werkt in La Douce France en dat zij, en haar dochters, het hééééél leuk zouden vinden om........
Tja, wat doe je dan.
Als rechtgeaarde tante.
Dan ga je overstag.

Toen we gister op bezoek waren bij B. en haar zoon, wilde Kees weten wat dat betekende; 'overstag'.
Best moeilijk uit te leggen. Vond ik. 
Toen ik het wilde verduidelijken door de letterlijke betekenis uit te beelden, ging het helemaal mis. Ik hield mijn onderarm scheef in de lucht en probeerde die 'overstag' te laten gaan. Alsof ik daar iets van weet, van zeilen. Het zag er vast niet overtuigend uit. 'Nu begrijp ik er helemáál niks meer van', zei Kees. Ik wierp nog even een hulpeloze blik naar B, die naast me zat. Maar ook in haar school helaas geen verborgen botenvrouw.

Maar dat 'overstag gaan', ging helemaal niet over een varen, maar over een kat. Die ik had gekregen toen ik negen was. Terwijl mijn vader er eigenlijk geen trek in had. En toen kwam die overstag dus. En daarna die kat. Die eenentwintig jaar is geworden, toen ik al lang en breed uit huis was.
En zo aten we vrolijk verder van de spinazietaart en avocadosla. Pratend over katten en zieke hondjes. En gingen de jongens buiten voetballen. Waarna me weer eens duidelijk werd hoeveel verschillende manieren van opvoeden er bestaan. Want van mij mochten ze op straat spelen, en niet naar het park, B. dacht daar precies andersom over.



Toen ik thuiskwam, las ik dit mailtje (ja, die lees ik alleen thuis)
hoe is het in nederland? hier op de camping is het een beetje saai. we hebben alleen het zwembad, een fiets en de twee hangmatten om mee te spelen (zie fotos in aanhang).
willen jullie dus zo vroeg mogenlijk komen? (en nagellack, make-up en haardingetjes meenemen?)

p.s.: ik ben vergeten te vragen, of je ook nog hangmatten wilt meenemen. maakt niet uit hoe veel ;)

p.p.s.: heb jij eigenlijk m'n verkeersbord uit waterloo nog? die rode met de witte streep in het midden? wil je die mee naar berlijn nemen, als je het kunt vinden ;) ? (ik wil het bord in m'n kamer ophangen :P )


De gang is nu bezaaid met opblaasbeesten, slaapzakken en de enige hangmat die ik kon vinden. Straks ga ik een soort beautycase in elkaar flansen en vertrekken we richting Berlijn, over Frankrijk. Logisch toch. Via België. Alwaar een botenvrouw ons opwacht. Die vanmorgen smste of ze nog tijd had voor een koffie, of dat ze als een speer aan het opruimen moest voor onze komst. Waarna ik haar de stuipen op het lijf joeg door te melden dat we al bijna voor haar deur stonden. En zette me toen aan een kop koffie. En het schrijven van dit logje.

Hopelijk blijft het droog. Maar wat geeft het ook. Ik hoef vandaag toch niet meer te schilderen.
En ook niet overstag.
 

Want toen ik gister met de kwast langs de kozijnen ging met rechts en links van mij koeien en graan, zat er één vóór me, aan de andere kant van het raam,  een piepklein snoezig poezebeest.

Dus, je raadt het al. Ik wil weer een kat, of twee. Of eigenlijk moesten het er maar drie zijn. Voor elke zoon één.

Maar eerst ga ik op vakantie. Om er eens lekker over te slapen. Over poezenbeesten. In een tent.