woensdag 17 september 2008

hormoongehalte

Gister was het snoeidag en nu zit ik met de takkenzooi. Na het maken van een paar flinke bundels loop ik heen en weer over de stoep. Er staan twee pratende postbodes in de straat. Elke keer dat ik voorbijloop worden ze vrijpostiger: "Zo, dat is een stevige tred", "Zou ze nog een keertje langskomen?". Als ik vertrek houden ook zij het voor gezien. Ze gaan fietsend post bezorgen, ik rij richting steiger. Als ik ze zwaaiend voorbijscheur trap ik, heel even maar, wat harder op het gaspedaal.

Zes uur later zakt de septemberzon langzaam naar beneden. Ik ruim mijn spullen op. G. vroeg me een pak voor haar te halen in de binnenstad, dus stop ik vandaag iets eerder. Met mijn overall nog aan neem ik stoer plaats achter het stuur. Nu ik de twijfelachtig status van autobezitter heb, maak ik er het beste van. Het is mooi herfstweer, ik draai het raampje open en zet de radio aan, hard aan. De vrees dat ik door die herrie mogelijk een naderende ambulance niet zal horen, compenseer ik door nog harder om me heen te kijken. Kan ik ook mooi zien hoe de blik van een geïrriteerde fietser vanaf de 'daderkant' oogt. Met genoegen laat ik nu zelf de bassen over de rotonde schallen. Mijn rechterhandpalm draait het stuur, mijn linkerarm hangt losjes uit het raam. Radiobliebjes kondigen het hele uur aan. Snel wissel ik van hand en speur naar een nieuwe hit op de ether. Tevergeefs, alle zenders samen braken een soort postmodern gedicht uit, waarbij elke zin afwisselend door een vrouwen en een mannenstem wordt voorgelezen: Varen,...... glaasje gekeken,..... promillage,..... Letland. Je hoort heel autorijdend Nederland denken: 'Alles wat naar Rusland riekt drinkt' (want is Letland nog méér dan een voormalige Sovjetstaat?). Maar met een dronken kapitein is het moeilijk shockeren of charmeren in de stadsspits. Ah,...er wordt melding gemaakt van een onderzoek,....altijd leuk. Dit keer geen inzakkende huizenmarkt of neerstortende beurs maar een wetenschappelijke uitleg tot wie vrouwen zich voelen aangetrokken. Mooi, meneer de onderzoeker, meldt mij eens even hoe dit zit. Het heeft, zoals ik dacht, niet met geur of blik of lijf of kop van doen. Nee, de term 'ik val op type x' is vanaf nu verleden tijd. De onderzoeker zegt dat de hoeveelheid testosteron van de vrouw bepaalt op welke man zij valt. Saillant detail: de hoeveelheid van dit hormoon verschilt per dag. Bijna is de blik en omhoogtrekkende mondhoeken van de nieuwslezer te horen. Hoe hoger het testosterongehalte, hoe 'mannelijker' is de man tot wie zij zich voelt aangetrokken. Uiteraard meldt dit bulletin niet of het hormoon de kip of het ei is.

In de binnenstad drijf ik mijn heilige koe vakkundig de stoep op. Fietsers laveren langszij en ook de bus heeft het moeilijk met mijn bolide. In mijn autoloze tijdperk overwoog ik eens de politie te porren om dergelijk wangedrag harder aan te pakken. Stoepparkeren leek me veel bonwaardiger dan het negeren van rood licht door fietsers (toevallig vroeg kleine Kees vanmorgen wat ze daar deden, zo om de hoek. Toen ik de geüniformeerde dames deze vraag voorlegde, meende ik ook bij hen enige gêne te bespeuren: 'Ook wij zouden liever boeven vangen, maar het mot van de baas').

Nadat ik mijn koe van knipperlichtjes voorzie, loop ik wijdbeens de beautysalon binnen: "Ik kom een pakje halen voor mevrouw G". Twee beeldschone heren zitten druk te babbelen met de benen over elkaar. Ik kijk niet uit waar ik loop en struikel bijna over de groenroze bal die bij de deur ligt. Aan de rafelige haren te zien schijnbaar eigendom van een beest, ergens buiten mijn blikveld. De heren zijn slank, schoon en zeer verzorgd. Terwijl ik mijn eigen kloffie aanschouw -ik zie er niet echt uit als hun klant- biedt de eerste vrouwtjesman aan om me te helpen tillen.

Nadat ik G. haar pakket bracht, schuif ik thuis aan voor een warme hap. Manlief zet koffie, wast af en stopt Leo in bed. Ik moet mijn hormoongehalte maar eens meten.

Geen opmerkingen: