(deel 1)
De inmiddels in Nice gelande familieleden waren ook druk in de weer. Niet met
'zjuh swie an pan' maar met een koffer die een vlucht miste, (waar onder meer een lekkend flesje home-made pesto in zat) en een huurauto die niet op slot kon. Daar kon dit zusje dat om middernacht met haar kinders en zwerverstassen van een station moest worden gered, ook nog wel bij. Gelukkig spreekt mijn zus zes talen. Dat scheelt.
Maar inmiddels wisten de ouders wél dat deze dochter panne had. En dat bezorgde onze rechtgeaarde moeder natuurlijk de nodige ongerustheid. Geen nood. Het verhoogde onbedoeld de ontvoeringsstress. Part of the game.
In Nice waren we nagenoeg de laatsten in de wagon. (Treinstel... voiture, you name it). Op een paar opgetutte Senegalese meiden na. Mijn haar leek na zes uur treinen op dat van Ma Flodder. Zij droegen keurige hoofddoeken over al even keurige kapsels. Ze lachten en zongen mee met Youssou N'dour. De laatste 'seven seconds' swingden we met ons drieën de trein uit; "Des amis pour parler de leur peine, de leur joie. Pour qu'ils leur filent des infos qui ne divisent pas.
Changer"
In de Provence was er Berlijnse pesto en Gronings brood. De oude heer mocht zich, onder het genot van één sigaar per dag, bezighouden met zijn wordfeud-verslaving. Moeders zocht haar toevlucht tot echt papier en verdiepte zich in de historie van de Noormannen. Vrij wandelen was toegestaan. Mits goed begeleid door ons ervaren kaartlezers. Bloot zwemmen in het ijskoude water werd, gezien hun leeftijd, sterk afgeraden. Oma zat zelfs een vreselijke film uit (alles voor de kleinkinders). Maar een aquarel maken in het veilig omheinde bos vond de vader fijn. Zie hier het resultaat.
Na een week met schranzen, lezen en debatteren, vlogen vier familieleden weer uit. Via Nice naar Amsterdam en Berlijn. Inclusief hun knoflookkoffer. Wij, de drie ramptoeristen, treinden via Parijs en Brussel in elf uur terug naar Groningen. Daar kon geen klusbus tegenop.
Die was trouwens nog niet gearriveerd.
Dus misten we twee fietsen, een deel van mijn gereedschap, de peper, mijn bergschoenen, lakens, handdoeken, koffie, de laatste tuinoogst en nog honderd dingen meer.
Gister haalden we alles op.
De bus zelf stond nog op de brug.
Op de druiven en tomaten stond schimmel.
Ik had gewoon moeten blijven schrijven.
Dan mis je ook je bus niet.
Maar de ontvoering was geslaagd.
En de ouders lijden nu aan het Stockholmsyndroom.
Posts tonen met het label pech. Alle posts tonen
Posts tonen met het label pech. Alle posts tonen
zondag 6 november 2016
vrijdag 4 november 2016
Zjuh swie an pan (1)
Ik had een goed kwartaal gedraaid. Ook de aangifte omzetbelasting was tijdig de deur uit. Het huis op orde, laatste rekeningen gemaild en zelfs mijn klusbus was voor een laatste check langs de garage gegaan. ('Ik zou niet weten waarom je met deze auto niet op vakantie zou kunnen'), Achterin laadde ik netjes twee fietsen, kratten met de speciaal voor ons gebakken broden, koffie, thee, suiker, kruiden, lakens en handdoeken voor zeven mensen en nog honderd dingen meer. De geplande ontvoering van onze ouders naar la douce France kon beginnen.
En toen mijn zus uit Berlijn met haar dochter in het vliegtuig naar Schiphol zat, was ik met mijn eigen kinders al driehonderd kilometer zuidwaarts in het Vlaamse land. Alwaar we overnachtten bij onze geliefde Olijf. En toen zuslief later met de aangehaakte ouders uit Amsterdam naar Nice vloog, reden wij vrolijk over de Franse autoroute. We dachten aan hoe vier familieleden ons al vliegend inhaalden en zongen mee met Maitre Gims' "Laisse moi partir loin dici".
'So far so good'. Of, beter gezegd: 'Jusqu'ici tout va bien.
Toen was er dat rare geluid.
Vlak bij een péage,
Waarna er gelukkig een P was.
De ANWB begreep na wat heen en weer gepraat dat ik langs de snelweg stond. Alwaar ze me niet mochten helpen. Want daar zwaaiden de Fransen de scepter. Waarna er een sms volgde met instructies wat ik in het grote roze oor moest zeggen: 'Zjuh swie an pan. Poeri-jee voe- man-vwa-jee uun dee-paa-neuz' (vrij vertaald: 'Iek eb peg, kunt u maai un mannetju sturuh' )
Motor stuk. Bergbedrijf. Online trein zoeken. Vite vite, jongens, graai snel wat spullen bij elkaar! (maar filmpjes maken op de vrachtauto waar juist de bus op stond is veel leuker). Dus reduceerde ik zelf de de busvoorraad tot iets draagbaars waarmee we met ons drieën enigszins door de als een guillotine dichtklappende metropoortjes van Parijs pasten. Ja ja, want ongeacht waar je in Frankrijk strandt, of heen wilt. Over Parijs zúl je! Alwaar je van het ene naar het andere station moet per metro, taxi of RER. Om ergens met het openbaar vervoer in Frankrijk te komen moet je altijd dwars door Parijs.
De nood van de clochards op metrostation Bastille moest door zoon Frans (15) natuurlijk ook terstond worden gelenigd. Kees (12) balen: 'Nu hebben we straks niks te eten.' Maar de voedselbankactie van Frans verlichtte onze bagage gelukkig wel. Er volgden nog een kapotte kaartjesautomaat en een klemgeklapte rolkoffer (reistip: Draag die krengen altijd vóór je, anders riskeer je een arm-amputatie) maar toen zoefden we met tassen vol lakens (maar zonder jas), mét pepernoten, (maar zonder koffie) met driehonderd kilometer per uur naar de Mediteranée.
Hoezee!

vervolg
En toen mijn zus uit Berlijn met haar dochter in het vliegtuig naar Schiphol zat, was ik met mijn eigen kinders al driehonderd kilometer zuidwaarts in het Vlaamse land. Alwaar we overnachtten bij onze geliefde Olijf. En toen zuslief later met de aangehaakte ouders uit Amsterdam naar Nice vloog, reden wij vrolijk over de Franse autoroute. We dachten aan hoe vier familieleden ons al vliegend inhaalden en zongen mee met Maitre Gims' "Laisse moi partir loin dici".
'So far so good'. Of, beter gezegd: 'Jusqu'ici tout va bien.
Toen was er dat rare geluid.
Vlak bij een péage,
Waarna er gelukkig een P was.
De ANWB begreep na wat heen en weer gepraat dat ik langs de snelweg stond. Alwaar ze me niet mochten helpen. Want daar zwaaiden de Fransen de scepter. Waarna er een sms volgde met instructies wat ik in het grote roze oor moest zeggen: 'Zjuh swie an pan. Poeri-jee voe- man-vwa-jee uun dee-paa-neuz' (vrij vertaald: 'Iek eb peg, kunt u maai un mannetju sturuh' )
Motor stuk. Bergbedrijf. Online trein zoeken. Vite vite, jongens, graai snel wat spullen bij elkaar! (maar filmpjes maken op de vrachtauto waar juist de bus op stond is veel leuker). Dus reduceerde ik zelf de de busvoorraad tot iets draagbaars waarmee we met ons drieën enigszins door de als een guillotine dichtklappende metropoortjes van Parijs pasten. Ja ja, want ongeacht waar je in Frankrijk strandt, of heen wilt. Over Parijs zúl je! Alwaar je van het ene naar het andere station moet per metro, taxi of RER. Om ergens met het openbaar vervoer in Frankrijk te komen moet je altijd dwars door Parijs.
De nood van de clochards op metrostation Bastille moest door zoon Frans (15) natuurlijk ook terstond worden gelenigd. Kees (12) balen: 'Nu hebben we straks niks te eten.' Maar de voedselbankactie van Frans verlichtte onze bagage gelukkig wel. Er volgden nog een kapotte kaartjesautomaat en een klemgeklapte rolkoffer (reistip: Draag die krengen altijd vóór je, anders riskeer je een arm-amputatie) maar toen zoefden we met tassen vol lakens (maar zonder jas), mét pepernoten, (maar zonder koffie) met driehonderd kilometer per uur naar de Mediteranée.
Hoezee!

vervolg
Abonneren op:
Posts (Atom)



