Posts tonen met het label OV. Alle posts tonen
Posts tonen met het label OV. Alle posts tonen

donderdag 5 december 2019

Een kus voor de bus

Ik werd gebeld door de garage, mijn bus was klaar om opgehaald te worden. Voorzien van thermobroek, handschoenen, wollen ondergoed en twee paar sokken zou ik naar de andere uithoek van Groningen fietsen. Maar toen besefte ik dat dat niet kon. Althans, niet als mijn stalen ros ook weer mee terug naar huis moest. Normaliter passen er wel drie fietsen achterin, maar door mijn late klus van een dag eerder, had ik geen puf meer om de parketresten, verfemmers, een rol stucloper, dekzeilen, ondervloer en alle andere zooi uit te laden, en ging de auto met inhoud en al voor een grote beurt.

Niet getreurd, het openbaar vervoer is geduldig. 9292 vermeldde dat ik met slechts één overstap bij de afgelegen garage kon komen. Hoezee!

Zonder ijs van de voorruit te hoeven krabben stapte ik in een behaaglijk warme bus. Alwaar ik tientallen zitplaatsen voor het uitkiezen had, aangezien ook ik in een uithoek van Groningen woon en er vóór mijn halte vrijwel niemand instapt. De bus passeerde scholen, sportcentra en de binnenstad. Ik gaf mijn ogen de kost. Meiden met dicht geplamuurde gezichten scrolden over hun schermpjes, drie jongens bleven middenin het harmonicadeel staan en hielden stoere praatjes. De jongen tegenover me plugde gedachteloos zijn usb aansluiting in het contactpunt vlak boven hem. Ik zag toen dat vrijwel elke zitplek van zo'n blauw oplichtende aansluiting was voorzien.

Bij mijn overstap op het Zuiderdiep tuurde ik op de digitale borden waarop altijd exact wordt aangegeven hoe lang het nog duurt voordat de bus ter plaatse is, maar er stond niks vermeld over mijn lijn. Ook niet bij de halte ernaast. Ik had slechts twee minuten dus het hele Zuderdaip aflopen zat er niet in. En het was koud!

Aan de chauffeur van de bus die naast me stopte vroeg ik de weg. Hij wist het ook niet maar via een collega die hij raadpleegde, wist ik sneller dan welke wifi of 4G verbinding ook, dat ik aan de andere kant, honderd meter verderop moest zijn. Alwaar na mijn aankomst lijn 174 inderdaad de hoek om kwam. Wat een perfecte aansluiting! Ik had zelfs geen tijd om te kunnen verkleumen. Verbaasd merkte ik hoe deze lijn de straten volgde die parallel liepen aan de route van de eerdere bus. Waarschijnlijk kun je elk deel van de stad per bus bereiken, iets wat met de auto in Groningen steeds lastiger wordt.

Het bord in de bus gaf keurig aan dat de halte van het UMCG tijdelijk was verplaatst. Wat een service! En via het bakkie van de chauffeur hoorde ik dat die service nog verder reikte. Aan de bestuurder van een aansluitende bus werd gevraagd om even te wachten: "Ik heb een passagier voor je". Dat was geen enkel punt.

Op de Oosterhavenbrug liepen we even vast tussen de ronkende éénpersoonsvehikels (een brug verbreden is geen sinecure) maar op de Europaweg kon de bus gemoedelijk langs de file tuffen. Bij de Boumaboulevard stapten weer andere dichtgeplamuurde meiden in en bij het prachtige nieuwe treinstation werd de bus steeds leger. Toen we vaart maakten -omdat er minder auto's in de weg reden- vroeg ik aan een medepassagier waar de halte precies was. Maar toen kreeg ik de APK-vlaggen in het oog en stopten we pal voor mijn garage. Alwaar ik, na het voldoen van een rekening die honderd keer hoger lag dan de prijs van mijn OV-rit, al filerijdend terug naar huis reed. 

Als het niet om al die spullen was die ik meesleep, dan ging mijn klusbus in de ban en nam ik zonder enige twijfel het OV naar mijn werk. Geen wegenbelasting, verzekering, brandstof en eventuele parkeerboetes meer. Nauwelijks vertraging door files, je kunt je telefoon opladen, hebt gratis wifi en mag al rijdend zonder gevaar voor eigen leven losgaan op je schermpje. Om te appen met de klant, facturen uit te schrijven of gewoon wat suf te twitteren. Je hoeft niet af te spreken wie de Bob is, hoeft geen riem om en kunt zelfs een dutje doen. Daar kan geen zelf rijdende auto aan tippen! Je hoeft nooit terug te lopen naar waar je je bezit hebt neergezet, bang te zijn dat er wordt ingebroken of dat er spiegels van af worden getrapt. Om maar niet te spreken van de prijzige reparatie die dan weer wacht. En dat allemaal voor een prijs waar je nog geen kopje koffie van kunt kopen! Kortom:

Hulde aan de bus!
En een kus voor alle chauffeurs!

woensdag 13 december 2017

OV-les voor een verloren Vlaming

Of de trein ook naar Eindhoven gaat, wil hij weten. Het scherm naast de schuifdeur met stations en aankomsttijden zegt hem schijnbaar weinig. Ik vermoed dat hij één van de zogenaamde laaggeletterden is waar de kranten vol van staan. Maar ik heb me vergist. Als de trein vertrekt, vraagt hij of Schagen het station is waar we vandaan komen. Ik begrijp zijn verwarring. Eindbestemming Schagen staat boven in het scherm. Niet echt logisch met de stations die nog gaan volgen er onder.

Vanonder zijn grijze sluike haar kijkt hij me vragend aan, hij heeft nog nooit van Schagen gehoord. Maar ook dat valt te snappen want hij komt uit Leuven. En ik moet toegeven zelf ook geen provincieplaats in België te kunnen opnoemen. Heeft ú wel eens gehoord van Zinnik, Nineuve of Deinz?

De trein rijdt langs de rookpluimen van Geleen. Hij vertelt daar wel eens te zijn geweest 'met den vrachtwagen'. Maar hij was er verloren geraakt. Hij raakt ook verloren na zijn toiletbezoek. Turend over de zwijgende hoofden vraagt hij hardop: 'Waar zat ik ook alweer?' Na mijn weinig beleefde  'hier', ploft hij opgelucht met zijn grote lijf weer tegenover mij neer. Ik ben het enige kenmerk van 'zijn plek', hij heeft niets bij zich.

Hij vertelt dat hij te veel werkte en daardoor zijn huwelijk om zeep hielp. Maar de echte boosdoeners zijn volgens hem de Polen en Roemenen. Die de werkdruk opvoeren en hier nog willen wonen ook. In een mislukte poging deze verloren Vlaming enige nuance te bieden op zijn wereldbeeld, vertel ik over de Polen in de bouw en dat wij als consument alles steeds goedkoper willen. Maar misschien is mijn preek meer bedoeld voor de over hun smartphone aaiende medereizigers. Of wil ik hem vóór zijn, voorkomen dat hij en public gaat vertellen hoe hij zijn vrouw met een ander in bed aantrof. Het verdiende goed, maar hij was altijd aan het jagen om op tijd thuis te zijn. Nu is hij zijn rijbewijs kwijt. En zijn vrouw. Hij lijkt zo te zijn weggelopen uit een film van de gebroeders Dardenne 

Wat zou hij in Eindhoven te zoeken hebben? Een plots opgedoken zoon die hem wil zien, een rechtszaak wegens openbaar dronkenschap, of wordt hij gebruikt om een pakje de grens over te krijgen? Misschien gaat hij op het vliegveld een Thaise huisslavin ophalen die hij uit een map met foto's heeft uitgekozen. 

Op station Weert tuurt hij aandachtig naar het perron en vraagt me waar die paal voor is. Ik verruil mijn rol van bekeringsfanaat in die van kleutermoeder: 'Daar kan de brandweer water uithalen als er brand is.' Maar hij bedoelt iets anders: 'Waarom lopen ze langs die paal?' Geduldig haal ik mijn chipkaart tevoorschijn en leg hem het Nederlandse OV-systeem uit. Hij vindt het knap wat men allemaal kan. Hij laat me zijn papieren ticket en geprinte treintijden zien, vraagt zich zenuwachtig af of hij vanavond op tijd weer in Leuven zal geraken. Met een half uur overstaptijd in Luik moet dat lukken. Of zou hij Liège niet herkennen als Luik? Ik wijs hem op de QR-code op zijn ticket, dat ook hij moet scannen als hij een poortje tegenkomt. 'We zijn er bijna', zegt hij, en veegt na het rollen van zijn shaggie het krum van het tafeltje. 

Als ik in Eindhoven uit het raam kijk naar de mensen die tussen de sneeuwresten door schuifelen, zie ik alleen zijn bruine capuchon. Het peukje dat er onder vandaan steekt brandt nog niet. Kennelijk heeft hij mijn advies opgevolgd om dat pas buiten het station op te steken. 

maandag 3 april 2017

Wat men vindt

Wie in Nederland een eigen zaak begint, schrijft zich in bij de Kamer van Koophandel. Dan mag je aan het werk, dan ben je vindbaar. En dan bedoel ik niet meteen voor klanten, maar wel voor verkopers die zeggen gespecialiseerd te zijn in het laten doen vinden van je bedrijf, met aanbiedingen en unieke kansen voor vermeldingen en verbeterde zoekfuncties via weet ik wat voor fantastische sites. Maar zou het niet door de KvK-vermelding zélf komen dat ik met naam en toenaam, inclusief een foto van mijn eigen voordeur te vinden ben?

Ik gaf bij mijn weten nooit toestemming om een foto van mijn huis op internet te zetten. Vroeger, in tijden van de papieren telefoon- en gouden gids, moest je voor een extra lijntje of vetgedrukte bedrijfsnaam nog betalen, maar nu kom je zonder bijbetaling ongevraagd in kleur op de voorpagina van het wereldwijde web. Tijden veranderen.

Malafide mensen kunnen zo een handige route maken waar eventueel gereedschap voor het grijpen ligt. Maar laat ik nu niet weer beginnen over de dag dat ik mijn bus opengebroken voor mijn huis vond. Er zijn gelukkig nog altijd veel meer bonafide mensen op de wereld dan mensen die ons schade willen berokkenen. Zo bleek dit weekend weer toen een oplettende voorbijganger zich de moeite getroostte om de eigenaar van een gevonden OV-kaart op te sporen. Ook al moest de vinder in kwestie daarvoor speuren naar mijn naamgenoot die in de buurt van de plek woonde waar de kaart op straat lag. En zo kreeg mijn vader in Amsterdam een telefoontje uit Haarlem van de vinder van mijn OV-kaart. Het toeval wilde dat diezelfde middag zoon Leo een wedstrijd speelde in Haarlem en zo konden we na het ophalen van Leo, een bloemetje brengen aan de vinder.

Terug naar mijn werk. Waarmee ik soms op idyllische plekken kom. Zo mag ik deze week mijn koffiepauze houden met twee konijntjes en heb ik als achtergrondmuziek het gehamer van een specht. Verder zie ik de hele dag geen mens. Ik schep kilo's dennennaalden uit de goot, breek de kitscherige lambrisering weg die plaats moet maken voor modernere wandbekleding. Verwijder houtrot en vul het gat met een giftig goedje dat voelt als vloeken op deze paradijselijke plek. Honger en oorlog in de rest van de wereld lijken ver weg. Maar zelf richt ik dagelijks een massaslachting aan. Spinnen rennen voor hun leven, mieren die een hele schutting tot pulp kauwden zoeken een veilig heenkomen en pissebedden blijven als versteend zitten als ik hun paradijsje wreed verstoor met binnenvallend zonlicht.

Maar helemaal afgesloten van de buitenwereld ben ik niet. Zo belde er vandaag een klant die vroeg of ik al terug was van mijn sabbatical. Ach ja, hoe dom was het van me om aan mijn vaste klanten te zeggen dat ik het klussen een tijdje in de wacht zou zetten om me aan het schrijven te wijden. Dat heb ik weliswaar gedaan, maar het duurde niet lang. Een jaar rustig werken aan mijn nieuwe boek zit er voorlopig niet in. Gelukkig wist de klant me nog te vinden. Ze had werk voor me.

Soms belt er ook een nieuwe klant. Ik herkende het vaste nummer op mijn display niet. Vreesde een eerder genoemd verkooppraatje. Uit voorzorg zei ik alleen mijn voornaam. De vrouw aan de andere kant van de lijn meende een verkeerd nummer te hebben gebeld, ze zocht namelijk een klusbedrijf. Toen ik zei dat ze daarmee sprak, was ze zo verbaasd een vrouw aan de lijn te hebben dat ze naast het gebruikelijke 'Dat hoor je niet vaak' ook zei dat ze er zelfs even van moest bijkomen. Ze had nog deze week iemand nodig en ik verwees haar door naar een collega. Uit nieuwsgierigheid vroeg ik haar nog wel even waar ze mijn naam vandaan had.
'Uit de gouden gids', zei ze.
Kijk, dat vind ik dan weer bijzonder.


donderdag 16 maart 2017

In ziekenhuis slapen?

Ik fiets in het donker langs het fel verlichte ziekenhuis. De riem van de tas vol PvdA folders drukt zwaar op mijn schouder. Bij een verlaten bushalte staat een vrouw. Ze wenkt me. Ik stap van mijn fiets en kijk op de tabel met vertrektijden die ze aanwijst. Zou ze die niet kunnen lezen?

De laatste bus naar Veendam is een half uur geleden vertrokken. En het is pas half acht! Arm mens. Ze praat gebrekkig Nederlands en draagt een doek die het midden houdt tussen een sarong en een hoofddoek. Ik kan haar afkomst niet plaatsen en opper: 'English?' Ze schudt van nee. Lijn 171 blijkt ook naar Veendam te gaan, maar reed al om zeven uur voor het laatst. Zou ze begrijpen dat er nu geen bus meer gaat? Ze maakt geen aanstalten om weg te gaan. Om mijn eigen ongemak wat te verhullen -gelijk zwaaiend wegfietsen is ook zo wat- vraag ik of ze wellicht net uit het ziekenhuis kwam. Ter verduidelijking gebaar ik in de richting van de megalomane ingang van het UMCG.  Ze lacht timide terug en vraagt verbaasd: 'Slapen in ziekenhuis?' Nee, o god nee! Hoe snel kunnen misverstanden ontstaan?!  

'Moet u vanavond nog naar huis, naar Veendam?' vraag ik. 'Amici', is haar antwoord. Aha, ze gaat vrienden bezoeken! Met 'Amici' kan ik wel wat, ik schakel over op Italiaans. Ook dit tilt onze conversatie niet naar een hoger plan. Maar wellicht woont ze dus gewoon in Groningen en kan ik me zonder schuldgevoelens uit de voeten maken. Je voor iemand verantwoordelijk voelen kan kennelijk al binnen een minuut.

Op een andere dag had ik de PvdA propaganda gewoon in mijn fietstas gedaan, maar ik heb nu geen fietstassen. Ik heb zelfs mijn eigen fiets niet. Daarmee is Leo vanmorgen naar school vertrokken, terwijl ik zijn band stond te plakken. Helaas blijkt nu dat ook de versnelling kuren heeft. Dus fiets ik in de eerste versnelling naar huis. Mijn schouder doet zeer en mijn knieën maken overuren. Maar ik ben tenminste geen analfabete vrouw die vanavond nog naar Veendam wil. En gelukkig ben ik ook niet Asscher of Spekman, die nu, een week later, een verlies van negenentwintig zetels voor de PvdA moeten incasseren.
Dat scheelt toch.