maandag 10 augustus 2015

Daar gaat mijn imago van alleskunnend alleenstaand ondernemend ouder

In de zeven jaar dat ik mijn brood verdien met klussen was me dit nog niet eerder overkomen. Althans, ik had uiteraard wel vaker met een hamer misgeslagen, maar dat had nooit meer dan een van blauw naar paars naar geel verkleurende nagel tot gevolg gehad. Nooit eerder brak ik een kootje. Maar nu wel. Zo zei de radiolooog.

Daags voor ik mijn duim op het hardhouten aambeeld legde, las ik een artikel over de diverse mogelijkheden om je als éénpitter te verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid. Het bleef bij lezen.

En daartoe ben ik nu weer veroordeeld. Tot lezen. In de wachtkamer van huisarts, radioloog en spoedeisende hulp spelde ik de huwelijksperikelen van celebrities die ofwel hun lief betrapten op vreemdgaan of het na een tijdje weer goedmaakten. Ik weet nu alles over hoe Onassis op zijn tachtigste zowel Jackie Kennedy als Maria Callas op zijn yacht het bed in kreeg en ook de affaires van François Hollande zijn voor mij geen geheimen meer. Van recenter datum waren de 'interviews' met jonge meiden in de Viva. Of was het de Vriendin? Over hun onderscheid tussen 'daten' en 'een relatie'. Waarbij het dan gek genoeg bij dat daten toch niet de bedoeling is dat je ene date je met een andere 'date' signaleert. 

Genoeg roddellectuur. Tijd voor serieuzer zaken. In het zonnetje voor het ziekenhuis overdacht ik hoe dat nu moest. Met mijn werk en zo. Vragend keek ik om me heen of er ook rokers waren. Niet om wat te bietsen, maar om voor mij een shagje te draaien. Want met één duim is dat lastig. Net als veters strikken, een elastiekje in je haar doen, een beugelflesje Glosch openen of een pot verf. Ramen monteren, draden strippen, een deur afhangen.
Ik wist het even niet meer. Voelde me onthand. Stapte uit arren moede in een bus waar 'Grote markt' op stond. Dat was weliswaar slechts vijf minuten lopen. Maar zielige mensen mogen met de bus. Deze bus ging inderdaad de stad in. Via Selwerd, Paddepoel en zelfs tot het eind van de campus van Zernike, zes kilometer buiten het centrum. De weinige inzittenden keken elkaar vragend aan toen er zelfs 'Veendam' op het scherm verscheen. Toch fijn van die norse chauffeur om mij nog wat bedenktijd te geven: 'U bent toch al in de stad?!' Ik moest me inhouden hem geen opgestoken duim toe te werpen.
 
Als troost struinde ik bij van de Velde (wat een prachtige winkel!) alle boeken af die mijn veellezer  Kees (11) zou kunnen waarderen. Toch koos ik bij de warme klanken van Omara Portuondo (si llego a besarti) voor de bijbel. Een dwarsligger. Hoewel er al een ongelezen bijbel in mijn kast staat. Maar dit is er één voor ongelovigen. 
'Is het een kadootje?' 'Ja, voor mezelf.' 'O, voor je duim.' 'Nee, ik ben bijna jarig.'
Maar nu nog even niet.

Gewapend met de bijbel van Guus Kuijer trakteerde ik mezelf ook nog op koffie met taart. Tegenover het prachtige pand waar ik drie jaar geleden een aantal klussen deed. En iemand me voor ideale vrouw uitmaakte.
 
Niet aan denken. Eerst genieten. Met moeite sloeg ik de flinterdunne bladzijden om.
 
Toen de A-kerk vier uur sloeg, stond ik op en kocht op de markt overmoedig nieuwe slaplantjes. Maakte een praatje met de postbode. Een ander soort vriendin dan in de wachtkamer. Maar relaties zijn ook in het echte leven geliefd onderwerp van gesprek. We zijn beiden weer single. Aan de andere kant van de Vismarkt brachten vier jonge jongens een virtuoos jazzstuk ten gehore. Naast lezen is ook luisteren met negen vingers prima te doen. 'This is music from my country, from Brazil', riep de vrouw naast me euforisch, terwijl ze -met een blik op haar dochtertje- haar swingen bedwong. Het tweede nummer dat werd ingezet stopte abrupt. De vrouw naast me zong het verder en vroeg de band om vooral door te spelen. Ik wees haar op de contrabassist. Die trok het niet. Met een vertrokken gezicht bekeek hij zijn vingers. Waar tape omheen zat. 
Gedeelde smart heeft ook wel wat.


vrijdag 7 augustus 2015

Onderweggenoten

Kantoorklerken spoeden zich, samen met trager sjokkende toeristen, richting station. De broodjes die de kinderen vanmorgen voor me smeerden smaken goed. Rechts van mij tuttelt een moeder met honderd kroesvlechtjes met haar baby. Links van mij wordt de dag, of het leven, of voetbal, of god mag weten wat besproken. In het Arabisch. 

Een hooggehakt groen broekpak klikt voorbij. Flarden Afrofrans. Een man leest lopend een boek. Een gouden dasspeld blinkt in de zon onder een rode jas. Net flets genoeg om niet op te vallen in de massa.

Vertrekkend volk. Wachtenden. Jaar in, jaar uit, eeuwenlang. Een station als een roman zonder einde.

Een marineblauwe dame met bijpassende hoofddoek praat met de I-phone aan haar oor. Een bebaarde hipster lijkt, ondanks zijn honderd plus kilo, te huppelen op zijn muziek die via snoertjes naar zijn oren loopt. De cabrio die langsbromt is minder discreet. 

Op de tas van een Griekse vrouw pronkt een paars vrijheidsbeeld. Ze peutert in haar neus. Als haar vriend niet tegen haar had gepraat, wist ik niks van haar oorsprong. Op de trap stopt een vrouw in Berberkleding met een kolossale tas op haar hoofd. Het meisje aan haar voeten weigert verder te lopen. Maar moeders kan het kind er niet bij dragen. Ze komt ergens vandaan. Gaat ergens naar toe. Net als ik.

Mijn trein had vertraging en ik miste mijn aansluiting. Gelukkig was hij niet afgelast. Of uitgelast, afgeschreven of hoe heet dat hier in Vlaanderen ook al weer? Amai!

In Luik praatte men 'un beetje' Nederlands. Een Turk veegde de druilregen met een wisser van zijn  terrastafeltjes. Zijn koffie was goedkoop maar niet Italiaans. Station Liège Guillemins, van architect Calatrava, was te groot voor het scherm van mijn smartphone. En ook de voorbijgaanden in Brussel, zijn meer dan ik in één logje kan vangen. Er schijnt een winderig zonnetje.

De geparfumeerde man die naast me in de trein zit, drinkt vast vaker cola dan ik. Bij hem springen tenminste geen tranen in de ogen. De jongen vóór mij hangt met geblindeerde ogen over twee stoelen. Net als zijn twee vrienden lijkt hij de mensen die in onvervalst Rotterdams op hen foeteren niet te verstaan: 'Je reist toch same, ga dan bij elkaar sitte!'

Mijn vakantie is voorbij. De kinderen gaan verder naar Frankrijk met hun vader. Maar ik kan het moederen niet laten. Bij Maline, of 'Mechelen' zo u wilt, spreek ik de geblindeerde jongen aan. Een bits 'I don't speak English' is het antwoord. Maar na 'Le train est plain, vous occupez deux place', schuift hij toch verveeld zijn voeten in zijn hagelwitte Adidasstappers en gaat rechtop slapen. Naast hem verdiept een donkere man zich nu in de Franse versie van 'De Wachttoren'. Buiten draaien windmolens en wacht het gouden graan om te worden geoogst.

In het kruisverhoor waar de Portugese gladjakker zijn Amerikaanse buurvrouw achter mij aan onderwerpt, wordt van Engels via Frans naar Spaans geschakeld. Ik denk aan de hoofdpersonen in Gipharts 'Ik ook van jou', dat ik halfgelezen teruglegde in de campingkantine. Over twee jonge versierders in een kano. Ook ik trok gister een kano door het laagstaande water van de Amblève. In het kielzog van mijn vlot voortpeddelende kinderen. Die nu verder zuidwaarts gaan. 

Achter me antwoordt  het meisje op de vraag of ze ook 'niños' heeft. . . of wil: 'Tengo solo veinte años!' Ze lacht. Maar ik zie haar niet.
Mijn ouders wachten met eten in Amsterdam.




















donderdag 23 juli 2015

Gratis klustip voor thuisblijvers

Een vriendin, schoonheidsspecialiste, vatte eens het plan op om haar vakkennis te delen in een  vrouwencentrum. Waarom niet? Het delen van kennis met mensen die -in haar geval vrij letterlijk- aan je lippen hangen is leuk. Maar haar collega zei: "Ben je gek geworden? Straks weet iedereen hoe je met een klosje garen je snor kan epileren, dan kunnen wij wel inpakken!"
Ze hield het bij het geven van danslessen. Ook leuk.

Ook ik gaf eens een cursus. Niet over gezichtsontharing maar over kitten en pluggen en deuren. Doe ik binnenkort wellicht weer. Maar waarom zou je simpele oplossingen voor dagelijkse ergernissen voorbehouden aan een select gezelschap van tien vrouw? Dat kan ook hier. Bespaart de blogcursist voorrijkosten. Of een verdwaasd rondje door de bouwmarkt.

Doe het zelf, doe het samen...
Geen punt......
Jippiejajajippiejippiejee
Dat zeg ik...

Je deur klemt. Al jaren. Steeds meer. Aan de onderkant natuurlijk. Bijschaven lukt alleen als je de deur er uithaalt. Da's ook zo wat. Drempel van natuursteen wil ook niet lager. Lastig. En ach, je huisgenoten zijn intussen gewend aan duwen, of trekken, of liften van die deur. Maar dan. Op een dag. Als zij een uurtje de deur uit zijn, doe jij dit toverklusje! Eeuwige roem zal je ten deel vallen. En het kost niks.

Let op. Het gaat om de volgorde. Klussen is wat dat aangaat net koken.

Zet de deur open. Draai de schroeven van de scharnieren die in het kozijn zitten (die in de deur laat je mooi zitten) en paar slagen los. Zo: Eerst het onderste scharnier. Accuboor mag, maar doe voorzichtig. Voor je het weet draai je de kop van de schroef en ben je nog verder van huis. En test vooral vooraf de maat van het bitje. De ene kruiskop is de andere niet. Zie je het verschil niet? Kijk hier. Voor pz (pozidrive) schroeven alleen pz bitje gebruiken. En op een torxschroef niet met een imbussleutel gaan prutsen. 'Vast is vast' en 'passen is passen'. Bijna bestaat hier niet. Niet eigenwijs doen. Het is per slot vakantie.

Als de schroef is dichtgeverfd. Even uitkrabben loont altijd. Grip is de hoofdzaak. Dan draai je de kopjes er een klein stukje uit. Het gaat vooral om het bovenste en onderste scharnier. Om die zeg maar te 'lossen'. Drie millimeter is genoeg.

Gedaan?
Dan draai je nu alles weer vast. Nu juist éérst de drie schroeven van het bovenste scharnier. Goéd vast. En daarna pas de andere twee of drie scharnieren. Van boven naar beneden werken.

Opgelost!


Je vraagt je af waarom de deur nu wel goed sluit?
Als je het tot hier hebt volgehouden met lezen, kun je dat misschien zelf wel verzinnen.
Anders bel je mij voor uitleg.
En als het niet is gelukt ook.
Geen voorrijkosten.
Wel uurloon.

dinsdag 21 juli 2015

Geërfd gereedschap

In haalde na mijn werk een kratje bier. Met mijn werkkleren nog aan mag dat. Ik was niet de enige. Er reden nog twee klusbussen met mij weg van de winkel. Even later keek ik met een bordje pasta op schoot en een lauw pilsje naar het prachtige 'van Bihar tot Bangalore'.

Het viel me op dat Jelle weinig intonatie in zijn stem had. Maar dat komt vast doordat ik neutrale nieuwsbrengers ben ontwend. Neem nou Philip Freriks, die toevallig vanavond ook op de buis was, maar dan niet om het nieuws te lezen. Toen hij dat nog wel deed, hoorde ik soms met plaatsvervangende schaamte hoe de grootste rampen bijna enthousiast werden gebracht: 'Het dodental blijkt inmiddels te zijn opgelopen tot wel honderdvijftig'. Alsof het om een klassement in de Tour ging!

Maar alles went. Dus als Jelle op neutrale toon vertelt dat er niemand is aan wie hij kan vragen over de opstand en slachting van 2002 in Gujarat, 'Behalve aan die koe daar', dan moet ik 'terugwennen'. Al kijkend vroeg ik me af of er destijds van die onlusten hier iets op het nieuws was geweest. Kan me er niets van herinneren. Misschien waren we hier druk doende met het nog verse 9/11 en daaropvolgende oorlogen. Of nee, toen daar een politicus werd vermoord. Ene Ehsan Jutri om precies te zijn, en met hem nog honderden anderen omkwamen bij brandstichtingen in de moslimwijk, waren wij druk met onze eigen politieke moord. Op Pim Fortuyn.

Genoeg getreurd. Jelle bracht ook goed nieuws. Over dat in India steeds meer vieze dieselgeneratoren plaatsmaken voor zonnecellen en windmolens. Omdat dat goedkoper is. Dat dankzij de beheersing van het Engels er vanuit India mensen worden gebeld. Van de VS tot Australië. En dan niet alleen wanbetalers waar achteraan moet worden gebeld. Nee, er kwam ook een vrouw aan het woord die blij vertelde dat ze in opdracht van een Australische man uit de bouw, een Japanse dame voor hem op internet had opgesnord. Waarbij ze zich, tot het moment van contact leggen, voordeed als de Australiër. Andere vrouwen verdienen geld met 'rent-a-whomp', als draagmoeder. Of mannen staan twaalf uur per dag met hun voeten in het waswater lakens op de rand van een bassin schoon te slaan. Om bijvoorbeeld geleend geld voor de bruiloft van een zus terug te betalen.

De wereld is groot. In India bouwt men windmolens, zoekt men huwelijkskandidaten voor westerlingen of is men op zoek naar gerechtigheid na opstanden die, onder het toeziend oog van de politie, inmiddels al meer dan twaalf jaar geleden plaatshadden. Zo zei een spijtoptant bij diezelfde politie.

'Het individu is de kleinste minderheid. Een volwaardige democratie beschermt ook diens recht op vrijheid.' Zoiets zei hij. Ik vond het mooi gezegd.

Daar dacht ik aan.
Toen ik in mijn mailbox las:


Lehti, de gereedschappen uit de nalatenschap van Z. staan voor je gereed.  

zondag 19 juli 2015

Onder de trein streetballen


Begrijp me niet verkeerd. Ik ben gek op Groningen. Ik hou van het kletspraatje op de markt, het wachten voor de vele open bruggen of omrijden voor het zoveelste stuk ringweg dat op de schop gaat. Van de vleermuizen achter huis en landmuizen in huis. Van de Grote markt, het Overwinningsplein, de Dondersgang en Kleine Snor. Van de vele festivals waarvan de beat verraad waar ze plaatsvinden.  Maar sommige dingen vind je nu eenmaal alleen in Amsterdam.




Wat dacht je bijvoorbeeld van een streetbasketbaltoernooi onder een station. Of, nog gekker, óver een vierbaansweg ónder een voetbalsstadion doorrijden? Allemaal daar bij de ArenA. Met twee hoofdletters A. Dat had iets te maken met het bezet zijn van 'de Arena'. Zoals hier gespeld. Maar eigenlijk is het gewoon Bijlmer, hoor. Wat op haar beurt dan weer last heeft van een plakkerig slecht imago.

Soms waan je je even in Buenos Aires, in die voetbalgekke wijk la Boca, die ooit vooral bekend stond om de hoerenkasten en nu toeristische trekpleister is en bakermat van de tango. Het kan verkeren. Maar de associatie van dit stukje Bijlmer -Zuid-Oost van mijn part- met la Boca had ik vooral vanwege de gevels, waar je boven al die kleurtjes de thuisbasis van Ajax kan ontwaren.





Of wat dacht je van zwemmen in die wereldberoemde rivier waar de stad naar werd vernoemd? Zomaar tussen de bootjes. Of een fiets die in de zon verandert in een huis. Of fietsen op een boot die een huis blijkt en waar fietsen verboden zijn. Of tussen de Hispaniola's en Italiani in de metro naar Gein rijden. Alles kan, daar in Amsterdam.

Waar ik gister vertoefde met zes jongens. Zij sporten en ik keek. En was hun chauffeuse. Ik reed ze zelfs naar het strand. Nee, dat was nou weer niet in Mokum. Maar in het Friese land. In Lemmer om precies te zijn. Waar de zon zakte en de frieten smaakten.

Zes opeengepakte Groningse sardientjes zongen op de terugreis 'Een hele mooie dag'.
En dat was het.

Dag Amsterdam, dag Friesland, wij zijn weer fijn terug in Groningen.
Waar vissen uit de lucht vallen. Met slakken.

Weer 's wat anders dan kat met muis in huis.
En ook best bijzonder toch?













maandag 13 juli 2015

Dat mag niet van mijn bewindvoerder

'Mevrouw, mevrouw!'
Tot mijn verbazing heeft de vrouw die me na het afrekenen achterna loopt lege handen.
Een door mij vergeten pakje boter was dus niet de reden om mijn aandacht te willen.
'Meende u dat? Wat u daarnet zei?'


Verward probeer ik terug te halen wat ik er even te voren, wachtend in de rij, uitflapte. Het thuis vergeten boodschappenlijstje zoemt meer door mijn hoofd. En of het droog zal blijven bij de BBQ en of ik de container van de buurvrouw al buiten zette en of ik genoeg stokbrood heb. . . .


'O, dát! Ja, natuurlijk! U kunt 'm zo van me krijgen. Anders gaat ie toch weg. Ik wacht wel even totdat u klaar bent met afrekenen. Of ik vraag aan mijn kinderen om 'm even bij u in de bus te doen.'
'Nee, dat is niet nodig. Ik heb verder niks nodig. Ik loop wel even met u mee. Als u dat tenminste niet eng vindt.'

Wachtend in de rij bij de super, had ik vanuit mijn ooghoek haar beteuterde gezicht bij de lege krantenbakken gezien. Impulsief bood ik haar mijn krant aan. Ze had schaapachtig teruggekeken met een blik van: 'Wat mot dat mens?' Schuchter had ik mijn boodschappen gepind en het was het voorval acuut vergeten. Maar zij niet.

Zodra we mijn tuin binnenstappen steekt Leo (14) haar met een stralende lach zijn uitgestoken hand toe. Kees (11) blijft verdiept in zijn boek en het ronddartelende vriendje helpt me met de boodschappen. Met het stokbrood nog onder mijn arm vis ik de Trouw van de bank. Dankbaar en vol ongeloof loopt ze met haar krant in haar hand richting huis.

Vier uur later zijn de gasten naar huis, de jongens in bed en is de barbecue gedoofd. De kat komt thuis met een muis. Terwijl ik in het schemerduister de broccoli en sla van het oprukkende slakkenleger red. Dat zich bijna onhoorbaar tegoed doet aan mijn verse groente. Ik denk aan wat ze zei. Toen we, zij lopend en ik met de fiets aan de hand, naar mijn huis wandelden. Haar ouders lazen altijd twee kranten. Konden zich dat veroorloven. Ook zelf leest ze hem graag. Vooral in het weekend. Soms krijgt ze er eentje cadeau in de stad. Zegt dan altijd eerlijk naar die jongelui, dat ze echt geen abonnement neemt, hoe graag ze het ook zou willen. En ze twijfelt of ze dan ook de echte reden moet noemen:
Dat het niet mag.
Van haar bewindvoerder.

Griekenland op wijkniveau.














zondag 28 juni 2015

Verbesser de wereld

Mijn verslaafde buurman zegt dat ik best wat besjes van zijn struik mag plukken, mits ik er ook wat voor hem aan laat zitten. Ik hoop dat mijn aardbeienjam er wat dikker van wordt. Hij tipt me ook over een plek in de aangrenzende Vinex-wijk. Daar zouden ooit bessenstruiken zijn geplant voor bewoners, maar er wordt weinig mee gedaan.

Terwijl Kees zich met zijn leesboek in de tuin installeert, spel ik intussen de Trouw. Geen spoor van Ewalds Engelen onheilstijding en zijn verbazing dat mensen het nog pikken. Wel een reportage over het Groningse Carex. 'Leegstand is nergens goed voor'. Een jong stel woont met hun tweelingbaby's in een boerderij in Ten Boer, een andere vrouw in een gymzaal, kompleet met ringen nog aan het plafond. Ook over en ander mooi initiatief, microscopen voor kinderen uit derde wereldlanden, wordt bericht. Deze zogenaamde Foldscope kost een euro per stuk, is van karton, opvouwbaar en goedkoop te versturen. Ook handig bij het opsporen van bijvoorbeeld malariaparasieten.

Ja, kijk Freek en Ewald, er gebeurt wel wat, maar misschien niet door te schreeuwen en te schoppen tegen 'het systeem'. Whatever that might be. Maar gewoon, door te zorgen voor betaalbare huizen en gezondheid, voor de gewone man en vrouw. Ver weg en dichtbij. Basic. Praktisch.


Er belt een vriendje van Kees (11). Zijn moeder gaat naar het Rapaljefestival. Hij heeft geen zin om mee te gaan. Kan hij misschien hier spelen? Van spelen komt eten en van eten komt slapen. Na het eten haal ik Leo (14) op van zijn sporttoernooi, onder de rook van Rapalje in het Stadpark. Terwijl hij zijn draadjesvlees naar binnen lepelt, vraagt hij of de radio zachter mag. Maar het is de buurman in een melancholische bui. We genieten mee met Hazes' 'Kleine jongen' en 'Geef me je hand'. Kees is intussen achter zijn boek in slaap gevallen op de bank. Het vriendje vraagt of ie hem moet 'Wakker maken om te gaan slapen

Als we in de eerste brandende zon van het jaar de jam bij elkaar plukken in de getipte bosjes, hoor ik menig motorrijder genieten bij het naast gelegen stoplicht. Achterop bij mijn toenmalige lief drukte ik me vorige zomer op dezelfde plek tegen hem aan, als hij, ten teken van een aankomend grommend optrekken, zijn hand op mijn dij duwde.

Als de bakjes vol bessen zijn, fietsen we langs het Eemskanaal weer terug. Bij de Ruischerbrug staan enorme kranen stukken brug te takelen. Naast een paar belangstellenden lijkt ook boeddha haar zegen te geven aan het herstel van de verbinding met de haringkar aan de overkant. Maar misschien is die intussen al failliet. Na een jaar te zijn afgesloten van de rest van Groningen. Of misschien heeft Minoes via Carex haar intrek genomen in de kar.



Thuis haal ik de tweede krant uit de bus. Dit tijdelijke extra papier dank ik aan mijn ouders, die nu op hun bijna tachtigste genieten van een zonnige kampeervakantie. Op de voorpagina van de NRC staat een met bloed besmeurde sudokupuzzel. Met daarnaast een paar sandalen. Ik kijk naar beneden en zie dezelfde sandalen aan mijn eigen voeten.


In het schemerdonker stoor ik een paar slakken terwijl ze zich tegoed doen aan mijn malse botersla. De wassende maan kijkt met bedenkelijke blik naar mijn schoongeveegd stoepje. Ver weg hoor ik het vuurwerk van Rapalje. Ik mors bessenjam op mijn tenen.

Terwijl ik dit typ klikt op het aanrecht een deksel van de afkoelende jam.  

vrijdag 12 juni 2015

Toiletten te Zanjan

‘Welcome to the Islamic republic of Iran’, staat op kolossale borden langs de snelweg naast reclame voor westerse automerken. Zwager Karim rijdt hard. Op de achterbank zitten Zohra en ik ingebouwd tussen koffers met Wibrakleren en paaseieren. De kleutertweeling klimt over ons heen en zo rijden we met ons zessen met honderdtachtig kilometer per uur noordwaarts. In de verte gloort Teheran. We zullen er niet heen gaan.

Om een uur of vier ‘s morgens wordt er getankt en houden we plaspauze in de buurt van Zanjan. Alles is nieuw, ik kan niks lezen, ik kan niks zeggen en ook nog niks kopen. Ik loop een brede trap op naar een bunker vol onleesbare graffiti die doorgaat voor sanitaire voorziening. Binnen zijn er wastafels met zeep en er zijn zelfs wat smoezelige spiegels. Ik heb nu de keus uit drie ijzeren deuren en ben gewapend met toiletpapier. Er kan weinig misgaan.

Ik duw voorzichtig de meest linkse deur wat verder open. De stront loopt me niet tegemoet, maar ik schrik. Daar zit een gehurkte dame. Ze ziet me gelukkig niet. Bij de tweede deur gebeurt hetzelfde. Maar deze dame ziet me wèl en als ik de krakende deur weer wil sluiten, rennen er drie vrouwen, gillend, met de hand voor hun mond, langs me heen naar buiten. Ik mompel nog ‘I’m sorry’, maar het mag niet baten.

Mijn eerste kennismaking met het land van de beroemde vorsten Xerxes en Darius, vindt plaats op een hurkwc! Buiten werkt mijn verhaal op de lachspieren van mijn reisgenoten. Ik krijg het advies voortaan even te kuchen voordat ik ergens binnenga.

We knabbelen kaas van de Groninger markt en delen de laatste appel. De kille ochtend toont de eerste silhouetten van de bergen aan de horizon. De lucht is droog.

maandag 8 juni 2015

'Ik wist niet dat vrouwen dat ook konden'

Twee logjes met hetzelfde thema. Da's eigenlijk niet mijn ding. Maar vooruit, het is voor de goede zaak. En het was ook niet erg aardig om Frank en Jelle met een omweg als vrouwonvriendelijk neer te zetten. Zij kunnen het per slot ook niet helpen dat ze wit zijn. En man.
Het lag meer aan de organisatie, bij wie het waarschijnlijk geen prioriteit had om wat meer kleur en vrouw in de kerk te vragen. Hoe het ook zij, gedurende 'De nacht van de geschiedenis' zat ik op het puntje van mijn stoel (en in de nok van de kerk). Waarvoor dank, Diskursi. Wilde alleen even kwijt dat vrouwen dat ook kunnen. Ook iets met rolmodel, weet je wel.

Even voor de duidelijkheid. Ik niet hoor. Met een jaartje geschiedenis studeren word ik niet opeens een begenadigd wetenschapper of spreker. "Gezegend is hij die god vreest.", was hetgeen ik zelf eens zei bij mijn primeur bij het spreken in een kerk. Doe dan maar een man, nietwaar? Maar rolmodel is misschien wel wat voor mij. Zo viel me vandaag de opmerking uit de titel ten deel. Ik verstond het eerst niet. Maar de jongeman stond stil dus deed ik de schuurmachine even uit. En zei hij het nog eens. Eigenlijk zou ik er een lijstje van moeten maken. Van de opmerkingen die ik krijg. Gelukkig vind niet iedereen 'dat ik eigenlijk een rokje aanmoet op de steiger. Het meest gehoord is nog altijd: "Goh, dat zie je niet vaak een vrouwelijke schilder/ timmerman/ loodgieter." En daar hebben ze vast gelijk in.


Hoewel mijn eveneens vrouwelijke collega me vrijdag in paniek opbelde. Ze had zojuist een waterleiding doorboord. Kan gebeuren. Gebeurde mij ook al eens (hoewel het mijn stagiair was. Maar ja, ik had gezegd waar het gat moest.). Het lek zat in een plafond. Diep. Dichtbij een meterkast. Best wel kut. Of kutten, zo je wilt. Goed, plan de campagne. Peptalk. Zo gaan die dingen. Bij vrouwen. Ik liet haar met goede moed achter en ging zelf terug naar naar mijn eigen klus. Slot plaatsen in een -voor een vrouw veel te zware- nieuwe deur. Ik sloot de dag om zes uur af met het overhandigen van de nieuwe sleutels. Waarop de klant in kwestie me blij zei: 'Ik ben altijd tevreden over het werk dat je aflevert'. Ook fijn om te weten.


Er blijft alleen wel een dingetje waar vrouwen schijnbaar minder goed in zijn: het op waarde schatten van hun werk, er (genoeg) geld voor vragen. Zo loop ik zelf al een paar weken achter in het uitschrijven van rekeningen. Best wel dom. Maar toen ik vanavond om acht uur net mijn pannetje met weeskindje had opgewarmd, ging de bel. Wie kon dat zijn? Sinds ik in een buitenwijk woon, komen er nog zelden mensen zomaar aanwaaien. Het was een man. Hij kwam me geld brengen en me bedanken voor mijn hulp bij het herstellen van zijn hek. Waar hij nog geen rekening voor had gekregen.

Da's toch fijn.
Dat een man dat kan.

zaterdag 30 mei 2015

De middeleeuwen. Want Ankersmit en Brandt Corstius

Frank Ankersmit haalde beroemde werken van Jan Romein aan. Met mooie bruggetjes naar hedendaags populisme en Dijsselbloem, betoogde hij dat de gangbare indeling in tijdvakken onjuist was. Hij zette uiteen waarom de democratie zoals wij die nu kennen tijdelijk is. De rol van de volksvertegenwoordiging zou vergelijkbaar zijn met een advocaat die tijdens een rechtszaak zich tevens de rol van rechter aanmeet. Hij voorzag een terugkeer naar de middeleeuwen.

De spreker na hem, Mattias Gijsbertsen vertelde over koningin Wilhelmina. Zij zag in de tweede wereldoorlog haar kans schoon om zonder bemoeienis van een Tweede Kamer haar eigen beslissingen te nemen. Ook in de regering de Geer had ze weinig vertrouwen. En dat was zacht uitgedrukt, zo zei de Groninger politicus bij wie het portret van de vorstin aan de muur op zijn werkkamer hing.

Met een rode helm onder mijn arm overdacht ik de woorden van Ankersmit en Gijsbertsen. Docent en student. Emeritus hoogleraar en wethouder van Groen-Links. Bijna dertig meter onder mij zag ik het podium waar Ankersmit met zijn heen weer zwaaiende vinger had gesproken. Ik keek door het gat in de hemel van de A-kerk, dat de kleinzoon van de koster, Harry de Munck, voor deze gelegenheid -'De nacht van de geschiedenis'- even had geopend. Mijn helm viel niet naar beneden.

De Munck vertelde met zijn volle stem hoe hij als klein jochie in deze kerk had leren lopen en fietsen. Over zijn vriendjes met wie hij in deze gewelven met duiveneieren gooide. Hoe vier gloeiende potkachels met cokes de kerk met twaalfhonderd gelovigen moesten droog stoken. Over vleermuizen, koninklijk bezoek en de te Aduard gebakken kloostermoppen waar het zout tot op heden uitsloeg. Engelse piloten en Duitse soldaten waren er in deze kerk geweest. In de Franse tijd hadden katholieke paarden er op protestantse graven gescheten. En voor de reformatie (de donkere middeleeuwen hadden we volgens Ankersmit toen al eeuwen achter ons gelaten) had men de heilige maagd Maria door de open hemel laten neerdalen in de kerk. De Munck had meer verhalen dan de tijd ons toeliet. 'We moeten weer naar beneden' zei hij, 'anders krijg ik ruzie met Brandt Corstius'. Vervolgens sloot hij de hemel.

Jelle Brandt Corstius, die als publiekstrekker op het entreebewijs prijkte, nam na de pauze plaats achter het katheder. Hij sprak over het onbestaande land Gaugazie, over als bevrijders geëerde SS-ers in Letland en propagandabedrijven vol studenten die zich als Russisch bouwvakker of andere willekeurig alter ego op social media begaven. Als opstapje naar de nieuwe tv-serie over Oost-Europa vertelde hij over de 'bedachte' onafhankelijkheidsdag van Kazachstan en over Loekasjenko, die opeens de noodzaak zag om de eigen, Wit-Russische taal op scholen te onderwijzen. Het zouden reacties zijn op Ruslands bemoeienis in Oekraïne. En hoewel Jelle als Ruslandkenner voor een bredere, minder vooringenomen berichtgeving over Rusland pleitte, droeg zijn duiding van het nieuws daar niet echt aan bij.

In de Russische geschiedschrijving hebben de goelags nu nog slechts een marginale rol. 'Goelagje spelen' schijnt er dan weer wel te kunnen. In Moskou kun je voor de ontspanning, of zo je wilt, het 'entertainment', naar een dergelijke club gaan. Bij binnenkomst blaffen honden je toe en wordt je gefouilleerd. Eenmaal binnen wordt je vergast op ratten onder een glazen vloer en om middernacht zijn er twee heuse 'nep-executies'. Alsof wij het weekend inluiden door te gaan swingen in club 'Bergen-Belsen'.

Stefan van der Poel sprak als laatste. Alvorens aan zijn van citaten wemelende lezing over de Joodse gemeenschap in Groningen te beginnen, merkte hij op dat men 'hier kennelijk niet van Joden houdt'. Hij doelde op het weglopend publiek.

Het kon niet.
Die opmerking.
Eigenlijk kon het niet.

Misschien mag wat ik nadien dacht ook niet schrijven.
Maar Ankersmit had gelijk.
We keren terug naar de middeleeuwen.
De tekenen zijn tastbaar.

Acht sprekers waren er tijdens deze nacht van de geschiedenis.
Allemaal hadden ze interessante invalshoeken. Ze hielden mooie betogen. Ik hing aan hun lippen.
Maar ze waren allemaal blank.
En ze waren allen man.
Alle acht.  

(over framing, beeldvorming en identiteit gesproken)

Men houdt hier kennelijk niet van vrouwen.


























Zowel een hoogleraar geschiedenis als een Groningse wethouder maken deel uit van mijn klantenkring. Als timmervrouw. Maar ik vrees daarmee geen geschiedenis te schrijven.

zaterdag 23 mei 2015

Natuurrampen bouwen in Groningen


"Natuurramp!" Dat riep hij. Net nadat ik vanaf de brug een foto van het werk maakte waar hij, maar op dat moment meer zijn collega, mee bezig was.

Ik stond op de noodbrug boven hen. Zij bouwden aan de echte. Eén van de nieuwe bruggen over de oostelijke ringweg. Gelijkvloerse kruisingen met stoplichten verdwijnen en ook fietsers krijgen meer luxe richting stad. Daar is tegenwoordig geld voor. Had meen ik iets te maken met een trein naar het westen die er niet kwam. Als troost mocht het geld worden geïnvesteerd in andere infrastructuur. Je hoeft ook niet altijd westwaarts. Doorstroming naar en rond de stad is ook best belangrijk.

Eerst verstond ik hem niet. Of, wat waarschijnlijker is, omdat me dat vaker gebeurt, ik was niet bedacht op zulke joligheid. Hij riep het nu harder: "Je maakt een foto van een natuurramp!" Toen viel het kwartje. Hij doelde op zijn collega. Grapje. Ha ha.

Ben ik er niet vatbaar voor? te serieus? of ben ik, als elitair anti-autoritair opgevoed wicht uit het westen van het land toch te veel de fatsoensrakker waar een Amsterdammer me eens voor uitmaakte?


De nieuwe bruggen hebben geen middenpoot meer. De halve ovalen die vier rijstroken overspannen zijn vast beter bestand tegen aardbevingen dan het prestigieuze Forum. Dat daarom deels weer moet worden afgebroken. Zo las ik gister. Arme bouwers. Ze hadden net de bekisting van het beton van de eerste verdieping verwijderd.

De brug van steigerbuizen waar ik op sta, was in het Dagblad van het Noorden onlangs tot 'herriebrug' gedoopt. Best jammer dat er deze week geen drieduizend wandelvierdagers overheen mochten stampen. Inmiddels zijn er rubbermatten op gelegd, vastgesjord met spanbanden.


"Het wordt mooi hoor!" schreeuwde ik terug naar meneer Natuurramp en zijn collega's en fietste gauw weer weg. Gister schalde Ede Staal (sommigen menen dat dit nummer van Jacques Brel is) door hun radio. En maakte ik opnieuw foto's. Stiekem. Snel. Straks maken ze weer grapjes. Weet ik weer niet wat ik moet zeggen. Gelukkig hangen er webcams. Zo kan ik de vorderingen thuis volgen.



Maar op zaterdag 13 juni, op de dag van de bouw, kunnen we weer met eigen ogen genieten wat er zoal gemaakt wordt. Vorig jaar stelde mijn toen nog tienjarige ingewikkelde vragen aan de bouwers, staand op de restanten van de oude Noordzeebrug. Als we er nu overheen rijden, weet hij welke krachten de pijlers er onder aankunnen.

Dit jaar is de Sontbrug open voor publiek, die achter Ikea wordt gebouwd. En in Middelstum kun je kijken hoe de kerk wordt beschermd tegen toekomstige natuurrampen. Die in Groningen weinig met natuur te maken hebben.
Ha ha. Grapje.

Mocht u niks met Groningen hebben, de Noord-Zuidlijn, die zich beperkt tot (verzakkingen in) de hoofdstad, is op de dag van de bouw ook weer open voor publiek.

zaterdag 9 mei 2015

De penis van google

Natuurlijk weet ik dat het inchecken, boarden, scannen van mijn Oysterkaart en pinnen van Chinese souvenirs in Oxfordstreet allemaal kostbare informatie oplevert. Waar ik ben, mijn koopgedrag en, aan de hand daarvan waarschijnlijk ook mijn hormooncyclus, is overal in digitopolis bekend. Nergens hangen zoveel camera’s als in de hoofdstad van Groot-Brittannië en mijn smartphone wordt ongevraagd geüpdate. Het is een gegeven waar ik me als gebruiker bij neerleg.

Toch was ik verbaasd om vanmorgen in mijn mailbox de melding te vinden dat ‘het verhaal van Lehti Paul’ klaar was en kon worden bekeken. En dat betrof niet het logje van gister. Het idee dat ik zelf tenminste nog de hand heb in hetgeen ik produceer; een gesprek, een tekening of een verhaal, is kennelijk een illusie.

Toegegeven, het was wat ouderwets om gisteren een serie foto's per mail naar mijn tweede account te sturen, te downloaden en op het blog zetten. Dat kon vast stukken efficiënter. Maar het is mij een raadsel waarom google hier vervolgens een eigen verhaal van maakt met achtergrond, indeling en zelfs de locatie er voor het gemak aan toevoegt? Die ik zelf geen enkele keer noemde, zelfs niet in de titel van de mails! Ook een header van de 'Tower bridge by night' ontbreekt niet. Het leek google vast attent om deze foto, die ik niet zelf maakte, er bij te doen. Zonder mijn toestemming iets in elkaar fietsen van mijn eigen foto’s en dan een uitnodiging sturen om het te lezen. Amazing.

Tot nog toe hield ik me verre van facebook, maar googleplus heeft me rechts ingehaald. Dat heb je soms zo in Engeland. Het zijn gek genoeg vooral foto’s die het logje gister niet haalden. Google moet kennelijk nog wat 'finetunen' in het doorgronden van mijn grillige smaak.

Maar er is hoop. Cameron mag dan geen kaas hebben gegeten van de digitale wereld en haar (on) mogelijkheden. Binnenkort wordt het bij Android mogelijk om bij elke app aan te geven of je toegang geeft tot de rest van de info op je telefoon. Iets wat nu, met het aanvaarden van de algemene voorwaarden, nog automatisch gaat.

Ach, het is allemaal zo logisch. In ruil voor gratis gebruik van allerlei speeltjes om eindeloos mee op het scherm te vingeren, zetten wij de deuren naar onze denkwijze, dagboeken en privé foto's wijd open. Voor niets gaat de zon op.

Maar er is meer. Ik ging zojuist langs bij een klant voor een nieuwe klus (ik kan de onwetende lezer hier nog van alles wijsmaken, Google weet inmiddels al lang of ik gister ook stoute speeltjes bestelde). En daar stond, pal voor de deur, een wel erg grote, ingepakte fallus.

Handig hoor. Binnenkort wordt ik, mijn bus, gereedschap en de nieuwe schutting die ik maandag ga plaatsen, allemaal online gezet. Hoef ik straks alleen nog maar naar streetview te verwijzen voor een portfolio van mijn werk.




Dear Cameron, it was a tiring but wonderful campaign

















zondag 26 april 2015

Over de flex en het gebed

Woensdagmiddag zat ik op mijn knieën op een trap. Met de haakse slijper. Buiten. Er drentelden wat mensen in de buurt. Een paar rokers, een vrouw die twee keukenmedewerkers een uitbrander gaf, mensen die kennelijk bij het hotel hoorden waar ik een traptrede vergrootte. Want de bovenste tree naar het net verbouwde souterrain was zo krap dat bezoekers er dreigden naar beneden te kukelen. "Wanneer kan ik de nieuwe gasten inchecken?" vroeg de balieman aan de uitbater. "Nu", luidde het antwoord.

Ik schoof mijn gereedschap aan de kant, goot het gietertje water, dat klaarstond om de slijpschijf te koelen over de bestofte treden en nodigde de gasten breed lachend uit. Hun maagdelijk witte schoentjes zetten ze voorzichtig op de droge straatklinkers die ik had neergelegd zodat ze geen drek mee naar binnen zouden lopen. In mijn beste Engels zei ik hen ook dat, als ze weer naar buiten wilden, even op het raam moesten kloppen, of zwaaien. Ik kon ze namelijk niet horen, en wees op mijn gehoorbescherming. Volgens de balieman zou dat niet nodig zijn. De gasten wilden, na hun reis uit Saoedi-Arabië, vast vooral slapen.

Saoedi-Arabië.
Juistja.
Gniffelend zette ik mijn werk voort. Die arme jongens uit het land van Mekka en Medina, waar vrouwen niet bekwaam of sterk of weerbaar genoeg worden geacht om zonder begeleiding auto te rijden, moesten zich nu langs een bezwete stratenmaakster wurmen. En straks, als ze hun keurige appartement wilden verlaten, moesten ze eerst wenken naar een bestoft bouwvakkersdecolleté.

Klop klop klop, "Excuse me, could you tell me where the North is?"
Met een blik op de grijze hemel haalde ik mijn schouders op. Die inmiddels ook al aardig grijs waren. De hotelbaas bracht opheldering en legde zijn I-phone op een van de terrastafeltjes. Prachtig digitaal kompas. Ik excuseerde me voor de herrie, zei dat het niet erg lang meer duurde. "No no, it's no problem, we have to pray five times a day". En zo verdween de mooie Arabier weer langs de dame in zijn souterrain.

dinsdag 14 april 2015

Een ultrakorte relatie

'Lokaal van leraar X vol wierook gezet.'
'De geraniums van Y uit het raam gegooid.'
'De deuropener gesaboteerd zodat je bij te laat komen toch naar binnen kon.' 

Drie willekeurige teksten op de biechtmuur in het 'sentimentlokaal'. Veel losse foto's en enkele albums liggen er verspreid op tafels. Deze zaterdag werd het vijfenzestigjarig bestaan van mijn middelbare school gevierd. De biecht 'laxeermiddel in koffie van leraar' komt zo vaak voorbij, dat het hele personeelsbestand aan de schijterij moet zijn geweest. Maar misschien waren het slechts enkelen die het moesten ontgelden. Of is het grootspraak. Net als 'Geblowd/ gedronken in de klas (met leraren)' of 'Seks gehad in de invalidentoilet'. Eén bekentenis geloof ik echter direct. 'Ik heb een ultra korte relatie gehad met leraar X.' De leraar in kwestie wordt met voor- en achternaam genoemd. Ook de ondertekenaar is niet anoniem.

Het maakt de tongen los van een paar meisjes, pardon, vrouwen, die er omheen staan. Ze hebben soortgelijke ervaringen. Met deze leraar. En met een andere. 'Kijk, daar heb je de viezerik' vang ik op, terwijl ze een foto uit de stapel pakken. 'Ja man, die is nog met ons op kamp geweest. En toen ging dat de hele avond door, ging hij alle tentjes af.' Ik begrijp dat één van de leraren met de stille trom van school vertrok. Waarom is mij niet duidelijk.

Een schoolgenootje van me vertelt dat de docent van de 'ultrakorte relatie' graag haar voeten masseerde. Het bleef niet bij haar voeten. Later, in de kantine, praat ik lange tijd met een jongen waar ik vroeger mee op het toneel stond. Een toneelstuk dat, zoals elk jaar, werd geschreven en geregisseerd door de voetenmasseur. In een pauzemoment van één van de repetities zoende hij ook mij. Niet in het invalidentoilet of op zijn kamer, maar op de gang. Het was nat en openbaar en toch in het donker. Maar dat bedenk ik me nu pas.

Een oud-schoolgenoot, die net als ik de school ooit zonder diploma verliet, geeft er nu zelf les. De 'biecht' verbaast haar niet. De masseur-regisseur-ultrakorterelatie-docent had ook haar geprobeerd te zoenen. Het klasgenootje met wie ik hierna praat heeft tijdens het zeilkamp -hij kon wel in het bed boven haar- dezelfde leraar van zich weggeduwd. En ze vertelt meer. Ik vraag me hardop af waarom zij, of iemand anders er toen niks over zei naar anderen. 'Ach', antwoordt ze, 'hij had toch openlijk een relatie met G.? Kennelijk was het gewoon'. Andere tijden.

Wat ik zelf ervoer toen deze leraar me zoende? Of ik het fijn of vies vond? Of ik er bang of opgewonden van werd? Ik weet het me niet te herinneren. Hij was mentor van de klas van mijn zus, en later van mij. Hij ging mee op kamp en kwam ook in mijn ouderlijk huis over de vloer bij het klassenfeest. Als prille brugpieper volgde ik bij hem lessen drama.

Mijn middelbare schooltijd was voor mij een verademing. Ik werd niet meer gepest. Ik kon eindelijk mezelf zijn. Iedereen mocht er zichzelf zijn. Misschien gold dat ook voor leraren. Of dachten sommigen dat 'zoenen' of 'lichamelijke verkenning' tot de algemene ontwikkeling behoorde. En vonden jonge docenten dat een meisje beter met een ervaren man kon oefenen dan met een nerveuze, pukkelige puber.

Anno 2015 is het dokter Corrie die ons op de buis vertelt hoe je zoiets aanpakt. Haar gastzoener, pardon, -spreker, Alexander Pechtold legt uit dat je dames best het initiatief mag laten nemen. Helaas zijn de video's hiervan online niet meer beschikbaar. Het protest van ouders tegen haar seksuele voorlichting op tv is nu groter dan anno 1985 tegen docenten die 'praktijkonderwijs' bedreven. Zou het meisje dat Pechtold als puber zoende eerst met een ouderling op school of in de kerk hebben geoefend? Of hij zelf?

Deze week schreef Theodoor Holman dat op zijn middelbare school bijna ALLE leraren onder de 35 een geheime verhouding hadden met een leerling. En dat hij daar wel eens jaloers op was. De column laat in het midden of Holman die jaloezie als brugpieper of docent ervoer. Andersom denk ik nu dat er op mijn school bijna geen meisjes waren bij wie de voetenmasseur-regisseur het niet probeerde.

Hij schrijft nu boeken en vertelt op de radio. Onder andere over hoe gebeurtenissen uit je jeugd kunnen doorwerken in je verdere leven. Op de reünie heb ik hem niet gezien.

Ben benieuwd wat de biechtmuur ons in 2020 onthult.

donderdag 2 april 2015

Armeense paella uit Assen

Begin jaren zestig woont er in Istanbul een avontuurlijke jongen van achttien jaar. Hij voelt er niks voor om het ambacht van zijn vader over te nemen en kiest het ruime sop richting Nederland. Hij belandt uiteindelijk in Drenthe en wordt daar postbode. 

Z. kent Istanbul als zijn broekzak, zwierf er rond als kind. Toen ik er in 2009 met mijn ouders en zus op vakantie ging, gaf hij me van te voren Turkse les. Die woorden ben ik vergeten. Zijn familieverhaal niet.

Als het over minderheden in Turkije gaat, gaat het vaak over de genocide op Armeniërs die geen genocide mag heten. Tv-kijkers die gister afstemden op Pauw, konden zien hoe de gemoederen daarover nog steeds hoog oplopen. Soms hoor je iets over het uitbannen van Grieken uit Turkije en andersom. Onlangs nog in de documentaire 'bloedbroeders'. De gruwelijkheden, nationaliseringen, volksverhuizingen zouden zich louter begin vorige eeuw hebben afgespeeld. Dat de verturksing nog ver na de tweede wereldoorlog doorging, wordt vaak vergeten.

De vader van Z. ondervond als Armeniër de Turkse razzia's aan den lijve. Hij vluchtte, verstopte zich en verturkste zijn achternaam. Zijn moeder was een Griekse. Voor een Turkse jongen met Grieks en Armeens bloed, was Nederland vast een verademing. Hoewel Z. in doen en laten wel een echte Griek lijkt. Luid sprekend, besnord, harde lach, bromstem, handelaar, drankje, sigaretje, uitgesproken mening en vooral: lekker koken en eten. Ook toen hij alleen bleef.

Zijn vrouw, zijn maatje, verloor hij jong aan kanker. Als jonge weduwnaar voelde hij zich thuis bij de duikclub. Hij kookte voor de hele club, zijn paella werd geroemd. De laatste jaren ontvielen hem enkele vrienden. Het greep hem aan.

Hij hield ook van handeltjes. Vooral als daar geen fiscus mee te maken had. In de berging staat de zaagtafel die ik van hem kreeg. Ervoor betalen hoefde niet, maar een bonnetje kon hij zo nodig wel voor me regelen.

Het bootje dat hij kocht, doopte hij naar zijn overleden vrouw. Op een dag liet hij me haar zien. En naast zijn bootje troonde hij me ook mee naar een garage. Waar ik moest proefrijden in de bestelbus die hij op een trailer voor me had gespot. Hoewel het ding met achtduizend euro behoorlijk boven mijn budget lag, kreeg hij gelijk. Ik rij er nu acht jaar in.

De deuken en krassen die er inkwamen repareerde ik niet. Ook van binnen werd mijn auto een ongelooflijk bende. Hij vond het begrijpelijk, zei hij, want die auto was mijn werk, maar stiekem gruwde hij ervan. Want hij was erg netjes. Hij rookte tijdens het koken, maar legde oude kranten op de plavuizen tegen de oliespetters.

Daar vertelde ik over, toen ik hem opzocht op de Intensive care. Zijn blik was mat. Hij kon niet praten. Toen ik vroeg of hij er nog zin in had, schudde hij langzaam zijn hoofd.

"Vanmiddag om 13 u. is Z. heel rustig ingeslapen", las ik net op mijn display.
Ik liet een paar tranen, uit mijn van verkoudheid toch al waterige oogjes.


Morgen kan ik vast het juiste gereedschap weer eens niet vinden.


Met Pasen ruim ik de bus op. 
söz, խոստացել է, υποσχεθεί, beloofd.

woensdag 1 april 2015

Os, Zalm of Sein

Maxima spreekt deze week in Birma. Om de Birmezen aan het internetbankieren te krijgen. Nou ja, ‘bankieren’ zou al een eerste stap zijn. Want veel mensen in Birma (of moet het Myanmar zijn), doen alles nog met contant geld. Hebben geen bankrekening. En dat, zo zou onze koningin als speciale gezant van de VN verkondigen, was in geval van brand toch wel vervelend. Want dan was het geld weg. Bij een bank zou je geld veel veiliger zijn. Kreeg je er nog wat rente op ook (of zou ze zo’n laatste aanbeveling hebben ingeslikt?).

In Birma, zo hoorde ik op de radio, werd ook wel eens geïnvesteerd, belegd voor later. Maar dat doet men dan bijvoorbeeld door een os te kopen.

Een os.

Ik zie het voor me. Twee bejaarde Birmezen willen naar een verzorgingshuis (misschien moest Maxima dat ook maar gaan aanprijzen. Is hier intussen al passé) en komen bij de indicatiecommissie met hun os. Het panel van wijze vrouwen (weer ‘s wat anders dan Petrus) buigt zich over de voorwaarden. “Nee, u bent nog niet oud/ verschrompeld/ kreupel/ dement genoeg.” zegt de commissie streng, en zendt meneer en mevrouw San Suu Kyi henen met hun os (kent u een andere beroemdheid uit Birma waarvan u de naam kunt onthouden en uitspreken? Dan mag u vast aanschuiven bij de volgende VN delegatie). De echte Aung San Suu Kyi is trouwens erg ziek geweest. Het is de vraag of zij later kan aantreden bij het hoge bezoek.

Neen, dan hebben wij het hier beter geregeld. Mijn centjes staan op de bank. En dat van mijn minderjarige kindjes ook. O wacht, da’s niet helemaal waar. Kleine Kees vertrouwt de bank niet. En dus kreeg hij een heuse kluis voor zijn verjaardag. De sleutel verstopte hij in het kasteel dat mams waarschijnlijk in een onbewaakt moment naar de kringloopwinkel bracht. Nu weet Kees zeker dat zijn spaarcentjes voor later veilig zijn.
Er kan geen brand bij.
Hij zelf ook niet.
Zelfs Zalm neemt het niet mee naar de beurs.

Maar wie die Sein nu is, vraagt u?
Da’s de baas van Myanmar.
De eerste die democratisch werd gekozen.
Gister zette hij zijn handtekening onder een staakt het vuren. Na vijfenzestig jaar oorlog.
Sein is trouwens ook de baas van de krant.
Want die schijnen nog in handen van de staat.
En misschien is hij dan ook wel baas van de bank.
Net zoiets als ABN-AMRO.
Maar dat staat vast niet in de krant.
Anders kwam Maxima voor niks.